Huizinga bezorgt Nederland na 28 jaar weer goud

Twee sigaren neemt Chris de Korte altijd mee naar grote toernooien. De judocoach is geen verstokte roker, maar als een van zijn pupillen een grote titel wint, dan steekt hij 's avonds volgaarne de brand in een groot exemplaar....

Van onze verslaggever Rolf Bos

28 Jaar terug won voor het laatst een Nederlandse judoka goud tijdens de Olympische Spelen. Dat was Wim Ruska, die in München tweemaal toesloeg. Nog eerder, in 1964, drukte Anton Geesink in Tokio een imposante Japanner tegen de tatami. Nu voegt Mark Huizinga, een rechthoekig gebeeldhouwde luchtmachtofficier uit Vlaardingen, zich in dit illustere gezelschap. Het was van een hogere symboliek dat, vlak voor het avondprogramma met de finales in het Exhibition Centre begon, op een groot filmscherm in de judohal die beroemde finale uit 1964 nog eens werd vertoond. Het was niet het vertrouwde korrelige zwart-wit materiaal dat nog regelmatig op de Nederlandse televisie is te zien, nee, ditmaal was het ander beeldmateriaal, in kleur bovendien - zelfs Geesink, gisteren aanwezig, had de beelden nog nooit gezien.

Een commentaarstem ontbrak, de film was alleen voorzien van het geluid van het gevecht zelf. Gehijg, trappelende, schuivende en slaande geluiden van handen en voeten op de judomat, een jonge en krachtige Geesink die Akio Kaminaga vervolgens, tot ontzetting van het Japanse publiek, secondenlang in een ijzeren houdgreep hield.

Een kleine twee uur na de vertoning van deze film, maar in tijd 36 jaar later, stond er opnieuw een Nederlandse judoka met goud om zijn nek naar het Wilhelmus te luisteren. Geesink: 'Wat een prachtige judoka, met die stekelkop. Zo'n kop had ik ook indertijd, Mark zou een zoon van me kunnen zijn.'

Al die Nederlandse zwem medailles van de laatste dagen zijn hem even lief, maar deze, 'die pakt hem toch het meest'. Het is een groot feest, zei het IOC-lid in zijn oranje jas, 'goed voor het Nederlandse judo, kijk nou toch eens, iedereen praat weer met elkaar'.

Hij doelde op Cor van der Geest en Chris de Korte, van oudsher de twee uitersten binnen de Nederlandse judosport. De twee hebben elkaar onlangs in Japan de hand gereikt, zijn in gesprek geraakt, slapen zelfs gezamenlijk in een religieus oord buiten het atletendorp. Gisteren was Van der Geest een van de eersten die De Korte feliciteerde.

Een kampioen was Huizinga al, sinds woensdag 20 september 2000 is hij een groot kampioen. Zelf leek hij dat nog nauwelijks te beseffen, op het moment dat de scheidsrechter de hand opstak nadat hij ippon, een vol punt, had gescoord tegen de Braziliaan Honoraton, een kaalkop met dichtgeslagen ogen en bloemkooloren. Ik heb de wedstrijd gewonnen, juichte het in hem.

Niks olympisch gevoel, dat zou pas later komen, vertelde hij geruime tijd na de huldiging, in een bijna lege hal. Er wachtte de kersverse olympische kampioen nog een gang naar de verplichte dopingcontrole en dat wil bij hem nog wel eens een paar uur duren. Al het vocht is tijdens zo'n slopende wedstrijddag immers al uit zijn lichaam verdwenen.

En slopend was het, al kwam Huizinga eigenlijk nergens in gevaar. Vooraf had hij de loting nog vervloekt, moeilijker kon het niet, met tegenstanders als de Cubaan Despaigne en de Roemeen Croitoru.

Huizinga: 'Ik zag die loting, zag de naam van Despaigne, en moest er hard om lachen. Dat mij dat moest overkomen. Maar ik heb me snel over die negatieve gedachten heen gezet, als ze er dan toch staan, dan moet ik ze er ook maar vanaf gooien, dacht ik.'

En dat deed Huizinga in Sydney, met attractief judo, zonder dat hij al te grote risico's nam. In het verleden was de bronzen medaille-winnaar van Atlanta vaak te gretig, wilde hij te mooi judoën en trapte hij menigmaal in de valkuil van een opponent. Hij kan nu, na vele sessies met De Korte, die judo 'vooral als een ambachtelijke hobby' ziet, meer afwachtend judoën. 'Mark wilde altijd te graag scoren, dat heb ik 'm afgeleerd.'

En dus bleef Huizinga de gehele dag geconcentreerd vechten, ook toen zijn vriendin Edith Bosch in de herkansingen om het brons in de categorie tot 70 kilo moest afhaken. Het liefdespaar Huizinga (27) en Bosch, die net 20 jaar oud is, trad dus niet in de voetsporen van Dana en Emil Zatopek, die tijdens de Spelen van 1952 op een en dezelfde dag allebei een gouden atletiekplak wonnen.

De Korte, trainer van beide judoka's, kon dus een van zijn twee sigaren op zak houden. 'Maar die rook ik nog wel eens op, Edith is nog jong.' De olympische overwinning van Huizinga was een van de hoogtepunten uit zijn carrière, zei hij. Al mocht die van zijn pupil Angelique Seriese er in 1988 ook zijn.

Vrouwenjudo was in Seoul weliswaar een demonstratiesport, maar dat doet niks aan de prestatie af. Trouwens, zei De Korte, met een knipoog in de richting van Geesink, 'wist je dat mannenjudo in 1964 ook een demonstratiesport was?'

Meer over