Reportage

Huisartsen kampen met AstraZeneca-overschot: ‘Wel versoepelen, maar niet het lef om door te prikken’

Huisarts Marco Blanken dient in gezondheidscentrum Stadshagen een AstraZeneca-vaccin toe.  Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Huisarts Marco Blanken dient in gezondheidscentrum Stadshagen een AstraZeneca-vaccin toe.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Na maanden van tekorten, kampen de eerste huisartsenpraktijken nu juist met een overschot aan AstraZeneca-vaccins. De artsen hebben geen idee wat ze met de overschotten mogen doen.

De huisartsen wijzen naar onduidelijke richtlijnen en de dreiging van juridische claims. Ze willen weten of ze de overgebleven doses mogen inzetten bij zestigminners die met goede argumenten om het vaccin vragen.

Met name in het noorden van het land zijn er huisartsen die nog vaccins in de koelkast hebben liggen, bevestigt de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV). ‘Wat ze daarmee moeten is nog steeds niet duidelijk. Het is toch zonde om ze daar te laten liggen’, zegt een woordvoerder.

De overschotten van soms tientallen vaccins zijn een gevolg van vaccinatieangst onder de patiënten en de strikte doelgroepafbakening. De komende weken zal het aantal vaccins dat overblijft alleen maar toenemen. De komende 25 dagen verwacht het ministerie nog rond de 1 miljoen AstraZeneca-vaccins, veel meer dan er zestigers geprikt kunnen worden.

Lagere opkomst

Huisartsen zijn verantwoordelijk voor de vaccinatie van hun patiënten die geboren zijn in de jaren tussen 1956 en 1960. Alle mensen ouder dan die groep kunnen terecht bij de GGD. Mensen die jonger zijn, inclusief kwetsbare patiënten, mogen van het ministerie van Volksgezondheid na een advies van de Gezondheidsraad niet worden ingeënt met AstraZeneca. Dat advies kwam naar aanleiding van de extreem zeldzame bijwerkingen die het vaccin kent.

Door de onrust daarover is de opkomst onder zestigers de laatste weken in veel praktijken omlaag getuimeld. En dus houden artsen vaccins over, met name in de noordelijke provincies waar huisartsen in één keer voor hun gehele doelgroeppopulatie konden bestellen.

Toch onder de zestig?

Ook de Zwolse huisarts Marco Blanker heeft veel vaccins overgehouden. Donderdagavond heeft hij een inhaalavond voor de patiënten die op de eerste prikdag wegbleven. Samen met drie andere praktijken heeft hij daarna nog 220 vaccins over. ‘De opkomst was zo laag, dat ik zelfs 58 opgetrokken vaccins heb moeten weggooien.’

Marco Blanker heeft donderdagavond 58 AstraZeneca-vaccins moeten weggooien.  Beeld Marco Blanker
Marco Blanker heeft donderdagavond 58 AstraZeneca-vaccins moeten weggooien.Beeld Marco Blanker

In een reactie zegt het RIVM dat huisartsen de overgebleven vaccins kunnen bewaren voor de tweede vaccinatieronde, waarmee minder mensen nu dus een eerste bescherming kunnen opbouwen. Een andere optie voor huisartsen is ‘handelen zoals de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd uitlegt op de site’.

Dat is opmerkelijk, omdat de IGJ de mogelijkheid om mensen onder de 60 jaar met AstraZeneca in te enten wél openhoudt. ‘De IGJ ziet vanuit haar taak geen bezwaren, wanneer de patiënt hier om verzoekt én wanneer de (huis)arts samen met de patiënt de risico’s op individueel niveau goed afweegt.’ Het zou dan gaan om ‘bijzondere omstandigheden’ met ‘grote medische druk’; om ‘specifieke uitzonderingen’ op ‘individueel niveau’. Bovendien, zegt de organisatie erbij, zal hierop niet gehandhaafd worden.

