HOE VERZIN JE EEN VERHAAL?

Vader en dochter Terlouw mailden elkaar de afgelopen week naar aanleiding van de presentatie van hun gezamenlijke boek De Charmeur....

Jan Terlouw en Sanne Terlouw

ZATERDAG 15 APRIL

Volgende week verschijnt een boek van dochter Sanne en mij, De charmeur. Zo'n week betekent aandacht voor de schrijvers, wat je natuurlijk wilt, maar waar je ook een beetje van rilt. Gerard Reve, die vandaag wordt begraven, had het in dat verband over zijn winkel. Vorige week zondag ging het in de media de hele dag over de man Gerard Reve en werden flarden van zijn vaak provocerende optredens getoond. Dat is begrijpelijk, maar toch ook eigenaardig. Want waarin was Reve groot? In zijn schrijverschap. Hij was bepaald niet een groot spreker, de dingen die hij zei waren weinig diepzinnig, en soms racistisch, al ging ook dat racisme niet erg diep, denk ik. Een groot schrijver, dat wel. Iemand die over vraagstukken van liefde, dood en religie met zoveel humor weet te schrijven, in zulk prachtig Nederlands, verdient het geëerd te worden. Daarom had ik veel liever gehad dat er vorige week lange stukken proza van hem zouden zijn voorgelezen, illustraties van het waarom hij in de herinnering zal blijven. (Jan)

Al die aandacht van de media ben ik in tegenstelling tot jou niet gewend. Zin in de week? Natuurlijk. Het was een feestje om samen De Charmeur te schrijven en nu is het een feestje om dat samen het licht te laten zien.

Het viel me trouwens zojuist bij het Journaal op dat tijdens de begrafenis van Reve mensen zelfs in de kerk zijn boeken zaten te lezen. Is dat niet wat iedere schrijver zou wensen? (Sanne)

ZONDAG 16 APRIL

Je vroeg me onlangs of ik het boek van Jan Siebelink had gelezen (Knielen op een bed violen) en of mijn vader uit de kringen kwam die hij beschrijft. Vader is inderdaad opgegroeid in een gezin waar men iedere kerk te lichtzinnig vond en 's zondags ellenlange preken voorlas van oude schrijvers als Smijtegeld. En altijd een gebed zonder end. Historisch is dat mijn grootmoeder een keer in wanhoop heeft geroepen: 'Amen, Otte, amen.' Het zijn gevleugelde woorden geworden in het gezin van mijn ouders. Als iets te lang duurde riep er altijd wel iemand 'Amen Otte, amen'. Je grootvader heeft zich aan die sfeer ontworsteld. Hij is een calvinistische gereformeerdebondsdominee geworden, maar met een, gezien zijn opvoeding, verbluffend verlichte geest.

Ik heb het boek van Siebelink gisteravond uitgelezen. Je hart bloedt voor Margje. Ik heb via vader enkele malen van die in het zwart geklede mannen ontmoet met hun pikzwarte boodschap: we zullen voor eeuwig branden in de hel. Ze begeleiden geloofsbroeders in hun doodsstrijd door hen er op te wijzen dat er weinigen zijn uitverkoren en dat als Christus niet aan hen verschijnt om Hem te kunnen omarmen, ze voor eeuwig zullen worden verwezen naar de buitenste duisternis, waar wening is en knersing der tanden. De vrijheid van het uiten van een mening grenst hier aan criminaliteit.

Vaak heb ik mensen tegen vader dingen horen zeggen als: 'Ja, dominee, we gaan voor eeuwig verloren. Wilt u nog koffie?' Als de draagwijdte van die eeuwige hel echt tot je doordringt, word je gek, zoals Siebelink zo aangrijpend beschrijft. (Jan)

Ik kan niet laten je te vertellen over de hartsverscheurende brief die Annemiek Stoopendaal me vanmorgen schreef over haar vriend Musheg Voskanjan. Hij is in 1985 geboren in Horatach een plaatsje in Nagorno Karabach, de brandhaard in het conflict tussen Armenië en Azerbeidjan. Musheg heeft op jonge leeftijd in de oorlog zijn beide ouders verloren. Hij is opgevoed door Armenen uit de Oekraïne.

Toen Musheg een tiener was, moesten deze mensen terug naar de Oekraïne. Musheg kon niet met hen mee en vanwege zijn afkomst was het voor hem toen ook niet veilig meer in Horatach. Zo is besloten hem naar Europa te sturen. Musheg was 14 jaar toen hij in Nederland aankwam als minderjarige asielzoeker, ama.

Zijn procedure is gesloten, zijn verhaal wordt niet geloofd. Maar als hij terugkeert naar Karabach waar nog steeds oorlog heerst, zal de politie hem mishandelen want dat hoort erbij in Armenië, zal het leger staan te popelen om hem te rekruteren en zal de bevolking hem, naast de problemen die hij zal ondervinden vanwege zijn etnische afkomst, als verrader zien en hem willen afpersen omdat hij gedurende 6 jaar in het rijke Europa veel geld verdiend moet hebben.

