Hoe kranten omgaan met 'digitale revolutie'

Laatste Nieuws, Nederland 3, 21.06 uur...

'Elke krant die nu de ontwikkelingen in de elektronische media mist, zal een deel van haar markt kwijtraken.' Dat voorspelde een topman van de Internationale federatie van dagbladuitgevers twee jaar geleden al. Het gebruik van radio, televisie en krant zal in de komende jaren, onder invloed van de opkomst van de nieuwe elektronische media, drastisch veranderen.

De VPRO besteedt de komende vier weken aandacht aan deze veranderingen in het programma Laatste Nieuws. Vanavond bespreken Pieter Broertjes, hoofdredacteur van de Volkskrant, en Ben Knapen, hoofdredacteur van NRC Handelsblad, de gevolgen van deze 'digitale revolutie' voor de krant. De NRC (oplage 265 duizend exemplaren, 120 redacteuren) heeft zich al op het terrein van de elektronische media gewaagd door sinds 1 juli op experimentele basis met een uitgave op Internet aanwezig te zijn. De Volkskrant (oplage 360 duizend, 180 redacteuren) komt op 1 januari 1996 ook met een elektronische editie op dit wereldwijde computernetwerk.

Beide hoofdredacteuren zijn niet pessimistisch over de toekomst van de papieren krant. Knapen: 'Ik geloof dat de krant als nieuwsmedium wel degelijk een toekomst heeft. Niet alleen naast, maar ook dank zij elektronische media. De hele dag tettert CNN, Teletekst, de radio, televisie; een bombardement van gebeurtenissen. Ik heb de stellige overtuiging dat wanneer mensen willen weten wat er gebeurt, dat ze gewoon de geordende feiten van een dag op een rij willen hebben.'

Broertjes: 'Ik vind die elektronische krant een kans. Ik hoop dat de gebruiker interesse gaat krijgen voor het geschreven produkt. Er komen wisselwerkingen. In de krant ontstaan er dingen die je op Internet weer tegenkomt, en omgekeerd. Onze opdracht is zo serieus mogelijk journalistiek bedrijven. Daarnaast komt een elektronische uiting en daarmee boor je een nieuwe doelgroep aan. In het beste geval stromen er daarvan mensen over naar de gedrukte krant. Ik heb in Amerika gezien dat kranten zich gingen aanpassen aan die zapcultuur; die gingen pulp maken. Daarvan moeten we leren dat we bij ons vak moeten blijven. Wij beoefenen een vak en daar is een markt voor, daar ben ik van overtuigd.'

Theo Stielstra

Meer over