Analyse

Hongkongers mogen kiezen, maar er is geen echte keuze meer

Oppositie is er nauwelijks. Die zit in de gevangenis. Zelfs praten over de oppositie kan gevaarlijk zijn in Hongkong, waar China nu helemaal de dienst uitmaakt. Wie zondag toch meedoet aan de verkiezingen loopt op eieren, terwijl de rest denkt aan een laatste protest: thuisblijven.

Leen Vervaeke
Niemand is geïnteresseerd in de kandidaat voor wie hier campagne wordt gevoerd. In Hongkong telt zondag alleen het aantal niet-stemmers: het laatste protest dat de Hongkongers nog rest. Beeld AFP
Niemand is geïnteresseerd in de kandidaat voor wie hier campagne wordt gevoerd. In Hongkong telt zondag alleen het aantal niet-stemmers: het laatste protest dat de Hongkongers nog rest.Beeld AFP

Als Hongkongse oppositieaanhangers onderling over de parlementsverkiezingen van zondag praten, hebben ze het niet over welke kandidaat hun voorkeur heeft. De vraag die hen het meest bezighoudt, is hoe ze het best hun ongenoegen kunnen laten blijken: door blanco of ongeldig te stemmen, of gewoon van de stembus weg te blijven? Het is een kwestie die ze niet openlijk kunnen bespreken, want dat kan als strafbaar feit worden gezien.

Het zenuwachtige gefluister rond de parlementsverkiezingen, de eerste sinds de Hongkongse protestbeweging in 2019 de nek om werd gedraaid, illustreert hoe ingrijpend de semiautonome stadstaat in China is veranderd. Werden verkiezingen in Hongkong de afgelopen decennia steeds democratischer, totdat in 2016 de helft van alle parlementsleden rechtstreeks werd verkozen, na een reeks juridische en politieke oekazes uit Beijing is daar niets meer van over.

Een soort referendum

Na de invoering van een draconische Nationale Veiligheidswet, de onttakeling van het Hongkongse kiesstelsel en de massa-arrestaties van prodemocratische politici, zijn de verkiezingen van zondag volgens velen niet meer dan een schijnvertoning. De machtsverhoudingen in het nieuwe Hongkongse parlement, de Wetgevende Raad oftewel LegCo, liggen bij voorbaat vast. Het enige wat nog spannend is – als een soort referendum over de Chinese ingreep in Hongkong – is hoe laag de opkomst wordt.

Oorspronkelijk hadden deze parlementsverkiezingen in december 2020 moeten plaatsvinden, kort na het uitdoven van de Hongkongse straatprotesten die stukliepen op politiegeweld, arrestaties en samenscholingsverboden vanwege covid. De protestbeweging, ontstaan uit onvrede over de toenemende invloed van Beijing, leek zich naar de politiek te verplaatsen. De oppositiepartijen, die de lokale verkiezingen van eind 2019 overweldigend hadden gewonnen, verenigden zich in aanloop naar de LegCo-stemming.

In juli 2020 besloot de Hongkongse regering de verkiezingen uit te stellen, officieel vanwege corona (er waren elf besmettingen per dag), in werkelijkheid om de oppositie uit te schakelen. Kort daarna werden tal van prodemocratische politici opgepakt en aangeklaagd op grond van de Nationale Veiligheidswet, die ‘terrorisme’ en ‘secessie’ strafbaar maakt, maar als instrument wordt gebruikt om critici van Beijing tot zwijgen te brengen. Even later werd het Hongkongse kiesstelsel hervormd.

In dat nieuwe kiesstelsel is het aantal direct verkozen leden van de LegCo gedaald van de helft naar minder dan een kwart. De rest wordt door beroepsorganisaties en een Verkiezingscomité vol pro-Beijingfiguren aangewezen. Kandidaten moeten ook een screening ondergaan om te kijken of ze ‘patriottisch’ genoeg zijn. Dat zijn ze alleen als ze akkoord gaan met Beijings interpretatie van ‘één land, twee systemen’, het principe dat Hongkong vijftig jaar autonomie had moeten gunnen.

