Interview

Hooguit 10 procent minder koeien, meer hoeft de veestapel niet te krimpen, zegt de hoogste baas van FrieslandCampina

FrieslandCampina staat in het oog van de storm. Als een van de grootste zuivelcoöperaties ter wereld draagt het aanzienlijk bij aan het klimaatprobleem, stikstofuitstoot en afnemende biodiversiteit. Milieuclubs eisen verduurzaming en er dreigt een sterke krimping van de veestapel. ‘Ik sta niet voor afbreken maar voor oplossen’, zegt ceo Hein Schumacher.

Michael Persson en Pieter Hotse Smit
Hein Schumacher: ‘Ga biologisch nou niet zalig verklaren, want het is niet altijd en overal beter.’
 Beeld Jiri Büller / de Volkskrant
Hein Schumacher: ‘Ga biologisch nou niet zalig verklaren, want het is niet altijd en overal beter.’Beeld Jiri Büller / de Volkskrant

Hein Schumacher begint wat ongemakkelijk te lachen als hem een gedachtenexperiment wordt voorgelegd. De hoogste baas van Koninklijke FrieslandCampina, een van de grootste zuivelcoöperaties ter wereld, kan er even niet bij dat we het misschien met minder zuivel zouden moeten doen.

Immers: melkveehouders leggen veel druk op de Nederlandse natuur, en houden daar tegelijkertijd zelf problematisch weinig aan over. Waarom dan niet de veestapel halveren en de prijs voor melk verdubbelen? Geen stikstofprobleem meer, goed voor de biodiversiteit en het klimaat, en ook voor de boeren zelf.

Voor Schumacher (50) komt die vraag uit een andere wereld. Met wedervragen probeert hij op het hoofdkantoor in Amersfoort grip te krijgen op dit hypothetische vergezicht.

‘Waarom zou je dat doen? En wat dan? Hoe ga je dan gezonde voeding leveren aan mensen die dat nodig hebben tegen een betaalbare prijs?’ Het is voor hem vrij letterlijk onvoorstelbaar, een wereld met aanzienlijk minder boter, kaas en andere zuivelwaren. ‘Ik denk dat we moeten uitkijken. Biologisch boeren, de kringloopgedachte, regeneratieve landbouw, dat vind ik allemaal goed. Maar uiteindelijk moet je wel de wereld voeden.’

Zo zien ze het dus zelf, de melkmakers van de wereld. Terwijl deskundigen al jaren om het hardst roepen dat het minder moet met de Nederlandse veehouderij. Ook op de klimaattop in Glasgow ging het eind vorig jaar veel over de veeteelt als belangrijke opwarmer van de aarde.

Die kritiek en zorgen vertalen zich al in beleid. Eurocommissaris Frans Timmermans heeft gezegd dat 25 procent van de Europese landbouw over acht jaar biologisch moet zijn. Weg met bestrijdingsmiddelen en kunstmest, en veel minder dieren per hectare. Bij FrieslandCampina is het aantal biologische melkveehouders nu 1,5 procent.

Dan is er nog stikstof: die uitstoot moet volgens de plannen van Rutte IV in 2030 zijn gehalveerd. Iedereen kijkt naar de melkveehouderij, want de koeien van Nederland zijn veruit de grootste binnenlandse producent van stikstof.

En dan viel er een paar weken geleden ook nog een dreigende brief van Milieudefensie op de mat, die op straffe van een rechtszaak tegen FrieslandCampina ambitieuze CO2-plannen eist om de opwarming van de aarde onder de in Parijs overeengekomen 1,5 graad te houden.

Schumacher maakt zich niet zo’n zorgen, ook al is hij verantwoordelijk voor de 17 duizend melkveehouders die de eigenaren zijn van zijn coöperatie. Nee, hij schrikt ’s nachts niet wakker van droombeelden van vervallen melkfabrieken die straks van Gerkesklooster tot Lochem werkeloos in het landschap staan.

‘Nummer twee van de zeventien zogeheten sustainable development goals van de VN is ‘zero hunger’, oftewel honger de wereld uit’, benadrukt hij. ‘De oplossing daarvoor is om wereldwijd voedsel te produceren zoals wij dat doen.’