Op dit moment woont hij onder erbarmelijke omstandigheden op de zogenaamde bajesboot in Rotterdam. De boot is vies en donker. Musheg zit met 6 mensen in 1 cel. Hij heeft honger want hij krijgt veel minder eten dan hij gewend is. (Sanne)

Ik schaam me te pletter voor Nederland. Wat hebben we een hardvochtige minister voor Integratie, barstensvol wantrouwen en onverschilligheid jegens alles en iedereen. Hoe kan ik tegenover mezelf en mijn kinderen verantwoorden dat wij op deze manier met vluchtelingen omgaan? Ik zal blij zijn als we ooit een minister van echte integratie krijgen. (Jan)

MAANDAG 17 APRIL

Je hebt wel iets losgemaakt met je aangrijpende relaas over een ongewenste vreemdeling. In de reacties word ik medeverantwoordelijk gehouden, omdat de partij waarvan ik lid ben deelneemt aan het kabinet. Zoals je weet heb ik al lang geen politieke functie meer. Maar het is waar dat de leden van een partij ook een soort collectieve verantwoordelijkheid hebben. Ik heb Lousewies van der Laan wel laten weten dat wat mij betreft de maat meer dan vol is en dat de fractie van D66 mevrouw Verdonk niet meer zou moeten steunen. Bij de laatste kwestie (homoseksuele en christelijke Iraniërs terug naar hun land) heeft de fractie dat ook niet meer gedaan. (Jan)

DINSDAG 18 APRIL

Je herinnert je nog wel dat ik in de herfst van 2004, op verzoek van uitgeverij Veen, een herfstdagboek heb bijgehouden. Het is een jaar geleden uitgekomen onder de titel Achter de barricaden. Ik schreef toen enkele malen per week over wat ik deed, wat ik meemaakte en wat ik vond van (politiek) gebeurtenissen, zoals de moord op Theo van Gogh. Maar soms ook schreef ik over kinderen en kleinkinderen, over een gefrustreerde gans, over een ontsnapte stier. Wat blijkt? Het zijn die persoonlijke dingen die de lezers onthouden. Dat geldt ook voor jou en mij. Het persoonlijke, het menselijke spreekt het meest aan. Nu we deze week weer zoiets doen, iets dagboekachtigs, heb ik weer de neiging om te reageren op de zelfmoordaanslag in Tel Aviv en andere vreselijkheden. (Jan)

WOENSDAG 19 APRIL

Jij en ik weten dat aan de basis van iedere goede relatie respect ligt. Dat gaat ook op als je samen een boek schrijft. Natuurlijk gaat de relatie tussen een dochter en een vader dieper dan dat, maar zonder wederzijds respect is iedere relatie in gevaar. De mafia heeft het ook veel over respect. 'He does not respect me', is een veel gehoorde zin in boeken en films over de mafia. Zeker, maar daar wordt respect vooral verlangd, weinig gegeven, zoals blijkt uit de criminele daden. (Jan)

Over respect gesproken, weet je nog dat ik een tijdje geleden mijn (krankzinnig lange) haar heb laten afknippen door Saskia de Jong, die in Bussum van echt haar pruiken maakt (haarwerken noemt zij ze). Ik dacht dat ze daarom misschien iets aan het mijne zou kunnen hebben. Wist jij hoe groot het leed is achter haarproblemen? Ik niet, maar nu weet ik er alles van: mensen die kaal geboren worden, mensen bij wie het haar spontaan uitvalt, mensen met chemotherapie. Your hair is your castle. Dat geldt beslist voor de meeste vrouwen. (Sanne)

DONDERDAG 20 APRIL

Vragen mensen jou ook vaak hoe het schrijven van een boek in zijn werk gaat? Niet het thema, het onderwerp, vindt men een probleem, zo lijkt het, maar het verhaal. Je kunt schrijven over oorlog en vrede, of over het milieu, of over de groei naar volwassenheid, akkoord, maar hoe verzin je een verhaal?

Iedereen doet dat op zijn manier. Ik zoek hulpmiddelen. Ik neem me bijvoorbeeld voor dat het eerste voorwerp waar mijn blik op valt, een rol gaat spelen. Stel dat is een vaas bloemen. Narcissen. Ik denk aan een egocentrisch iemand. Maar, denk ik, het hadden ook rozen kunnen zijn. Dan denk ik aan liefde. Het hadden herfstasters kunnen zijn. Misschien geef ik een grijsaard een belangrijke rol in het verhaal. Zal ik de geur van bloemen belangrijk laten zijn? Is de vaas gestolen? Heeft hij een sentimentele waarde? Mogelijkheden voor een verhaal te over. (Jan)

VRIJDAG 21 APRIL

De presentatie van ons boek was een fantastische belevenis. In deze laatste brief richt ik me tot jullie en niet tot mijn vader. Het was hartverwarmend om te zien hoe jullie meeleefden, en mee discussieerden. Uiteindelijk gaat het bij schrijven om de lezer. Wat gebeurt er in zijn of haar hoofd? Als schrijver hebt je weinig idee van het leesproces. Soms is dat beangstigend. Maar ik heb me nog nooit zo dichtbij de lezer gevoeld. (Sanne)

Meer over