Hoera!

ZOALS op elke derde maandag van september (een heel enkele keer is het de laatste van augustus), heb ik ook gisteren weer gerepeteerd voor Prinsjesdag: vroeg op, eerste trein naar Den Haag, plaatsje langs de route zoeken, kijken hoe lang het me kost om bijtijds bij het hek van Paleis...

Tradities zijn er om in ere te houden.

Op de opiniepagina van NRC Handelsblad roerde zich niettemin weer eens een nieuwlichter met een alternatief: Kok moet de troonrede uitspreken.

De geachte inzender - Guus Peek, vakdidacticus geschiedenis aan de Universiteit Utrecht - bleek eigenljk maar één argument te hebben voor zijn voorstel. De koningin, betoogde hij ongeveer, mag politiek nooit in het geding zijn, dus is het ongewenst dat ze morgen een stuk voorleest van Kok, volgend jaar een boodschap van Dijkstal, en God mag weten - moge Hij het verhoeden - over een poosje misschien een rede van De Hoop Scheffer.

Dat is natuurlijk een redenering van niks.

Los van het feit dat ze beter voorleest dan al die mannen, lijkt me haar onpartijdigheid juist verzekerd omdat ze met een stalen gezicht de ene keer een beetje linkser en de volgende keer weer een beetje rechtser van het midden moet praten. Het zou pas een probleem worden als je het aan sommige stembuigingen, spottende bijgeluidjes of ingehouden lachjes kon horen, maar daar heeft niemand Beatrix ooit op kunnen betrappen. Laten we niet vergeten dat die vrouw in het begin van haar carrière zonder blikken of blozen zelfs proza uit haar mond heeft gekregen dat was geschreven door Van Agt.

Ja maar, zegt Peek, 'zij wordt gezien als degene die de voorstellen doet', en hij weet te vertellen dat bij de NOS na kritiek op de troonrede altijd telefoontjes binnenkomen van mensen die vinden dat je de koningin niet mag beledigen.

Dus omdat het volk te stom is om te onthouden dat ze het niet meent, mag de koningin voortaan de troonrede niet meer voorlezen.

Ik zou zeggen: werk aan de winkel voor alle vakdidactici geschiedenis in Utrecht en omgeving.

'Hoe zou een moderne versie van Prinsjesdag er uit kunnen zien?', vraagt Peek zich af, die in z'n vrije tijd vermoedelijk regies doet bij het Utrechts amateurtoneel.

Een hele troost voor Oranjeklanten is misschien dat de koningin er van hem nog wel bij mag zijn, zij het niet meer op een troon, want de handeling heeft zich verplaatst naar de vergaderzaal van de Tweede Kamer (waar volgens de spelleider 'het hart van de democratie klopt'). Maar ze mag ook kort nog wat zeggen: 'Ze wijst de leden van de Staten Generaal op het belang van hun werk, de waarde van de democratie en de goede werking van het grondwettelijk bestel, en ze spreekt op een of andere manier een bede uit.'

Peek geeft geen antwoord op de vraag wie zo'n tekstje moet schrijven maar het laat zich raden wie hij in gedachten heeft.

Als hij het geheel nieuwe protocol heeft uitgestippeld, zit hij met nog één probleem: 'Een heikel punt is het Leve de Koningin! Moet dat blijven klinken in een staatkundig ceremonieel? Misschien is een hartelijk applaus een waardige vervanging.'

'Een hartelijk applaus'!

Hoe krijgt iemand het in z'n hersens. Des te fanatieker heb ik gisteren geoefend op het traditionele onderdeel: hoera! hoera! hoera!

Meer over