Reportage

Hussam, de Syriër in de storm van het Amerikaanse vluchtelingendebat

De regering wil laten zien dat Syrische vluchtelingen welkom zijn in de VS, dus daar staat Hussam al-Roustom. Nee, aanslagen is hij niet van plan.

Hussam Al-Roustoum (links) op een persconferentie in New Jersey, met Mahmoud Mahmoud van Church World Service. Beeld AFP
Hussam Al-Roustoum (links) op een persconferentie in New Jersey, met Mahmoud Mahmoud van Church World Service.Beeld AFP

Voor ons staat een dolle hond, volgens presidentskandidaat Ben Carson. Een verlegen dertiger in spijkerbroek en een soort schipperstrui, die zachtjes in het Arabisch antwoord geeft op de vragen van de tientallen journalisten voor hem. Ja, hij is blij hier te zijn. Nee, hij heeft geen terroristische plannen. 'We willen werken, we willen leven. We willen gewoon Amerikaanse dingen doen.'

Hussam al-Roustom is een Syrische vluchteling die het heeft gehaald. Amerika. Een van de weinigen, en misschien een van de laatsten. Sinds de aanslagen in Parijs proberen Amerikaanse politici de poort voor hen te sluiten - er zou maar een terrorist tussen zitten. Het gaat gepaard met ongekende retoriek. De leidende Republikeinse presidentskandidaat Donald Trump noemde de Syrische vluchtelingen 'het grootste paard van Troje aller tijden'. Het Huis van Afgevaardigden heeft een wet aangenomen, met steun van Democraten, om de Syriërs tegen te houden.

'Deprimerend', vindt Al-Roustom. 'Ik ben ervan van slag.'

Hij is de modelvluchteling. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken had gedacht dat het wel aardig zou zijn voor buitenlandse journalisten om te laten zien dat Syriërs welkom zijn in de VS, en had dus een bezoek aan één van hen georganiseerd. Er zijn pas tweeduizend Syrische vluchtelingen binnengekomen, maar president Obama wil dat verhogen naar tienduizend. En dat wilden de Amerikanen dus laten zien. Voor een achtergrondverhaal.

Nu staat Al-Roustom ineens op de voorgrond, met de camera's van de actualiteit op zich gericht. 'Dit was niet helemaal de bedoeling', zegt een woordvoerder van het ministerie, enigszins nerveus. 'We willen geen politiek bedrijven.'

Andere buurt

In korte fragmenten vertelt Al-Roustom zijn verhaal. Hij had een supermarkt en een smederij in Homs. Zijn huis werd getroffen door granaten. Hij ging in een andere buurt wonen. Die buurt werd gebombardeerd. Hij ging in een andere buurt wonen. Daar vielen vatenbommen. Zijn autistische zoontje stopte met praten. 'Toen ik geen melk meer kon kopen voor mijn dochtertje, besloot ik dat we weg moesten.'

De vrachtwagen waarmee ze in maart 2013 vluchtten stopte in de woestijn. Ze liepen vierenhalf uur door de bergen naar Jordanië en belandden in een vluchtelingenkamp. Daar meldde hij zich bij de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, in de hoop ook die smerigheid te kunnen ontvluchten.

Dat was het begin.

Twee jaar later, op 16 juni dit jaar, arriveerde Al-Roustom met zijn gezin op Liberty Airport, het vliegveld van Newark. Zijn leven zat in een plastic tas: zijn identiteitspapieren van het leger, zijn aanmeldingsformulieren van de Verenigde Naties, zijn werkvergunning voor de VS. Hij was bang voor het onbekende, zegt Al-Roustom, bang om opnieuw te beginnen. 'Maar het welkom was ongelooflijk', zegt hij.

Naast hem staat directeur Mahmoud Mahmoud van de christelijke hulporganisatie Church World Service (CWS), een van de negen instellingen die vluchtelingen in de VS opvangen. Eenmaal in de VS krijgen de vluchtelingen een huis en een uitkering: 1.125 dollar. Ze krijgen tweedehandshuisraad, -kleding en -speelgoed, maar na twee tot drie maanden houdt de steun op en moeten ze het zelf zien te rooien. 'Dat lukt ze allemaal', zegt Mahmoud. Het vliegticket moeten ze terugbetalen.

Vier gezinnen

Voorlopig is het business als usual met de Syrische vluchtelingen, zegt Mahmoud. Na Al-Roustom zijn er nog vier gezinnen gekomen naar New Jersey. Advocaten kijken naar de consequenties van de wet die is aangenomen door het Huis van Afgevaardigden. Democraten in de Senaat hebben gezegd de wet te willen blokkeren. Ook president Obama kan de wet vetoën, al is er op dit moment genoeg steun in het parlement om zo'n veto weer weg te stemmen. 'Het is campagnetijd', zegt Will Haney, een andere medewerker van CWS. 'Ik hoop dat iedereen in Washington weer op tijd bij zinnen komt.'

Net als Obama wijst hij op de Amerikaanse waarden, die een warm welkom voor vluchtelingen voorschrijven. Via ditzelfde herhuisvestingsprogramma werden na 1975 nog 130 duizend vluchtelingen uit Vietnam binnengehaald - nota bene onder aanvoering van de Republikeinse president Gerald Ford. 'Een hoop politici zijn nu verkeerd geïnformeerd', zegt Haney.

Zo hebben ze 'geen idee' hoe goed de antecedenten van vluchtelingen worden onderzocht, tijdens de twee jaar durende procedure die begint met de aanmelding bij de Verenigde Naties. Vijf overheidsdiensten, waaronder de FBI en het ministerie van Binnenlandse Veiligheid, controleren de papieren, kijken naar vingerafdrukken, kijken in databases, houden interviews, checken de verhalen en doen andere dingen die geheim moeten blijven. 'Er zijn geen buitenlanders die beter worden gecontroleerd voordat ze Amerika binnenkomen', zei een medewerker van het ministerie tijdens een achtergrondgesprek vorige week.

Maar vluchtelingen hebben toch helemaal geen papieren, zeggen politici. Die kunnen van alles verzinnen? 'Integendeel. De Irakezen en Syriërs zijn een zeer gedocumenteerde bevolking. Paspoorten, militaire papieren, ze hebben van alles. En als ze iets kwijt zijn, moeten ze een goed verhaal hebben.'

Al-Roustom woont boven een winkeltje hier in de buurt. Veel hoofddoekjes, veel buitenlandse talen, Arabische letters op een makelaarskantoor: Jersey City is even internationaal als New York, aan de andere kant van de rivier, maar dan zonder het geld. Al-Roustom werkt twaalf uur per nacht in een bakkerij, zijn vrouw volgt Engelse lessen. Zijn kinderen hebben voor het eerst in twee jaar weer speelgoed, en een park om in te spelen. Zijn zoon gaat naar school, zegt hij. En hij praat weer.

Meer over