Hoe een krachtwijk een probleembuurt bleef

Vier jaar geleden was de Amsterdamse Kolenkitbuurt de slechtste wijk van Nederland. Er is in de tussentijd wel wat geprobeerd, maar zonder veel succes.

VAN ONZE VERSLAGGEVER JAAP STAM

AMSTERDAM - 'Hoe krijg ik het geduld georganiseerd?' Die opgave beschouwt Godfried Lambriex, stadsdeelwethouder stedelijke ontwikkeling in Amsterdam-West, als zijn belangrijkste taak.

De Kolenkitbuurt was vier jaar geleden de slechtste wijk van Nederland op een lijst van het ministerie van Wonen, Wijken en Integratie. De bewoners zijn vele verbeteringen beloofd, maar de stadsvernieuwing stokt.

De sociale vernieuwing is wel doorgezet. Kunstenaars en studenten proberen de buurt leefbaar te houden, bewoners krijgen alle ruimte voor activiteiten. Doe veel samen, maar leun niet op ons, is het motto van Lambriex.

Het stadsdeel knapt ondertussen de rotste plekken op. 'Je kunt niet elke dag zeggen: morgen wordt het beter', zegt Lambriex (PvdA, 51). Als het even kan, hanteert hij regels soepel.

De stadsdeelwethouder is een politicus van de aangename soort. Ontspannen, helder, geen verkoper van mooiweerpraatjes. De econoom zit acht jaar in de politiek, waarvan drie als bestuurder van West, maar heeft niet de streken van een politicus.

De Kolenkitbuurt - 43 hectare ingeklemd tussen de A10 en het spoor - is in de jaren vijftig gebouwd en bestaat voor het grootste deel uit portiekflats. De naam dankt de buurt aan de voormalige hervormde kerk, die door zijn vorm de bijnaam Kolenkit kreeg.

Een halve eeuw geleden stonden Amsterdammers in de Jordaan en de Pijp te trappelen om naar West te verhuizen. Later verkleurde de buurt. Rond de 80 procent van de zesduizend bewoners is allochtoon - vooral Marokkanen en Turken. De helft van de huishoudens heeft nauwelijks onderwijs gevolgd, drie van de tien moeten rondkomen van een minimuminkomen, de werkloosheid is hoog (meer dan 15 procent), veel bewoners spreken geen of gebrekkig Nederlands en hebben problemen met opvoeden.

De sombere portiekwoningen met hun benepen balkonnetje zijn ver over de datum. Ze zijn gehorig, tochtig en vochtig. Grote gezinnen wonen in te kleine woningen, er is een hoop stress achter de voordeur.

Volwassen kinderen met eigen gezinnen die inwonen bij hun ouders krijgen voorrang als een woning vrijkomt. Volgens de laatste telling zijn nog 60 appartementen overbewoond.

Amsterdam en de woningcorporaties hebben de buurt lang laten aanmodderen. Begin deze eeuw is begonnen met wat een grootscheepse vernieuwing moest worden. Tot 2015 zouden duizend woningen worden gesloopt, 1.400 gebouwd. Ook koopwoningen en duurdere huurwoningen om hoger opgeleide en kapitaalkrachtiger bewoners aan te trekken. De crisis stak een spaak in het wiel - 722 nieuwe woningen zijn opgeleverd.

Mohamed Moutar woont 8 jaar in de Blauwvoetstraat. Vierhoog. Al die jaren wacht hij op een nieuwe flat - hij zou snel aan de beurt zijn, was hem beloofd. Aan de voorkant kijkt hij uit op Lommerrijk, een hagelnieuw blok, opgetrokken uit zogenoemde Gooise stenen. Toen zijn flat aan de beurt was, brak de crisis uit.

Hij heeft geen centrale verwarming. In de winter slaapt Moutar met vrouw en twee kinderen (de derde is op komst) in de huiskamer bij de gaskachel. Het dak lekt, de schimmel schijnt door het behang. Opknappen doet de woningbouwvereniging niet, repareren evenmin - de flat wordt immers afgebroken. Maar wanneer? Een flatgenoot heeft een verstopte afvoer en doucht bij de buren.

Ook aan Moutars geduld komt een eind. 'Er moet iets gebeuren, zeker als we dadelijk met zijn vijven zijn. Als de grootste ongemakken maar worden verholpen.'

Er moet iets gebeuren, beaamt Lambriex. De straten worden sowieso opgeknapt - daar gaat het stadsdeel zelf over. 'Het is de omgekeerde volgorde, maar we kunnen niet blijven wachten.'

