NieuwsVerdachten aanslag Telegraaf

Hoofdverdachten aanslag Telegraaf zaaien verwarring met verklaringen

‘Ik krijg kortsluiting in mijn hoofd, dus ik kan het niet meer volgen’, zegt een hoofdverdachte van de aanslag op De Telegraaf als de aanklager doorvraagt. Maandag was de eerste van tien zittingsdagen.

Beveiligingsbeelden van de aanslag op de telegraaf.Beeld De Telegraaf

‘Niks mee te maken. Van A tot Z niet’, reageert El H. (26) op de verdenkingen van politie en justitie dat hij betrokken was bij de aanslag op de redactie. ‘Ik heb ook niks met De Telegraaf’, zegt hij later. Ook mede-hoofdverdachte D. (28) ontkent elke vorm van betrokkenheid.

Maandag begon de rechtszaak tegen elf mannen die justitie verdenkt van deelname aan een criminele organisatie, diefstal en heling. Het Openbaar Ministerie houdt vijf van hen verantwoordelijk voor de aanslag op De Telegraaf. De recherche vermoedt dat de aanslag een vergeldingsactie is in opdracht van Ridouan T., omdat de krant in de weken voor de bewuste nacht verhalen publiceerde over T.

Op 26 juni ramde een witte Volkswagen Caddy twee keer tegen de glazen pui van het gebouw aan de Amsterdamse Basisweg. De schade aan het gebouw was fors, er vielen geen gewonden. ‘De immateriële schade is enorm. Het gevoel van vrijheid is ernstig aangetast’, zegt Christien Wildeman, advocaat van Mediahuis, de uitgever van De Telegraaf.

 Klap in het gezicht

Wildeman refereert aan een reactie van Kamervoorzitter Khadija Arib, die zei dat een ‘aanslag op de journalistiek onze samenleving in de kern raakt’. Premier Rutte noemde de aanval ‘een klap in het gezicht van de vrije pers en de Nederlandse democratie’.

Volgens Wildeman was de krant door eerdere bedreigingen en intimidaties van redacteuren genoodzaakt om het gebouw beter te beveiligen met onder meer een stalen constructie. Die voorkwam dat de Caddy na de aanslag verder in het gebouw kon rijden.

Nadat de bestelwagen was gestrand, stapte een man in ‘donkere Adidas-trainingsbroek en donkere sportschoenen uit’ met een jerrycan benzine. Die gooide hij leeg in de achterbak van de auto, waarna een explosie en brand ontstonden.

Daarna sprintte de chauffeur naar een zwarte vluchtauto, een Audi SR5, die op het parkeerterrein stond te wachten. De Audi SR5 is niet lang na de aanslag uitgebrand teruggevonden op de Noordkaperweg. Tegenover de rechters verklaart El H. dat hij op de bewuste nacht op hetzelfde parkeerterrein was als de uitgebrande vluchtauto, maar dat was volgens hem ‘domme pech’.

El H. zegt dat hij op de Noordkaperweg was om een andere auto, een ‘donkerkleurige BMW X6’ te stelen. ‘Ik had spullen bij me om die auto te jatten, maar door die brandende Audi heb ik me uit de voeten gemaakt.’ De officier van justitie zet vraagtekens bij dat antwoord, omdat politieonderzoek heeft uitgewezen dat die bewuste nacht geen BMW op het parkeerterrein stond. El H. zegt daarop dat zijn doelwit er die nacht ‘inderdaad niet was’.

Het is niet de eerste keer dat zijn verklaringen voor verwarring in de zaal zorgen. Op de vraag van de rechter waarom hij in de weken voor de aanslag zo weinig gebruikmaakte van zijn eigen auto, antwoordt El H. dat hij ‘mede vanwege het mooie weer op dat moment een mooiere, nieuwere auto huurde’. Maar als later wordt gevraagd waarom hij zo vaak ’s nachts actief was, zegt hij overdag vaak te slapen en ’s nachts veel ‘te hangen’.

De rechters bespraken de handelwijze van beide verdachten in de weken voor de aanslag op basis van telefoontaps, sms’jes, videobeelden en getuigenverklaringen.  Als de rechter een geluidsfragment laat horen waarin D. een medeverdachte adviseert ‘geen gekke risico’s te nemen’, zegt hij als tussenpersoon te hebben gehandeld. 

‘Dat klinkt misschien raar’, meent hij, waarna de officier vraagt wat precies raar klinkt. De verdachte reageert fel: ‘Ik krijg kortsluiting in mijn hoofd, dus ik kan het niet meer volgen. Als ik onder druk sta, krijg ik een black-out. Dan weet ik niet meer wat ik moet zeggen. Dat is niet handig.’

De behandeling van de zaak zal naar verwachting tien dagen duren; de rechter doet op 3 juni een uitspraak. Advocaat Wildeman: ‘Een eerlijk proces is het enige passende antwoord op de aanslag. Deze aanval heeft De Telegraaf diep geraakt, maar de krant zal nooit zwijgen.’

Meer over