Ideetjeskunst

JONATHAN VAN HET REVE

Het lijkt gewoon een oor, maar het is gekweekt met dna van de achter-achter-achter-achterneef van Vincent van Gogh. Snapt u 'm? Van Gogh, een oor... leuk toch? Diemut Strebe, de kunstenares, heeft er jaren aan gewerkt. En met succes: het oor stond deze week in bijna alle kranten.

Je kunt van dit kunstwerk moeilijk zeggen dat een kind van 5 het ook had kunnen maken, want dan zou dat kind in een Harvard-laboratorium moeten werken. Maar des te pijnlijker is wat je er wel over kunt zeggen, namelijk dat een kind van 5 het had kunnen bedénken.

En dan is het kweek-oor nog een relatief doordacht idee, waarbij veel zorg en geld is besteed aan de uitwerking. Maar toen ik onlangs de Kunstvlaai bezocht - een alternatieve, niet-commerciële expositie, het andere uiterste dus - zag ik de ideetjeskunst ook daar volop bloeien.

Zo was er een uitvergroot stukje plattegrond waarop de straatnamen waren vervangen door de namen van rechtse politici. De Geert Wildersstraat en de Nigel Faragestraat kwamen uit op de Jörg Haidersgracht, de Marine Le Penstraat leidde naar het Populistische Plaza, et cetera. Niet mooi, niet verrassend, niet schokkend... gewoon, een ideetje. En zo ging het maar door: hier een 'concept', daar een 'twist', daar een 'knipoog'... allemaal ideetjes.

Waarom toch?

Volgens mij is het, ironisch genoeg, een gevolg van de eis dat kunst iets moet zéggen, iets moet betékenen. In plaats van gewoon mooie dingen te maken, moeten beeldende kunstenaars filosoferen en verhalen bedenken om hun maaksels officieel tot kunst te verheffen. Maar goede ideeën zijn nu eenmaal zeldzaam en dus werd op de Kunstvlaai bijvoorbeeld exotisch fruit in een Nederlandse boom gehangen om iets te zeggen over klimaatverandering.

Vroeger hielden kunstenaars heus ook wel van een geintje, een vrolijke trompe l'oeil bijvoorbeeld. Maar meesterschap gebruiken om onze zintuigen te betoveren, is nog iets anders dan lolligheid gebruiken om onze intelligentie te beledigen. Meesterschap speelt geen rol, je kunt ideetjeskunst navertellen zonder dat er iets verloren gaat en parodiëren zonder dat iemand het verschil ziet - dat zou toch te denken moeten geven.

Maar, ook weer ironisch: vanwege de anti-kunsthouding van de laatste paar kabinetten lijken kunstenaars zichzelf te zijn gaan zien als een bedreigde - en dus per definitie relevante - soort, en laten ze hun ideetjes juist extra vrijelijk stromen. Wie durft te zeggen dat het gebakken lucht is, moet wel een rechtse barbaar zijn en kan dus worden genegeerd. Het gevolg: de kunst groeit langzaam toe naar het clichébeeld dat 'de vijand' er al van had.

Alsof het allemaal nog niet lollig genoeg was, mocht bij de presentatie van het kweek-oor de beroemde taalkundige Noam Chomsky er een vraag in stellen. Waarom Van Gogh het afsneed, vroeg hij. Het oor zei niks terug, maar het antwoord is simpel: het leek hem op dat moment een goed idee.

Jonathan van het Reve op Twitter:

@JvhReve

undefined

Meer over