Afgelopen dinsdag publiceerde de inspectie een nog veel ruimere interpretatie van deze artsenvrijheid. Die werd echter na tien minuten weer offline gehaald. In reactie op de intrekking zei de inspectie dat een aantal partijen ‘het bericht niet had gelezen voor publicatie’. Een van hen eiste directe terugtrekking, omdat het advies ‘te ruim geïnterpreteerd’ zou kunnen worden.

De Landelijke Huisartsen Vereniging krijgt steeds meer berichten van huisartsen die ondanks het verbod tóch zestigminners prikken.  Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
De Landelijke Huisartsen Vereniging krijgt steeds meer berichten van huisartsen die ondanks het verbod tóch zestigminners prikken.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

De LHV adviseert huisartsen, ondanks de mogelijkheid die de inspectie biedt, vooralsnog af te zien van de inzet van AstraZeneca bij zestigminners. Maar dan vooral omdat de juridische gevolgen nog niet duidelijk zijn.

Juridische haken en ogen

De VvAA, die zich profileert als de ‘stem en steun van artsen’, en waar veel artsen hun aansprakelijkheidsverzekering hebben lopen, waarschuwde vorige week dat bij eventuele schade door een zestigmin-vaccinatie ‘de aansprakelijkheid van een arts niet kan worden uitgesloten’. Dat zou dan zijn omdat een arts in dat geval niet aan de ‘professionele norm’ zou voldoen. En ook de rechtsbijstandsverzekering zou in zo’n geval weleens geen soelaas kunnen bieden.

Twee dagen later volgde een update: ‘In dit grillige vaccinatiebeleid (is, red.) de ‘professionele norm op dagelijkse basis aan verandering onderhevig. En daarmee ook de rechtspositie van (huis)artsen. Dat maakt het zeer complex en dat baart ons ook als VvAA grote zorgen.’

Intussen frustreert het huisarts Blanker – en veel van zijn collega’s – dat hij de overgebleven doses dus niet op basis van vertrouwen mag wegprikken bij jongere patiënten. Het gaat om mensen die hij goed kent en met wie hij de voordelen en de risico’s van het vaccin uitgebreid kan bespreken. ‘De vaccinatiestrategie heeft niets met een medische afweging te maken, maar alles met een juridische. Als je overlijdt door corona is dat pech en niemands schuld. Als je overlijdt door de hoogst zeldzame bijwerking van het vaccin, dan is blijkbaar degene die het vaccin heeft gegeven, of degene die dat mogelijk heeft gemaakt, verantwoordelijk. Dus per saldo de dokter en de minister. Volgens mij zit daar het probleem.’

Lef om te prikken

Juist de artsen en de minister zouden hun verantwoordelijkheid moeten durven nemen, zegt Blanker. ‘De minister zegt wel dat we het lef moeten hebben om de coronamaatregelen te versoepelen, maar het vaccinatiebeleid staat daar haaks op. Het zou van lef getuigen om te zeggen dat het vaccin veilig en nodig is, ook al zullen er een paar mensen aan overlijden. Dat durven we dan opeens niet te zeggen. Dat is raar.’

Het weerhoudt Blanker er niet van toch in elk geval één patiënt van in de 40 te gaan vaccineren. ‘Die afspraak heb ik nu staan. Niet dat ik alle zestigminners die verlangen naar een vaccin nu oproep om te komen. Maar mensen die er echt zelf om vragen, zich hebben ingelezen in de risico’s, en die in een sociaal isolement zitten, dat durf ik wel aan.’

De LHV krijgt steeds meer berichten van huisartsen die ondanks het verbod tóch zestigminners prikken. ‘Dat melden leden ons inderdaad’, zegt de woordvoerder.

Met de toename van het AstraZeneca-overschot, neemt ook de druk van patiënten op huisartsen toe om ze in te zetten bij jongere mensen. Vanaf de eerste week van mei kunnen zestigminners met een kwetsbare gezondheid dan wel een prikafspraak maken bij de GGD. ‘Er zijn ook mensen die in een sociaal isolement zitten, omdat hun partner een broze gezondheid heeft, of omdat ze gewoon erg bang zijn voor het virus. Die willen niet wachten tot juni’, zegt Blanker.

Meer over