Nieuws

Hoe moet dat vaccinatiepaspoort eruit gaan zien?

Het Europese vaccinatiepaspoort bestaat nog niet, maar de verwachtingen ervan (vrijheid!) en de druk om het razendsnel te produceren (voor de zomer!) zijn groot. Net als de verwachte technische en politieke problemen. ‘Dit wordt een enorme klus’, zegt een betrokken EU-ambtenaar.

Een vaccinatiestraat in Belgrado. EU-landen moeten straks prikinformatie opslaan in nationale zorg- en douanedatasystemen die raadpleegbaar zijn voor andere lidstaten.  Beeld EPA
Een vaccinatiestraat in Belgrado. EU-landen moeten straks prikinformatie opslaan in nationale zorg- en douanedatasystemen die raadpleegbaar zijn voor andere lidstaten.Beeld EPA

Donderdagavond gaven de regeringsleiders hun zegen aan de technische ontwikkeling van een ‘vaccinatiecertificaat’. Het woord ‘paspoort’ gaat ze vooralsnog te ver, over het gebruik van het certificaat bestaat immers geen overeenstemming. De Europese Commissie heeft haast en maakte vrijdag bekend dat commissaris Reynders (Justitie) medio maart de eerste voorstellen zal presenteren.

Commissievoorzitter Von der Leyen denkt ‘minimaal drie maanden’ nodig te hebben voor de technische kant. Ze is optimistisch gestemd omdat het werk voor de Commissie verhoudingsgewijs bescheiden is: een digitaal platform opzetten waar de lidstaten straks de noodzakelijke vaccinatie-informatie kunnen vinden van 450 miljoen EU-burgers. Het gaat daarbij om de naam van de persoon en wanneer die welk vaccin heeft gehad. Wanneer iemand niet gevaccineerd is moet te vinden zijn of er een recente negatieve PCR-test is of een verklaring van een arts dat de persoon immuun is na een eerdere covidbesmetting.

Volgens Von der Leyen is zo’n platform in drie maanden te realiseren. De Commissie heeft enige ervaring opgedaan met traceerapps: 15 lidstaten wisselen info uit over de contacten van besmette personen via een Brusselse hub.

Privacygevoelig

De lidstaten wacht een aanzienlijk zwaardere taak. Zij moeten niet alleen hun burgers vaccineren maar vervolgens die informatie opslaan in nationale zorg- en douanedatasystemen die ook nog eens raadpleegbaar moeten zijn voor andere lidstaten via het Brusselse platform. Het gaat om privacygevoelige informatie; de recente datalekken bij de GGD-prikcentra tonen dat veilige opslag geen vanzelfsprekendheid is.

In de ideale situatie kan straks iedere douanier of hotelier via een QR-code of een fysieke kaart zien of iemand gevaccineerd is. Voordeel van de Brusselse hub is dat de data in het thuisland blijven: de douanier krijgt alleen een groen (of rood) lichtje te zien.

Dat de EU er gezamenlijk werk van maakt, ligt voor de hand. Geen enkel land is gebaat bij 27 verschillende kaarten. Daarnaast vreest Von der Leyen dat bij gebrek aan Europese slagvaardigheid Google of Apple een kaart ontwikkelen en met onze zorgdata aan de haal gaan.

Staat na drie maanden de technische infrastructuur klaar, dan wacht de regeringsleiders een moeilijk politiek besluit: wat kan iemand met zijn vaccinatiekaart doen? Maakt die reizen makkelijker? Concertbezoek? Het bijwonen van sportevenementen? En is het medisch gezien 100 procent zeker dat een gevaccineerde niet meer besmettelijk is?

De lidstaten zijn hierover nog verdeeld. De zuidelijke landen zien de kaart als de redding van hun toeristische sector, Nederland en Frankrijk vrezen discriminatie (van degenen die nog wachten op hun prik) en druk op burgers zich toch vooral in te enten. ‘De druk om alles open te gooien is sowieso groot’, zegt een EU-ambtenaar. ‘En als de infrastructuur voor het certificaat klaarstaat, ga je die gebruiken.’

Meer over