Krimp? Hooguit 10 procent minder koeien in Nederland voorziet Schumacher voor 2030. Door technologische oplossingen in stallen en hogere productie bij koeien denkt hij dat de melkproductie met een kleinere veestapel zelfs zal stijgen, terwijl de negatieve effecten dalen.

U zult Milieudefensie hiervan moeten overtuigen. Ze manen u, met 29 andere bedrijven, ambitieuze klimaatplannen te tonen of anders wacht hun ‘niet aflatende druk’. Verandert dit uw koers?

‘Nee, we gaan nu niet allerlei zaken aanpassen om goede sier te maken. Dat is ook helemaal niet nodig: we hebben een goed doordacht plan met ambitieuze maar ook realistische doelstellingen om bij te dragen aan het VN-Klimaatakkoord van Parijs. Ons doel voor 2030 is onder meer 33 procent vermindering van de broeikasgassen op de boerderijen van onze leden en 40 procent vermindering van de broeikasgassen in de productie en het vervoer van onze producten.

‘Wij zien de brief als een uitnodiging tot gesprek. Ze willen liever niet een juridische strijd aangaan, schrijft Milieudefensie zelf. FrieslandCampina is een coöperatie, 150 jaar geleden opgericht om samen zaken op te pakken die je niet alleen voor elkaar kunt krijgen. Samenwerken zit in ons dna. In die geest gaan we het gesprek met Milieudefensie graag aan.’

FrieslandCampina heeft zijn wortels in een groepje Noord-Hollandse boeren die in 1871 een gebouw, twee kaastobben en een weegschaal kochten om voortaan in eigen beheer kaas te maken. In Friesland gebeurde iets vergelijkbaars, later volgden boeren in andere provincies. Toen die zich verenigden en fuseerden, ontstond een coöperatie van bijna 17 duizend leden, zo’n tweederde van alle Nederlandse melkveehouders, die allemaal een beetje eigenaar zijn van een multinational met een omzet van ruim 11 miljard euro.

Schumacher kwam er in 2015 werken en werd er drie jaar later de hoogste baas. Hij is opgegroeid in een Brabants middenklassegezin - zijn grootouders hadden een boerderij - en klom na studies politicologie en bedrijfskunde in Amsterdam via Unilever en Ahold op naar de hoogste echelons van ketchupmaker Heinz in Pittsburgh.

Na zijn vertrek uit de VS belandde hij midden in het rumoer van het boerenland en de wereldhandel. De ingang van zijn hoofdkantoor werd geblokkeerd door leden van het Farmers Defence Force (FDF), hij kreeg dreigbrieven van boeren die vonden dat hij hun belangen niet goed behartigde en toen China de grens met Hongkong sloot, stortte de zeer lucratieve export van babymelk in (Chinezen kochten Nederlandse poedermelk omdat ze hun eigen waar niet meer vertrouwden).

Schumacher moest noodgedwongen bedrijfsonderdelen verkopen en schrapte duizend banen. De tegenvallende cijfers kostten zijn leden zo’n 20 duizend euro winstdeling (de zogeheten nabetaling) over 2020.

Maakt het verschil of je voor aandeelhouders of voor leden werkt?

‘Ik werkte tien jaar bij Heinz, een prachtig merk. Als ik bij een paspoortcontrole moest zeggen waar ik werkte, dan toverde het antwoord bij zo’n Amerikaanse douanebeambte vaak een lach op zijn gezicht. Maar nadat Heinz was overgenomen door Warren Buffett en 3G Capital, zo’n club van private-equity-investeerders, gaf het werk beduidend minder voldoening.

‘Twee dagen na een vergadering met Buffett vloog ik naar Nederland voor een gesprek bij FrieslandCampina. Dat gesprek was met de toenmalige voorzitter van de coöperatie, Piet Boer. Van Buffett naar Boer. Die Piet Boer was boer, en die vroeg gewoon: jongen, hoe gaat het met je? Waar kom je vandaan? Uit wat voor familie? Heel gek na zo’n Buffett, die sowieso geen enkele vraag stelt en vooral heel veel zendt.