Welkom

De bewoners moeten het gevoel hebben dat ze welkom zijn, vindt Lambriex. Wonen ze al in een slecht appartement, dan moet het op straat niet ook nog eens een bende zijn.

Van een flat iets verderop waren boilers en geisers zo slecht dat ze zijn vervangen. In het najaar laat de woningcorporatie weten of de nieuwbouw doorgaat, of het mag van de toezichthouders. Voor de zoveelste keer. 'Hoe vaak kun je over iets nadenken?', vraagt Lambriex zich af.

Op de plaats van Lommerrijk stond eenzelfde haveloze portiekflat. De huurders die zijn teruggekomen, kijken uit op eenzelfde oude meuk die ze hebben verlaten. Bewoners van koopappartementen voelen zich bekocht. Die hebben 3,5 ton betaald voor 110 vierkante meter en hebben hetzelfde treurige uitzicht.

Het straatgewoel in de Kolenkitbuurt is als in elke andere volkswijk, alleen het decor is meer dan gemiddeld versleten. Moeders zitten op de trappetjes van de portieken, een man repareert een fiets, een ander komt op zijn scootmobiel aanzetten met reserveonderdelen. Een vrouw in een rood T-shirt met het opschrift 'Wijkbeheerder' tilt een tegenstribbelend kind op en brengt het naar buurtkamer De Kit.

Afgedankt huisraad is tegen de afvalcontainers gekwakt - onder het bord dat vermeldt dat de buurt 'klaar is' met rotzooi op straat. De Kolenkitbuurt heeft extra vuilophalers en extra handhavers gekregen, maar vuilnis is een hardnekkig probleem; de buurt moet ook willen. 'En wij moeten beter poetsen en harken', vindt Lambriex.

Bewoners die een speelgoeduitleen willen beginnen, bewoners die voor elkaar koken, bewoners die zich overal mee willen bemoeien - ze krijgen allemaal een steuntje in de rug. De laatsten hebben een plek gekregen in het buurtkantoor.

Corporaties stellen leegstaande winkeltjes vrijwel voor niets ter beschikking. Het stadsdeel verstrekt verf. Een ruilbeurs voor tweedehandskleding, een knutselclub, huiswerkbegeleiding, een filmclub voor kinderen, taalles voor vrouwen - het vindt allemaal onderdak in de hoekpanden. 'Heeft u ook een leuk idee? Laat het ons weten!', staat op een etalageruit.

Koffie

Buurtkamers waar je enkel koffie en thee kon drinken, daarmee is West opgehouden. 'Alleen maar een ruimte om te ontmoeten: dat regel je zelf maar. Als we een ruimte ter beschikking stellen, moet het wel ergens over gaan.'

Studenten die een tegenprestatie leveren - huiswerkbegeleiding, taalles, voorlezen - kunnen goedkoop in een woning trekken die al afgebroken had moeten zijn. Lambriex: 'Door hun aanwezigheid en de komst van nieuwe bewoners in de nieuwbouw die er al wel staat, is de buurt al gemengder.'

In 2001 scoorde de Kolenkitbuurt een 5 in een onderzoek naar leefbaarheid van de gemeente Amsterdam. Tien jaar later was dat opgehaald tot een 6 - een voldoende, maar nog steeds het slechtste cijfer van de stad.

Er wordt minder geklaagd over het gebrek aan voorzieningen, onveiligheid, overlast (van duiven, ratten en hangjongeren), vernielingen, beledigingen en geweld.

De Kolenkitbuurt is een klein gebied in stadsdeel West. Lambriex: 'Wij hebben één buurt die eruit springt, daar kunnen we veel energie in steken. Dat is gemakkelijker dan wanneer je uit tien moet kiezen, zoals Nieuw-West.'

Het nieuws dat de Kolenkitbuurt de slechtste wijk van Nederland was, heeft gewerkt als een vliegwiel. 'Door die schok kwam veel energie vrij, iedereen ging harder lopen. De politie erbij halen, bijvoorbeeld, gaat makkelijker.'

Het bestuur van het stadsdeel heeft stevig gesnoeid in het woud van hulpverleners. De bestuurders wisten niet wat ze zagen toen ze drie jaar geleden aantraden. 'Als er een probleem was, werd heel hulpverlenend Nederland gemobiliseerd. Er waren mensen die keken wat er goed ging en wat er fout ging. En er waren mensen die weer rapporten schreven over die mensen.'

