Hoofdverdachte verkrachtingen en moord psychiatrisch onderzocht Rechtszaak in Alanya verdaagd

De bevolking mag Hakan Karayavuz al veroordeeld hebben tot ten minste levenslang, voor hemzelf staat zijn schuld nog helemaal niet vast....

Van onze verslaggeefster

Mirjam Schöttelndreier

ALANYA

Het is donderdagochtend en al snikheet bij de aanvang van het proces tegen de vier verdachten. Ze zouden drie Nederlandse en een Georgische vrouw hebben verkracht en mishandeld. Eén Nederlandse en de Georgische vrouw kwamen daarbij om het leven.

Bewapende leden van de militaire politie staan, hand aan de trekker, achter het viertal. In leeftijd variëren ze van zeventien jaar tot 24 jaar. Van beroep zijn ze boer, taxichauffeur, of arbeider. Behalve de verkrachting van drie Nederlandse vrouwen en de moord op een van hen, hebben twee mannen eerder nog een Duitse vrouw verkracht. In de rechtszaal ontrolt zich een treurig spektakel van bijna kaalgeschoren verdachten die eerst minutenlang een fotosessie door de internationale pers moeten ondergaan, bespuwd worden door enkele Turkse vrouwen en op hoongelach kunnen rekenen van het massaal toegestroomde publiek op de gang, zodra ze vertellen hoe zij op het politiebureau op hun geslachtsdelen worden geslagen.

Zo mogelijk nog genanter wordt de vertoning als de mannen, uit koele berekening en pure wanhoop, elkaar de schuld in de schoenen proberen te schuiven en van leugens betichten, maar soms ook weer sparen: Hakan bijvoorbeeld, de oudste, met een indrukwekkend strafblad en hoogstwaarschijnlijk leider bij de misdrijven, wordt een paar keer in de luwte gehouden.

Algemeen is het vermoeden dat als de zoon van ex-hoofdcommissaris van politie Karayavuz weer vrijkomt, repercussies namelijk niet zullen uitblijven.

Maar verder is het ieder voor zich, en niemand voor hen allen. Van hun advocaten wordt weinig vernomen: 'Ze kunnen voor zichzelf spreken', zegt een van hen, zodra er weer eens een, van een eerdere verklaring afwijkend, bizar verhaal wordt afgestoken.

Niet het feit dat de verdachten hier hun eerder op het politiebureau gedane verklaring intrekken of wijzigen bevreemdt - de Turkse gevangenissen staan bekend om hun wrede karakter - maar de brutaliteit en onaangedaanheid waarmee drie van de vier de zaal in kijken. Van schaamte, spijt of deemoed is niets te merken.

Tegenover de ontkenningen van het viertal, staat de honderd procent zekerheid van de vrouwen.

Ze herkennen hun verkrachters van de avond van 22 mei. Zeer nauwkeurig doen zij verslag van de wijze waarop zij, drie vriendinnen, een Dolmus zijn ingestapt, hoe ze vervolgens werden ontvoerd naar de heuvels, toen beroofd, verkracht, geslagen: hoe ze hoorden dat hun vriendin, Marijke van Dijk, was vermoord, hoe ook zij met de dood werden bedreigd en de volgende ochtend uiteindelijk bijkwamen in een greppel.

Voor valse schaamte in een gruwelijk zedenmisdrijf voelt Hanneke Adrichem niks. Ze wil geen gekuiste samenvatting, maar het hele verhaal. Fier gebruikt ze, waar nodig, alle vervoegingen van het werkwoord verkrachten en telkens weer zal ze aanwijzen welke man wat met haar deed. Al is dat moeilijk, omdat tussen haar boze ogen en priemende vinger een schare journalisten, fotografen en belangstellenden staat. 'Niet zij, maar wij zijn de overwinnaars', had ze eerder al gezegd.

Tegen drie uur verdaagt de rechter het proces dat naar Nederlandse maatstaven rommelig was, maar in alle opzichten stijlvol bleef, naar 2 augustus. De verdediging van de Nederlandse vrouwen wil eerst uitgezocht hebben of de twee minderjarige jongens inderdaad wel zo jong zijn: men gelooft er niets van. Bot-onderzoek moet uitsluitsel geven. Van Adrichem wordt een trouwboekje verwacht. Bij Hakan moet binnen drie weken in een observatiekliniek in Istanbul worden vastgesteld of hij geestelijk gestoord is of niet.

'De doodstraf', daar vragen de vader en de zus van de vermoorde Russische vrouw om. 'Ik kan er niks aan doen, maar ik wil de doodstraf', zegt ook de moeder van de bruut vermoorde Van Dijk. De openbare aanklager liet eerder weten eveneens de doodstraf te eisen, maar sinds vijftien jaar wordt die niet meer uitgevoerd. Er is toestemming voor nodig van het kabinet maar daarvoor, aldus Turkse zegslieden, ontbreekt een meerderheid.

Vermoedelijk krijgen de twee meerderjarigen, Hakan en Yusuf, minimaal twintig jaar cel opgelegd. Cynici vrezen dat, dankzij politieke wisselingen in het bestuursapparaat, de mannen toch eerder vrij zullen komen.

Meer over