‘Die menselijkheid speelde een grote rol bij mijn keuze over te stappen naar Campina. Ik spreek nu weer authentieke en eerlijke mensen. Je moet een bedrijf natuurlijk volstrekt zakelijk leiden, maar dan begint er bij mij iets te branden.’

Veel boeren zijn de laatste jaren ook tamelijk gepassioneerd geworden, om niet te zeggen militant. Hoe is het om door FDF voor verrader uitgemaakt te worden?

‘Ik sta ervoor dat onze leden een goed inkomen hebben, want anders kunnen ze ook niet investeren in verduurzaming, en dat vind ik ook belangrijk. Als er dan facties zijn die daar zo op reageren – militant is niet het goede woord, ik zou zeggen extreem – dan is dat niet leuk, natuurlijk.’

Heeft u het idee dat er na die eerste confrontatie iets is verbeterd?

‘Ik denk dat de boeren zich met het eerste grote boerenprotest op het Malieveld, op 1 oktober 2019, weer op de kaart hebben gezet. Ik zou de organisatoren, en daar was FDF er volgens mij één van, willen feliciteren met dat succes. Vervolgens moet je met elkaar in gesprek om tot oplossingen te komen.’

Intussen is er nog geen plan waarover jullie het eens zijn. Is het radicale gezicht dat de boeren in de publieke opinie krijgen representatief?

‘Fragmentatie is overal gaande, er zijn overal extremen. De tijd dat de LTO het woord kon voeren namens alle boeren is voorbij. Ik denk dat er op dit moment niet één partij is, zeker ook niet FDF, die een representant is van de landbouw. Er is een zwijgende meerderheid.

‘Veel boeren willen gewoon verduurzamen, die begrijpen ontzettend goed welke transities er plaatsvinden in de wereld. Maar ze zeggen ook: je moet me helpen. Er is grote onvrede over het inkomen. En ze zeggen: schrijf ons niet alles tot in detail voor, maar stuur ons aan op doelen en gebruik ons vakmanschap om daar te komen. Ik ga hun niet vertellen: jij moet zonnepanelen nemen, jij moet dat doen met voer.

‘De extremen zitten overigens aan twee kanten. Aan de ene kant heb je de groep die niet wil veranderen, aan de andere kant heb je de roep om de krimp, dieren weg… Daar kan ik ook niets mee. Waar ik voor sta is niet afbreken, maar oplossen.’

Bedoelt u technische oplossingen? Dat is toch de reden dat de stikstofcrisis uitbrak? Omdat de beloofde technologie er niet kwam, of niet werkte?

‘Technologie klinkt een beetje esoterisch, te ver weg. Ik denk in de eerste plaats dat je moet kijken naar de middelen en methoden die er al zijn. Qua klimaat: Campina wordt in Nederland volledig geproduceerd met groene stroom, opgewekt door onze leden. Dan biodiversiteit: cruciaal is dat we op de boerderij zelf meten. We hebben samen met het Wereldnatuurfonds een module ontwikkeld waarin de opties staan. Zoals de oevers van je sloten niet meer maaien, permanent grasland hebben in plaats van je weiland als een biljartlaken afmaaien, houtwallen in plaats van prikkeldraad. Dat zijn dingen die je nu al kunt doen.

‘Daarnaast is er innovatie. We zijn met een pilot bezig om de uitstoot van methaan te reduceren, het broeikasgas dat koeien uitstoten, door een nieuw product van DSM bij het voer te doen. We zijn aan het werk met machinebouwer Lely, die een vloer heeft ontwikkeld die ammoniak direct afzuigt en de mineralen uit de mest haalt. Die levert een bewezen stikstofreductie van 70 procent.’

Bewezen? Eerdere tovervloeren, zoals milieuclubs die noemen, werden door rechters afgeserveerd vanwege onbewezen effect.