Voortaan krijgen multiprobleemgezinnen - het jargon is hetzelfde - te maken met één vertrouwenspersoon. Die moedigt de gezinnen aan zelf oplossingen aan te dragen. Niet zelden worden die in eigen kring gevonden.

Het Ernest Staesplein viel van verdriet uit elkaar. In een afgekeurd schoolgebouw leunen een vervallen sportschool en moskee tegen elkaar. Het stadsdeel kon de verloedering niet langer aanzien en is aan de slag gegaan. Stratenmakers zijn in de weer, nieuwe speeltoestellen staan er al, aan de gebouwen wordt druk getimmerd.

Tante Hennie zit er 29 jaar met de vechtsportschool en is jaren aan het lijntje gehouden. Haar geduld is danig op de proef gesteld. 'Wat mij allemaal niet is beloofd: we zouden nieuwbouw krijgen, we zouden naar een andere locatie gaan. Hoeveel bestuurders ik niet over de vloer heb gehad, allemaal kwamen ze met mooie plannen.'

Halfbakken

De opknapbeurt vindt ze halfbakken. 'De gaten zitten nog in de muur, de ramen sluiten niet. De moskee is prachtig mooi geworden. Waarom gaat die voor? Wij zijn dertig jaar bezig om de jeugd van de straat te houden. Ik kan goed opschieten met de mensen van de moskee, maar wij zitten in het verdomhoekje. Ik heb tegen ze gezegd dat ik de verkeerde kleur heb.'

Lambriex had haar gisteren nog aan de telefoon. Vlak voor haar school werd aarde gestort voor een nieuwe heg. Ze zei: jullie gaan mij allemaal ratten bezorgen. Meneer Lambriex, doe er wat aan.' Lambriex belde daarop de verantwoordelijke ambtenaar. Die was al ter plekke en zei: 'Ik denk dat ik moet toegeven.' Lambriex: 'Dan geef je lekker toe.'

Op het braakliggende Jan van Schaffelaarplantsoen, aan de voet van de Kolenkit, gebeurt van alles sinds het kunstenaarscollectief Cascoland het beheert. Er hadden allang twee flats moeten staan, maar je gaat het bijna jammer vinden dat die er ooit komen.

De kunstenaars zijn er om bewoners te stimuleren. Dat ging moeizaam, totdat ze met kippen begonnen. Daarvoor komen mensen de deur uit. Twaalf families zorgen voor de rondscharrelende kippen. Normaal vergt een kippenhok in de publieke ruimte een langdurige procedure, in deze tijd van stilgevallen stadsvernieuwing laat het stadsdeel de teugels vieren.

Aan de buurttafel is twee keer per week een lunch, waar bewoners met zelfgemaakte gerechten komen aanzetten. Een oase in een buurt zonder horeca. Er is geregeld een barbecue. De afgelopen winters was er een schaatsbaantje, schoolklassen kwamen met de gym.

Het logeerhuis, een ander initiatief van Cascoland, kijkt uit op het veld. Als klein behuisde gezinnen familie uit het land van herkomst te logeren krijgen, kan die daar tegen een kleine vergoeding slapen. Buurtgenoten beheren de woning. Binnenkort komt er een logeercamper. Die kan voor de woning worden gezet van het gezin dat logees over de vloer heeft. De vrachtauto kan in een handomdraai worden ontmanteld en dienst doen als verhuiswagen. Handig als betere tijden aanbreken en bewoners hun appartement kunnen verlaten.

Beeldend kunstenaar Fiona de Bell loopt met een zoemende grasmaaier over de vlonders op het plantsoen om het gras dat ertussendoor piept te kortwieken. Maaien doet het stadsdeel niet. Omdat het terrein in de boeken staat als braakliggend, neemt de plantsoenendienst het niet mee. De praktische aanpak in de Kolenkitbuurt is nog niet doorgedrongen in alle kieren van de ambtenarij.

Mac Busz woont een paar straten verderop. Drie jaar geleden betrok ze een appartement, tweehoog, net opgeknapt. Elf jaar had ze moeten wachten op een eigen woning. Ze ergert zich kapot aan de negatieve verhalen over de buurt. 'De mensen zijn gastvrij. Ik word veel binnen gevraagd. Midden in de nacht fiets ik over straat, nooit problemen gehad.'

Ook op de Schaapherderstraat 32 driehoog houden ze de moed erin. 'Geen reclame svp. Wij hebben alles al', vermeldt de sticker op hun brievenbus.

undefined

Meer over