Hink-stap-springen kijk je zo

Het is volstrekt onnatuurlijk en belast het lijf tot het uiterste. Van de wereldtop is een kwart niet aanwezig op de Spelen, want geblesseerd.

BRAM VAN DIJK

Een van de eerste helden van de oude sport hink-stap-springen was Chionis uit Sparta, die bij de klassieke Spelen rond 660 voor Christus 15,85 meter sprong. Deze tien tips verhogen het kijkplezier van de sport die volledig tegen het natuurlijke bewegen ingaat.

1 Alleen in het Nederlands heet het hink-stap-sprong.

In andere landen heet de sport triple jump, triple saut of dreisprung, een term (driesprong) die in Nederland ook gebruikt wordt. Sinds het begin van de moderne Spelen in 1896 is hink-stap-springen een losstaande discipline. Pas in 1996 werd het voor vrouwen een olympische sport.

2 Er is niets natuurlijks aan hink-stap-springen.

Na de aanloop van 40 meter zet de springer met een voet af op de 'balk', de brede witte lijn. Daarna landt hij op dezelfde voet (de hink), vervolgens op zijn andere voet (de stap), om met deze voet af te zetten en met beide benen voorwaarts in de zandbak te belanden (de sprong). In de finale springt iedereen drie keer, waarna de acht beste nog drie pogingen krijgen. Wie het verst komt, wint de wedstrijd.

'Alleen door uren te trainen, komen de bewegingen van de sprong in het geheugen van je spieren', zegt Nederlands beste springer Fabian Florant. Hij werd al zeven keer Nederlands kampioen en heeft zowel binnen als buiten het Nederlands record hink-stap-springen op zijn naam staan.

3 Hink-stap-springen is de kamikazesport onder de atletiekdisciplines.

Het gebied van de enkel tot aan de heup loopt gevaar bij de sprong. Door de snelheid van de aanloop komt er bij het landen op de hink tot zes keer het lichaamsgewicht op het been. Het is extreem moeilijk om deze druk op te vangen zonder uit balans te raken. Van de top-20 is ongeveer een kwart afwezig in Londen vanwege blessures. Onder wie de

23-jarige Fransman Teddy Tamgho, die van alle springers het beste persoonlijke record heeft, 17,98 meter. Florant: 'De kunst van de sport is vooral om gezond te blijven.'

4 Op trainingen worden zo min mogelijk volledige sprongen uitgevoerd.

Zo voorkomen de springers een te grote belasting en blessures. Er wordt vooral getraind met deeloefeningen, bijvoorbeeld alleen de hink. 'Als hink-stap-springer moet je een beetje gek zijn om je lichaam zo op de proef te stellen', zegt Floriant. 'Maar dat is ook het mooie: als je het eenmaal onder de knie hebt, hoor je al snel bij de top.'

5 Hink-stap-springers zijn de ballerina's onder de atleten

Als een atleet het gelukt is blessurevrij aan de start te verschijnen, kan hij het verschil maken door perfect in balans te blijven. Aan de aanloop is te zien of de sprong goed wordt. 'Hier gaat het vooral over de stabiliteit van het bovenlichaam', zegt Niels Kruller, hink-stap-sprongcoach voor de Atletiekunie. 'Hink-stap-springers zijn echte balletdansers. Het is millimeterwerk om op zo'n tempo de hink en stap onder controle te houden.' Als een voet een fractie scheef staat bij een tussenlanding, kost dat vele centimeters aan het eind.

6 In de lucht, na de afsprong en voor de hink, maakt de springer de cycle.

Dat is een volledig rondje met het been waarmee niet wordt afgezet. Deze fietsbeweging is bedoeld om het tempo van de aanloop mee te nemen en leidt ertoe dat het been klaar staat voor de stap. Ook dit moet van jongs af aan worden aangeleerd: niet de knie, maar de heup moet naar voren. Al deze onnatuurlijkheden leiden ertoe dat hink-stap-springen er abnormaal uitziet.

7 Als een springer na de landing niet achter zich kijkt, was het een fantastische sprong.

Bij de afzet op de balk weet een springer al of het een goede afstand gaat worden. Want 'in de lucht valt niet meer zo veel te corrigeren', volgens Kruller. Het hoge tempo van de aanloop leidt ertoe dat een minimale correctie al snel te veel wordt, waardoor een springer gaat zwalken.

8 Je hebt snelheidsspringers en krachtspringers.

Dat kun je zien aan de aanloop. De vaak kleinere snelheidsspringers gaan sneller, maken kleinere pasjes en springen als een kat. De krachtspringers moeten het meer hebben van de kracht die ze uit de hink en de stap halen. De aanloopsnelheid ligt lager dan bij verspringen, om controle over de hink en de stap te houden.

9 Hink-stap-sprongschoenen zijn platter dan de verspring­schoenen.

Bij verspringschoenen gaat de zool bij de hak omhoog, waardoor springers meer op hun tenen lopen. Hink-stap-sprongschoenen staan plat op de grond om goed te kunnen landen en afzetten. Ook zit er meer demping in om de harde hink- en stapklap op te vangen. De twee sporten zijn voor een atleet goed te combineren. De Australiër Henry Frayne doet aan beide competities mee op deze Spelen.

10 Ook deze keer wordt het wereldrecord niet verbroken.

In tegenstelling tot veel olympische sporten zoals zwemmen en baanwielrennen lijkt de atletiek uit­geïnnoveerd. Vooral bij de behendigheidssporten als discuswerpen en speerwerpen is het wereldrecord meters weg van de huidige beste seizoensprestaties en is het wachten tot er weer een supertalent opstaat. Het hink-stap-sprongrecord staat op naam van de spierwitte magere Brit Jonathan Edwards, met de ongelooflijke afstand van 18,29 meter in 1995 gesprongen. Van de huidige deelnemers sprong nooit iemand verder dan 18 meter.

undefined

Meer over