‘Dit is anders. Deze installatie is al door alle registraties ter goedkeuring heen. Alleen: anderhalve ton investeren op elke boerderij om stikstof te reduceren, daar krijgen de boeren geen rendement op. Daar moet geld bij. Daar zou je het stikstofpotje van dit kabinet voor kunnen gebruiken. Veel goedkoper dan uitkopen.’

Uw boeren moeten 50 procent minder stikstof uitstoten in 2030. Hoe ver kom je dan met jullie plannen?

‘Met technologie kom je uit tussen 30 en 40 procent reductie. Dus zal de veestapel ongeveer 10 procent moeten krimpen, blijkt uit onderzoek van Universiteit Wageningen. Die krimp moet gebeuren in specifieke gebieden, waar overdruk is. Als je bedrijven gaat sluiten is de eerste vraag: kunnen we die verplaatsen? En de tweede: welk perspectief bieden we de blijvers?’

Perspectief?

‘Ontwikkelruimte. Om te groeien op de boerderij. Als ik als boer alles goed doe, dan mag ik daarvoor ook beloond worden. We zijn al teruggegaan van 2 miljoen naar 1,4 miljoen koeien. De stikstofuitstoot is sinds de jaren vijftig al 70 procent gedaald. Terwijl alle andere sectoren zijn blijven doorgroeien. Ik weet dat grond schaars is. Maar wat willen we dan? Datacenters bouwen? De velden vol zetten met zonnepanelen waar niets onder groeit? Of gaan we behouden wat we zo mooi hebben hier, dat weidelandschap met zijn doorkijkjes? Gaan we de boer helpen die 60 hectare landschap beheert, of gaan we elke hectare aan zestig ambtenaren geven die mogen bedenken wat daar moet komen? Dan kies ik voor de eerste variant.’

Hein Schumacher: ‘Alleen met een goed inkomen kunnen boeren verduurzamen.’
 Beeld Jiri Büller / de Volkskrant
Hein Schumacher: ‘Alleen met een goed inkomen kunnen boeren verduurzamen.’Beeld Jiri Büller / de Volkskrant

Kennelijk zijn er meer veehouders die het goed willen doen dan jullie kunnen behappen, want jullie hadden tot voor kort een wachtlijst voor melkveehouders die willen overstappen op produceren.

‘Ga biologisch nou niet zalig verklaren, want het is niet altijd en overal beter. Er zijn voldoende andere mogelijkheden om tot een duurzame melkveehouderij te komen. Als de vraag van biologisch achterblijft bij het aanbod, dan kan ik als bedrijf niet oneindig bio-melk laten komen en daarvoor meer betalen dan voor regulier. Want die verliezen komen terug in het dividend aan al onze boeren.’

Ondertussen gaat de landbouw in het kleine Nederland ecologisch over zijn grenzen heen. En dat terwijl driekwart voor de export is.

‘Zo’n 70 procent van onze zuivelexport gaat naar de EU. Maar in Nederland importeren we ook een groot deel van ons graan uit de EU. Wij zijn onderdeel van een Europees voedselsysteem. Dat houdt niet op bij onze grenzen. Ik hoor de roep om korte ketens, lokale productie, maar we moeten het uiteindelijk ook voor Europese burgers betaalbaar houden.’

Dus 30 procent van de export gaat naar landen buiten de EU?

‘Zeker. In de helft van alle babyvoeding wereldwijd zit melk van FrieslandCampina. In meer dan 60 procent van de pillen wereldwijd zit melk van ons. Kijk naar de witte buitenkant van zo’n panadolletje, dat is highgrade lactose. Ons product. Daar zit 100 miljoen onderzoeksgeld in. Als wij tweederde van onze omvang hadden, zou ik die investeringen helemaal niet meer kunnen doen. Wij zijn niet een bedrijf dat Afrika overspoelt met melkpoeder – daar zie ik niet zo veel nut in.’

In Nigeria zijn jullie de grootste verkoper van melkpoeder, dat aangelengd met water veel wordt gedronken.

‘Dat is geen gewoon melkpoeder: er zitten additionele voedingsstoffen in. Als we dat niet zouden doen, moet je eens kijken wat de geopolitieke gevolgen dan zijn.’

