Hoeveel levens had Felipe González kunnen redden?

Het zijn mooie tijden voor de liefhebbers van politieke memoires. Zijn we net bekomen van Tony Blairs 'A Journey', waarin de voormalige Britse premier in honderden pagina's zijn jaren in Downing Street goedpraatte, komt George W. Bush vandaag met zijn langverwachte 'Decision points'. Bush' persoonlijke inkijk in de veertien belangrijkste beslissingen die de Amerikaanse ex-president in zijn leven heeft moeten nemen.

Benieuwd of Bush zich net als Blair, maar ook andere belangrijke politieke leiders die zich aan hun memoires hebben gewaagd, moreel boven het goede en het slechte heeft geplaatst. En of hij zijn persoonlijke waarnemingen en analyses over zijn jaren van politieke macht heeft verpakt in een mengeling van schijnbare oprechtheid en pure arrogantie.


Laten we tenslotte wel wezen: de meeste politieke memoires worden door de hoofdpersoon aangegrepen om zichzelf vrij te pleiten van de eigen schuld en met de beschuldigende vinger te wijzen naar anderen. Maar vooral als een manier om aan te tonen dat politieke leiders niet alleen niet alles willen vertellen, maar ook niet alles uit de doeken kunnen doen in hun autobiografische werken. Immers, macht en machtrelaties zijn vaak als een ijsberg, waarvan slechts het topje zichtbaar is.


Het zijn belangrijke argumenten die de Spaanse oud-premier Felipe González er altijd van hebben weerhouden zijn politieke memoires te schrijven. Niet alleen over zijn rol als secretaris-generaal van de Spaanse socialistische partij PSOE, maar ook over zijn jaren als regeringsleider van Spanje (1982-1996).


Een periode waarin González de Spanjaarden bij de NAVO en de EEG (nu Europese Unie) kreeg en zo definitief wist te laten aansluiten bij de moderne, democratische wereld. Al zullen critici zich vooral de enorme corruptiezaken herinneren waarbij de PSOE destijds betrokken was, en de moordpartijen van de antiterroristische bevrijdingsgroepen GAL, de illegale doodseskaders die medewerkers van de Spaanse regering oprichtten om de Baskische afscheidingsbeweging ETA te bestrijden.


Hoewel het vaststaat dat González op de hoogte was van het bestaan van de GAL, heeft hij dit nooit publiekelijk bekend. Ook heeft González de liquidaties, ontvoeringen en martelingen door de GAL in de jaren tachtig nooit willen veroordelen. Terwijl tussen de 27 personen die de Grupos Antiterroristas de Liberación tussen 1983 en 1987 vermoordde, niet alleen ETA-leden en separatistische politici zaten, maar ook doodgewone burgers die helemaal niets met de Baskische onafhankelijkheidsstrijd te maken hadden.


Des te opmerkelijker is het interview dat González afgelopen zondag aan de Spaanse krant El País gaf, waarin hij onthulde als Spaanse premier te hebben overwogen de voltallige top van de ETA 'in 1989 of 1990' te laten opblazen, nadat de Spaanse inlichtingendiensten González hadden verteld waar en wanneer de voltallige top van Euskadi Ta Askatasuna (Baskenland en Vrijheid) precies bij elkaar zou komen in een huisje in Zuid-Frankrijk.


'Uiteindelijk heb ik 'nee' gezegd. Maar nog altijd weet ik niet of ik wel de juiste beslissing heb genomen', aldus de nu 68-jarige González. Hij biechtte op dat hij nog vaak was gekweld door de vraag hoeveel moorden door de ETA op onschuldige mensen hij 'de vier of vijf jaar erna' had kunnen voorkomen als hij toen anders had beslist.


Wie de treurige lijst met ETA-slachtoffers van begin jaren negentig bekijkt, weet meteen het antwoord: enkele tientallen. Maar de vraag is of de premier van een democratische rechtstaat als Spanje überhaupt zo'n overweging zou moeten maken. En hoe vaak heeft González destijds eigenlijk wel ingestemd met liquidaties door de GAL of anderen?


Señor González, wordt het geen tijd alsnog iets van uw herinneringen op papier te zetten? Ook al is het slechts uw halve waarheid.


Meer over