Interview

Hugo de Jonge reageert op kritiek ‘zwabberbeleid’ vaccinatiestrategie AstraZeneca

‘Een hoogst onverstandig besluit van een angstige overheid, dat de volksgezondheid meer kwaad dan goed doet’. Demissionar minister De Jonge (Volksgezondheid) krijgt veel kritiek, van onder meer trombose-experts en medisch ethici, op zijn besluit om (tijdelijk) te stoppen met het vaccineren van 60-minners met het AstraZeneca-vaccin. ‘We moesten iets doen met de meldingen bij het Lareb’, reageert De Jonge.

Hugo de Jonge Beeld Jiri Büller
Hugo de JongeBeeld Jiri Büller

Deze donderdagavond neemt minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) met het demissionaire kabinet een definitief besluit over hoe het verder moet met het vaccin van AstraZeneca in de Nederlandse vaccinatiestrategie, na het advies van de Gezondheidsraad. Daarover kan de minister donderdagochtend nog niets zeggen. Maar hij wil wel wat kwijt over zijn besluit over de tweede (tijdelijke) prikstop met dit vaccin.

Waarom heeft u dit besluit genomen?

‘Het was een groot dilemma’, zegt De Jonge, over het besluit tot een prikstop met AstraZeneca voor 60-minners. ‘Vrijdag kregen we de melding van bijwerkingencentrum Lareb dat er dat nu ook in Nederland vijf meldingen bekend zijn van de zeldzame, ernstige bijwerking van het vaccin: uitgebreide trombose met een laag aantal bloedplaatjes. Eén persoon is overleden als gevolg van deze bijwerking.’

‘Tot dan toe waren er geen bewezen gevallen van deze bijwerking in Nederland bekend. Deze vijf gevallen deden zich bovendien voor op 400 duizend prikken, waarvan 200 duizend gezet bij personen onder de zestig. Dan kom je tot een aanmerkelijk hoger percentage incidenten, dan eerder was gebleken in Europees verband.’

Tot halverwege maart werden in andere Europese landen zo’n 25 gevallen van deze ernstige bijwerkingen met bloedstollingen opgemerkt. Negen van hen overleden. Dat was op 20 miljoen mensen, die het vaccin die voorgaande maanden toegediend hadden gekregen op het Europese vasteland en in het Verenigd Koninkrijk.

Deze meldingen van ernstige bijwerkingen leidden ook in Nederland op 14 maart tot een eerste tijdelijke prikstop met dit vaccin. Tot het Europees Geneesmiddelenagentschap EMA op 18 maart het vaccin na onderzoek beoordeelde als ‘veilig en effectief’. Daarop begon Nederland weer met het toedienen van AstraZeneca.

Maar vorige week stopte Duitsland met de toediening van het vaccin aan personen onder de zestig, na een nieuwe reeks incidenten. En vrijdag besloot ook Nederland hiertoe, toen ook hier gevallen van ernstige bijwerkingen bekend werden.

Woensdag heeft het EMA bekend gemaakt dat het AstraZeneca-vaccin inderdaad een iets grotere kans geeft op deze specifieke stoornis in de bloedstolling, zo’n 1 op de 100 duizend. Maar dat de voordelen opwegen tegen de nadelen van het vaccin en dat er dus zou moeten worden ‘doorgeprikt’.

Mensen verwijten u met deze tweede prikstop ‘zwabberbeleid’ in de vaccinatiestrategie. Wat vindt u daarvan?

‘Het is zeker geen zwabberbeleid. Wij weten dat het gedoe geeft om op de pauzeknop te drukken. Maar we moesten wat doen met de melding van het Lareb.

‘Als je zo’n signaal zou negeren zou dat de vaccinatiebereidheid negatief kunnen beïnvloeden. Zeker onder jongeren, die toch al minder kans hebben om heel ziek te worden van corona. Mensen moeten het vertrouwen hebben dat de overheid zorgvuldig omgaat met zulke meldingen. Dat wij geen feiten verstoppen. Vertrouwen is heel belangrijk in dit proces.’

Het lijkt nu toch onvermijdelijk dat er meer mensen zullen zijn die zeggen: laat maar, zo’n prik met AstraZeneca. Misschien kan de overheid dan een meldpunt openen waar personen zich kunnen melden die nog niet aan de beurt zijn maar dan die lege tijdslots in de prikstraat van de GGD kunnen opvullen?

‘Hoho, dat is vooruit lopen op de zaken, we hebben nog geen besluit genomen hoe we verder gaan met dit vaccin. We wachten daarvoor op het advies van de Gezondheidsraad dat waarschijnlijk vanavond komt. Zij geven aan dat zij de tijd nodig hebben om alle experts te kunnen raadplegen. Daarna nemen wij zo snel mogelijk een besluit.’

Zullen deze strubbelingen de vaccinatiestrategie verder vertragen?

‘Het zou kunnen dat er door deze kwestie met AstraZeneca tijdelijk enige vertraging optreedt, maar dat is nog niet zeker. Ik heb nog steeds de hoop dat begin juli iedereen die het wil zijn eerste prik heeft kunnen krijgen. Ik vind het een beetje aanmatigend als mensen ons verwijten dat wij geen gevoel van urgentie zouden hebben in deze vaccinatie-operatie. Ik zie overal mensen hun werk met veel gevoel voor urgentie doen, bij de GGD’s en het RIVM. Het is nog steeds de snelheid van de levering van de vaccins die bepaald hoe snel wij kunnen prikken.’

Meer over