U bedoelt dat mensen met honger deze kant op zouden komen?

‘Natuurlijk.’

Ontwikkelingsorganisaties zeggen: jullie maken zo de lokale markt voor verse melk kapot.

‘Absoluut niet waar. Afrika is deficiënt hè, als het gaat om proteïnen. Er is onvoldoende lokale productie om aan de vraag te kunnen voldoen.’

Melkpoeder is hier een restproduct dat jullie goedkoop in Afrika kunnen wegzetten.

‘Melk is proteïne, vet en lactose. Als je boter maakt, haal je het vet eruit en houd je het poeder over. Wat wij doen met het poeder: we proberen het te upgraden. De hoogste vorm van poeder is babyvoeding.’

Wat naar Afrika gaat is toch het onderste van die ladder?

‘Wij voegen daar ook voedingsstoffen aan toe. Als je ervoor zorgt dat er nutriënten in zitten waardoor het onderdeel wordt van een ontbijt, dan heb je toch een vorm van proteïnen. Mensen die van 2 dollar per dag moeten rondkomen, hebben zo toch een betaalbaar dieet.

‘Tegelijkertijd werken we samen met Afrikaanse overheden om hun eigen melkproductie te verbeteren. Vooral in de hoeveelheid melk die een koe daar produceert zijn stappen te zetten: wij halen hier jaarlijks ongeveer tienduizend liter per koe, daar zitten ze op drieduizend. Ook voor het klimaat is dat gunstig: voor elke melkkoe in Nederland moet je er daar drie houden. Daarom is die Nederlandse landbouw zo belangrijk.’

Dit is vanuit het idee dat je uit een koe in ruim vijf jaar 60 duizend liter melk wringt en dan slacht. Terwijl zo’n dier normaal 25 jaar wordt.

‘Ons devies is: voor een koe moet je goed zorgen, en dat doen de boeren ook. Maar uiteindelijk is ze ook een economisch activum. Dat moet renderen. Het is die combinatie: optimaliseren, met alle welzijnsvoorschriften die er zijn. Als je een koe 25 jaar melk zou laten geven, wordt ze steeds inefficiënter. Dan krijg je een gigantisch CO2-probleem.’

Het kan ook zonder koe, maar jullie hebben nog geen zuivelvervangers. Lopen jullie daar niet een sterk groeiende markt mis?

‘Ik ben voor transities. Ook wij willen in de schappen melkvervangers, nee, dat zeg ik verkeerd, plantaardige alternatieven aanbieden. De consument maakt de keuze. Neem chocolademelk. Die is er nu al in veel varianten: gewoon, halfvol, 0 procent vet, lactosevrij. Ik beloof: in de tweede helft van het jaar staat hiervan een plantaardige variant in de Nederlandse schappen.’

Is het moeilijk, van zuivel afstappen in een bedrijf waar alle eigenaren koeien hebben?

‘Nee, die denken juist mee. Bijvoorbeeld van vee overstappen op haver, of een ander gewas voor plantaardige producten dat beter in Nederland past dan soja. Ik zie ons dan ook vooral als nutrition-bedrijf, dat voedingswaarde levert met een sterke kern in zuivel. Dat kun je aanvullen met ander aanbod. We groeien daar naartoe.’

Hoe legt u dit uit? Uw presentaties voor boeren zullen anders zijn dan die van de kwartaalcijfers in een chic hotel in Pittsburgh of New York.

‘De ene dag praat ik in Lahore met de premier van Pakistan, de volgende dag sta ik ’s avonds in café De Ploeg in Varsseveld om uit te leggen wat er in China gaande is. Maar die zaaltjes maken het managen van een coöperatie heel bijzonder. Die boeren daar voelen het echt. Als je 30 duizend euro per jaar verdient, dan hakt het er wel in als een nabetaling van 20 duizend euro wegvalt. Iemand die jou recht in de ogen kijkt, oprecht teleurgesteld, dat is een veel grotere druk dan een of andere analist die een domme vraag stelt en dan weer een kletsverhaal schrijft over Heinz.’