Gevangen

Het resultaat is een verkiezing met nauwelijks oppositie. De meeste prodemocratische politici zitten gevangen, zijn in ballingschap gegaan of wegens ‘onpatriottisch’ gedrag uit de politiek gezet. Anderen weigeren deel te nemen aan een gemanipuleerde stembusstrijd. ‘Dit zijn geen echte verkiezingen, er is geen echte keuze’, zegt een kiezer die niet met haar naam in de krant wil, uit angst voor vervolging. ‘We willen niet meedoen, want als je meedoet, steun je een onrechtvaardig systeem.’

Onder de 153 verkiezingskandidaten zijn er tien ‘niet-pro-regeringskandidaten’, maar zij worden door veel prodemocratische kiezers gezien als excuuskandidaten die de verkiezingen een schijn van geloofwaardigheid moeten geven. ‘Dat zijn mensen die op een foute manier carrière willen maken’, zegt een andere kiezer, die eveneens anoniem wil blijven. ‘Iedereen die werkelijk principes heeft, is allang afgevoerd. En wie nog niet in de gevangenis zit, houdt zich nu doodstil.’

Verwacht wordt dat de meeste prodemocratische kiezers niet gaan stemmen. Volgens een peiling van de krant Southern China Morning Post zou de opkomst op 44 procent blijven steken, volgens een peiling van denktank Hong Kong Public Opinion Research Institute (PORI) op 52 procent. Dat zou de laagste opkomst zijn sinds 1991, toen Hongkong voor het eerst parlementsverkiezingen hield.

Kiezers zijn huiverig om hier publiekelijk over te praten, omdat de Hongkongse overheid heeft gewaarschuwd dat het oproepen tot een boycot van de verkiezingen als een schending van de Nationale Veiligheidswet kan worden gezien. Zelfs het delen van een bericht op Facebook kan volstaan. Er zijn al tien mensen gearresteerd op verdenking van het aanzetten tot blanco stemmen. Zij riskeren boetes tot omgerekend 23.000 euro en celstraffen tot drie jaar.

‘Op mijn werk praat ik niet over de verkiezingen’, aldus de eerste kiezer. ‘Er is nu een telefoonnummer ingesteld dat je kunt bellen als je iemand hoort zeggen dat hij niet of ongeldig wil stemmen. We gaan naar een verklikkersmaatschappij.’

Vrije dag en gratis vervoer

De Hongkongse regering probeert kiezers zoveel mogelijk naar de stembus te bewegen. Er komt gratis openbaar vervoer, en sommige bedrijven (met overheidscontracten) beloven een vrije dag aan wie zijn stem uitbrengt. Zelfs de grenzen met het Chinese vasteland worden bij uitzondering geopend, na meer dan een jaar van strenge coronareisrestricties, om Hongkongse migranten de kans te geven om te gaan stemmen.

Tegelijk probeert de regering zich in te dekken tegen lage opkomstcijfers en te voorkomen dat deze als teken van onvrede over de autocratische koers van Hongkong worden gezien. Volgens de Hongkongse leider Carrie Lam kan een lage opkomst ook duiden op ‘tevredenheid over de status quo’. Andere politici hebben gezegd dat kiezers na verloop van tijd zullen inzien dat economische groei en stabiliteit belangrijker zijn dan algemeen stemrecht, in lijn met de Chinese definitie van ‘democratie’.

Maakt de oppositie dan helemaal geen kans in deze LegCo-verkiezingen? Niet helemaal. Van de 153 kandidaten zijn er drie die zich als prodemocratisch voorstellen en blijven streven naar algemeen stemrecht. Voor hen is het op eieren lopen: enerzijds wordt hun verkiezingsdeelname afgekeurd door hun prodemocratische medestanders, anderzijds riskeren ze met hun standpunten als ‘onpatriottisch’ te worden gezien.

‘Ik ben op het ergste voorbereid’, zegt Adrian Lau, een van de drie. ‘Ik zal niet schrikken als ik opgepakt word. Maar ik denk dat ik het juiste doe. We kunnen niet zomaar opgeven.’

Meer over