Hoe ondoorzichtiger de deals, hoe beter

Jack Abramoff liet het breed hangen. Exclusief golfen in Schotland? Waarom niet, als hij daar beter van werd én zijn klanten....

Het tienjarig rijk in Washington van de flamboyante lobbyist JackAbramoff kende alle buitenissigheid die hoort bij een koningschap datdronken is van macht.

Er is het beruchte en fascinerende verhaal over de president van hetkleine Gabon, de heer Omar Bongo, die in het voorjaar van 2003 te kennenhad gegeven dat hij bijzonder graag eens in de Oval Office ontvangen wildeworden. Geen probleem, had Abramoff laten weten. Of de president negenmiljoen dollar wilde overmaken. Als de man in Washington voor wie deurengeen sloten kenden, zou Abramoff dan een ontvangst door president Bush ophet Witte Huis regelen.

Abramoff zag veel in de heer Bongo als nieuwe klant. Uit stukken diede Senaat eind vorig jaar vrijgaf, bleek dat de lobbyist bij de Gabonesepresident had aangeboden persoonlijk naar het West-Afrikaanse land tekomen, om nader kennis te maken. Abramoff stelde zich voor dat hij directzou doorvliegen vanuit een golfvakantie in Schotland, 'met Congresleden ensenatoren die ik daar elk jaar mee naartoe neem'.

Bongo is inderdaad in mei 2004 door president Bush ontvangen. Het WitteHuis noemde het een ontvangst zoals er zovele zijn. Het is niet bekend ofde Gabonese president - die sinds 1967 onafgebroken aan de macht is -Abramoff betaald heeft voor de visite.

Voor het verhaal is de afloop ook niet zo interessant. Het verhaal iszo goed, omdat het enig inzicht geeft in het bastion van geheimebetrekkingen tussen politici, lobbyisten, belangengroepen, ondernemingenen fondsenwervers dat de Republikeinse partij heeft opgetrokken sinds hetin 1994 de meerderheid veroverde in het Congres.

De nu 46-jarige Jack Abramoff was de salonhouder. Letterlijk. Hij hadop een steenworp van het Witte Huis een restaurant, Signature, waar hijzijn vrienden, zijn relaties, zijn klanten, zijn wereld ontving. Hetrestaurant had een chambre séparée voor als er echt grote zaken moestenworden gedaan.

In dit circuit van handjeklap en achterommetjes fonkelde Abramoffs sterals gevolg van zijn handige karakter en zijn goede betrekkingen - hetlaatste ontstond als vanzelf uit het eerste. Vierkante kaken, bredeschouders, zijn pakken nog sneller dan zijn mond. Hij liet het altijd breedhangen. Een partijtje golf om de goede betrekkingen te vieren? Laten we hetvliegtuig naar Schotland pakken.

Hij hoefde zich nooit af te vragen of hij dit soort extremiteiten welkon betalen. Zijn uurloon lag op 750 dollar; dikwijls betaalden de klanteneen som die daar ver bovenuit ging. Liever nog liet hij klanten betalenvoor de uitstapjes met politici. Ook liet hij klanten bij wijze vangoodwill geld storten in de talloos vele verkiezingsfondsen die Amerikaansepolitici overeind moeten houden in hun peperdure campagnes. Of hij storttezelf geld in die fondsen, uit de opbrengst van zijn lobbywerk. Zo hadAbramoff vrienden in alle kringen, niet in de laatste plaats in depolitiek.

Zijn handel liep altijd over verschillende schijven. Hoeondoorzichtiger, hoe beter. Er ging geld naar door hem gecontroleerdebedrijven, er ging geld naar ideële organisaties en naarverkiezingskassen. Maar de constante was dat hij vanuit de coulissen altijdzicht behield op de geldstromen.

Een voorbeeld. Tot de beste klanten van Abramoff behoordenverschillende indianenstammen. Deze zijn van oudsher sterk vertegenwoordigdin het casinowezen. Om verschillende redenen is het een kwetsbare business;wie zich wil wapenen, moet bescherming hebben in Washington.

De bemiddeling van Abramoff hebben de Coushatta Indianen uit Louisiananaar schatting zo'n dertig miljoen dollar gekost. Abramoff zag erop toe dathet Congres de omzetbelasting niet verhoogde, de Indianen betaaldenAbramoff via een van zijn ondernemingen en leverden daarnaast financiëlebijdragen aan charitatieve instellingen die nauw waren verbonden aan deRepublikeinse partij.

Het stamhoofd van de Coushatta's mocht in 2001 een bijeenkomst metpresident Bush bijwonen. Het was een happening die was opgezet door eeninvloedrijke conservatieve directeur van een denktank, Grover Norquist.Abramoff had het stamhoofd naar binnen gepraat. Hij kent Norquist namelijkal 25 jaar, vanuit hun gezamenlijke studententijd. De Coushatta-chef werdte verstaan gegeven dat een donatie aan Norquists denktank op prijs zouworden gesteld. Norquist ontving 25 duizend dollar.

Zo werd het spel gespeeld, enerzijds langs de lijnen van hetons-kent-ons, anderzijds met de brutaliteit van de colporteur inwereldencyclopedieën.

Al in de loop van vorig jaar stortte het imperium van Abramoff inelkaar. Hij had in Florida een casinoschip gekocht, en daarbij valsheid ingeschrifte gepleegd. Tegelijk begon een strafrechtelijk onderzoek naar zijnhandel en wandel als lobbyist in Washington. Daarnaast proberen al enigetijd twee bijzondere commissies uit de Senaat het netwerk van Abramoffbloot te leggen.

Na eindeloos onderhandelen tussen zijn advocaten en justitie koosAbramoff voor de minst pijnlijke uitweg. 'Jawel, edelachtbare', zei hijdinsdag bij herhaling toen de rechter in Washington hem vroeg of hij fraudehad gepleegd, belasting had ontdoken, klanten had opgelicht, geprobeerdheeft publieke persoonlijkheden om te kopen met geld en ontspanning.

Zijn schuldbekentenis brengt hem strafvermindering. Hoeveel wordt medebepaald door de mate waarin hij bereid is voor de rechtbank zijn vriendenvan weleer erbij te lappen. Dit is het grote belang van Abramoffs biecht:het biedt justitie de gelegenheid door te stoten naar onwettige praktijkenvan politici in het Congres. Hun voormalige grote vriend wordt nu hunverklikker en zal zich scherp herinneren welke toezegging over hunstemgedrag ze ook alweer deden op die heerlijke middag, ergens ter hoogtevan de vierde hole op St. Andrews in Schotland.

Want dat is de opgave die de Amerikaanse justitie nog wel moetwaarmaken. Het moet bewijzen dat een aantal politici in het Congres zijnstem heeft verkwanseld voor zilverlingen. Elke politicus mag reizen, ooknaar St. Andrews. Wat niet mag is reizen op kosten van een lobbyist.

Hiervoor het bewijs te leveren is nog de geringste opgave. Moeilijkerlijkt het aan te tonen dat politici die niet veel meer keuze hebben danvoor of tegen te zijn, voor of tegen waren omdat de klant van Abramoff datwas. De vraag wordt of de aanklager overtuigend kan maken dat de stemgekocht was.

Meer over