NieuwsMarengo-proces

Huidige stelsel van beveiligen moet herijkt worden, vinden Kamerleden na verhaal broer kroongetuige

Kamerleden willen opheldering van minister Grapperhaus over het hoogopgelopen conflict tussen het Openbaar Ministerie (OM) en de broer van kroongetuige Nabil B. Ze willen onder meer weten hoe de overheid omgaat met de familieleden die als gevolg van de kroongetuigedeal gevaar lopen. Daarnaast vinden ze dat er kritisch naar het Nederlandse beveiligingsstelsel moet worden gekeken.

Bloemen bij het bedrijf van Reduan B., de doodgeschoten broer van de Utrechtse kroongetuige Nabil B.Beeld ANP

Afgelopen weekeinde vertelde de broer van kroongetuige Nabil B. zijn verhaal in de Volkskrant. De kroongetuige heeft belastend verklaard over de organisatie van Ridouan T. in het Marengo-proces. De familie B. was tegen het sluiten van de kroongetuigedeal vanwege de gevaren, die het OM in hun ogen niet serieus nam. Ondanks waarschuwingen maakte het OM in maart 2018 de kroongetuigedeal bekend. Nog geen week later werd een andere broer, Reduan, uit wraak doodgeschoten. Reduan had, net als de rest van de familie, niets te maken met de criminele wereld van Nabil B. In september 2019 werd ook B.’s advocaat, Derk Wiersum, vermoord.

Zorgplicht

De ruzie tussen het OM en de kroongetuige-broer komt feitelijk neer op de volgende vragen: heeft het OM fouten gemaakt in de beveiliging van de geliquideerde Reduan B.? En: hoe ver strekt de zorgplicht van de staat als familieleden van kroongetuigen buiten hun schuld om gevaar lopen? Het OM wil dat de broer elders een nieuw, anoniem, bestaan opbouwt. De broer vindt het ‘de omgekeerde wereld’ dat de overheid hem zegt te moeten vluchten ‘omdat een stelletje boeven hem het leven onmogelijk maakt’.

GroenLinks-Kamerlid Kathalijne Buitenweg vindt het onverteerbaar dat ‘een familielid dat geen schuld heeft aan een misdrijf hier zijn leven moet opgeven en naar het buitenland moet vluchten’. Wat CDA-Kamerlid Chris van Dam betreft moet er ‘een onafhankelijke audit komen naar de vraag hoe het OM met de beveiliging van de familie is omgegaan’.

Volgens VVD-Kamerlid Dilan Yesilgöz is er sprake van een patroon. ‘Het lijkt wel of er elke week een artikel verschijnt met een vergelijkbaar verhaal. Ik laat mij daarom niet wegsturen met de mededeling dat de minister niet op die individuele gevallen kan ingaan. Ik zie een zorgelijk patroon en dat moet deze minister voor veiligheid doorbreken. Ik vraag me af of we wel scherp genoeg in beeld hebben met welke veiligheidskwesties we in Nederland inmiddels te maken hebben.’ Vorige week beklaagde ook kroongetuige-advocaat Onno de Jong zich over problemen met zijn beveiliging. 

‘Levens op het spel’

Van SP-Kamerlid Michiel van Nispen moet Grapperhaus met de familie B. om tafel. ‘Opsporingswerk is van groot belang, deals met kroongetuigen kunnen daarbij helpen, maar mogen niet ten koste gaan van alles. Er staan letterlijk levens op het spel.’ 

Volgens CDA-Kamerlid Van Dam – voorheen werkzaam bij het OM en daardoor goed bekend met de praktijk – moet het huidige stelsel van bewaken en beveiligen herijkt worden. Het beveiligingsstelsel werd opgericht na de moord op Pim Fortuyn in 2002, en bestaat uit een centraal en een decentraal onderdeel. ‘Onder de centrale tak vallen mensen zoals ministers, Kamerleden en ambassadeurs. De decentrale tak was bedoeld voor regionale zaken, denk daarbij aan uit de hand gelopen bedreigingen of huiselijk geweld.’ De familie van Nabil B. valt onder dit decentrale stelsel. ‘Het decentrale stelsel is onvoldoende berekend op bedreigingen vanuit de superzware georganiseerde misdaad.’

Minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) laat weten dat hij ‘niet inhoudelijk op de beveiligingsmaatregelen in kan gaan, want dat komt de beveiliging niet ten goede’. 

Richtlijnen aangepast

Vorig jaar paste de overheid haar richtlijnen voor het beveiligen van bedreigde personen ingrijpend aan. Het uitgangspunt blijft dat de overheid zorg draagt voor de veiligheid, maar het ‘ongestoord kunnen functioneren’ wordt in principe alleen nog gewaarborgd voor bewindslieden, Kamerleden, rechters, officieren, advocaten en journalisten. Alleen zij zullen bij ernstige bedreigingen persoonsbeveiliging krijgen, oftewel beveiligers die hen onder meer begeleiden in gepantserde voertuigen en eventueel de kogel opvangen. Van andere burgers verlangt de overheid inmiddels dat deze in zeer ernstige dreigingssituaties ergens anders gaat wonen en desnoods een andere naam aanneemt. Dit heeft onder meer te maken met capaciteitsgebrek. In de oude richtlijn gold dat alle Nederlands staatsburgers ongestoord moesten kunnen functioneren. Bij de bekendmaking van deze aanpassing in de Staatscourant, op 22 juli 2019, werd daarbij vermeld dat deze wijziging ‘geen fundamentele verandering’ was.

INTERVIEW Broer Nabil B.
‘Ik ben een schim geworden omdat het OM zo nodig die deal moest sluiten

Meer over