Hoe duurzaam beleggen de banken?

Wie zijn geld maatschappelijk verantwoord wil beleggen zal met de Brent Spar en de commotie rond de dood van de Nigeriaan Ken Saro'Wiwa nog vers in het geheugen, wellicht niet meteen voor aandelen in een bedrijf als Shell kiezen....

De belangstelling voor duurzaam beleggen blijft toenemen. Eerder dit jaar kondigde een aantal grote institutionele beleggers aan een aanzienlijk deel van het vermogen in maatschappelijk- en milieubewust opererende ondernemingen te steken en ook voor de kleine belegger heeft iedere zichzelf respecterende bank inmiddels een duurzaam beleggingsfonds gelanceerd.

'De geschiedenis van Shell kent inderdaad een aantal zwarte bladzijden', aldus fondsmanager Herman Kleeven van ING, 'maar mede door dergelijke incidenten is er de laatste jaren een enorme verandering in het denken en handelen gekomen.' Waar vroeger hele bedrijfstakken als olie en chemie als verdacht terzijde werden geschoven, is de laatste jaren steeds meer het besef doorgedrongen dat dergelijke industriën simpelweg onmisbaar zijn voor de economische ontwikkeling.

'Met uitzondering van bedrijven die zich bezighouden met de productie van wapens, kernenergie, gokken, bont of tabak, sluiten wij in principe geen enkele branche uit', zegt ook Jaap van der Geest van het ABN Amro Duurzame Wereld Fonds. 'Dat zou ook hypocriet zijn als je je bedenkt dat bijvoorbeeld Jan Pronk misschien wel de meeste milieuvervuilende vlieguren van iedereen maakt. Waar wij in zulke gevallen vooral naar kijken is in hoeverre de betreffende onderneming zich inzet voor positieve veranderingen als onderzoek naar- en investeringen in alternatieve energiebronnen.'

Bij de selectie van geschikte kandidaten hanteren de beleggingsfondsen veelal het credo 'people, planet, profit'. Hierbij wordt een afweging gemaakt van factoren als mensenrechten, kinderarbeid, arbeidsomstandigheden, maatschappelijke betrokkenheid, milieu, omgaan met natuurlijke hulpbronnen en winstgevendheid.

Over de duurzaamheidscriteria laten de banken zich veelal adviseren door onafhankelijke internationale bureaus. Aangezien deze vaak ieder een eigen invalshoek hebben, zijn deze adviezen niet altijd even eenduidig. Een bedrijf dat hoog scoort op milieubeleid, kan er bijvoorbeeld warme betrekkingen op nahouden met een dubieus regime als dat in Birma. Van der Geest: 'De uiteindelijke keuze maken wij dan ook altijd zelf op basis van het best-in-class-principe. '

Een van die keuzes is daarbij gevallen op het Canadese Suncor Energy. Wie bij die naam denkt aan een producent van zonnepanelen komt bedrogen uit. Het bedrijf wint olie uit met teer verzadigd zand en steen en was vorig jaar nog het mikpunt van een grootschalige campagne van Greenpeace. Hierbij kreeg Suncor het predikaat: 'een van de grootste overtreders met betrekking tot de aantasting van het wereldklimaat'.

Een andere omstreden industrietak die zich in een warme belangstelling van de duurzame fondsen mag verheugen is de farmacie. Pillenreuzen als Bristol-Myers, Glaxo Smith Kline, Johnson & Johnson en Pfizer. Nog los van het feit dat dit over het algemeen grootverbruikers van proefdieren zijn, stonden velen van hen recentelijk aan grote kritiek bloot naar aanleiding van hun initiële weigering om betaalbare aidsremmende medicijnen op de Zuid-Afrikaanse markt toe te laten.

Kleeven: 'Wij zijn binnen de farmaceutische industrie op zoek gegaan naar die ondernemingen die zich positief onderscheiden. Een bedrijf als Glaxo Smith Kline doet er bijvoorbeeld alles aan om het gebruik van proefdieren tot een minimum te beperken en is actief op zoek naar alternatieven. Verder stellen zij een grote hoeveelheid medicijnen gratis beschikbaar aan mensen in ontwikkelingslanden en voeren zij een zeer open beleid.'

Van die veelgeroemde openheid zouden de betrokken fondsen overigens zelf ook nog wel het een en ander kunnen leren. De informatie op websites over hun precieze deelnemingen en rendementen is vaak niet of moeilijk te vinden. De geïnteresseerde belegger doet er dan ook goed aan om vooraf een in beleggingsfondsen gespecialiseerde site als Morningstar te raadplegen.

Anders dan bij het fiscaal aantrekkelijke groene beleggen, is het begrip duurzaam beleggen niet aan wettelijke regels gebonden. Kleeven staat positief tegenover een mogelijke certificering al is het nog maar de vraag wie dat dan zou moeten doen. 'We hebben hier gesprekken over gevoerd met de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO), maar die zijn enigszins doodgelopen.' Piet Sprengers van VBDO: 'Wij zijn in de eerste plaats een breed platform voor duurzame beleggers en dat varieert van licht- tot donkergroen. We vellen geen absoluut oordeel over de mate van duurzaamheid van de beleggingsfondsen, maar werken wel hard aan algemene richtlijnen voor transparantie. Een belegger moet weten waarin hij precies investeert.'

Meer over