Hillbilly-logica op hakken van twaalf centimeter

Met knipogen en aandoenlijke openhartigheid over de vaardige hand van de dokter, schrijft Dolly Parton over haar leven. De armoedige jeugd, de eerste banjo....

ARIEJAN KORTEWEG

DOLLY PARTON weet als geen ander dat ze een paar punten heeft die sterk in haar voordeel spreken. Ze schroomt er niet voor die zelf uitgebreid aan de orde te stellen. Met milde zelfspot heeft ze het dan over haar 'koplampen', en maakt ons tot in detail deelgenoot van hun wedervaren, vanaf het moment dat ze zo omstreeks haar twaalfde levensjaar in het oog begonnen te springen, tot aan de jongste ontwikkelingen toe.

Jongste ontwikkelingen? Is er dan nog iets anders dan de gulle hand van de natuur te pas gekomen aan wat ze zelf betitelt als 'those body parts that were destined to become my calling card in life and the reference point for many a joke by late-night talk-show hosts?' Dat is de vraag waarvan ze vermoedt dat die op aller lippen brandt.

Op pagina 286 van haar autobiografie Dolly - My Life and Other Unfinished Business volgt dan eindelijk het antwoord. Eerlijk gezegd is er geen deel van de vijfenhalve turf hoge Dolly Parton dat niet door behendige doktershanden is verbeterd, opgevoerd, bijgesteld en gladgetrokken. Of opgehoogd, zoals in het geval van two of my biggest assets, zoals ze ze ook wel aanduidt.

De manier waarop ze die bekentenis formuleert is typerend voor de toon van het boek. 'Let's just say that some of Dr. Grossman's work has been very uplifting', schrijft ze. 'People were always saying to me, 'Show me your boobs', and I got tired of having to pull my shirt up to do it.'

Met een regen aan vette knipogen en een bij vlagen aandoenlijke openhartigheid maakt de zangeres de balans op van haar leven tot dusver. Het heeft haar waarachtig niet tegengezeten. Van een heel arm jong meisje op blote voeten in een achterlijk gat in de Smoky Mountains is ze een heel rijk ouder meisje op pumps met hakken van wel twaalf centimeter geworden, dat overal in de Verenigde Staten op toplokaties huizen heeft en tot de meest gefotografeerde mensen van het land behoort.

Bij het verwerven van die status hebben haar 'koplampen' bepaald niet in de weg gezeten. Al hebben ze wel de neiging om haar andere kwaliteiten aan het gezicht te onttrekken, zodat ze soms een clichévrouwtje lijkt, een compacte variant van de Barbie-pop. Terwijl Dolly Parton toch vooral onze warme aandacht verdient omdat ze zo hartverscheurend mooi kan zingen, en omdat ze door de jaren heen een aantal country- en popsongs heeft geschreven die alleen nog geëvenaard kunnen worden.

Wie dat niet gelooft moet maar eens luisteren naar hoe Dolly Parton zelf in 1973 I Will Always Love You zong, een machtige uitvoering waarbij de versie van Whitney Houston verbleekt tot plat machtsvertoon. Of die moet anders nog eens naar Jolene luisteren, een hartverscheurend vrolijk nummer waarin de zangeres een mooie rivale smeekt haar man met rust te laten. Mocht ik een Top-10 aller tijden samenstellen, dan zou Jolene daarin zeker een plaats krijgen.

In het begin van haar loopbaan, toen ze samen met zanger Porter Wagoner een show deed, was het de gewoonte na afloop handtekeningen uit te delen. Op een avond kwam een mooi meisje van een jaar of negen met een stukje papier naar haar toe. Ze had kastanjebruin haar en zei fluisterend haar naam: Jolene. Dat was de inspiratie voor de hit van een jaar later.

Er zijn meer songs waarvan de inspiratiebronnen in deze autobiografie opduiken. Zoals Daddy Was an Old Time Preacher Man over opa Jake, en Applejack over de oude zonderling Sawdust, die in een bouwval een paar kilometer verderop woonde. Van hem leerde ze de eerste akkoorden op de banjo.

Een klassieke tearjerker is het verhaal over Coat of Many Colors. Het gezin Parton, veertien in getal, was zo straatarm dat moeder kinderkleren naaide uit lompen. Meestal zocht ze dan naar lappen van ongeveer dezelfde kleur, zodat het broddelwerk niet te zeer zou opvallen. Maar Dolly, voor wie het ook toen al nooit kleurig genoeg kon zijn, verraste ze met een jas van bonte lappen. En terwijl ze die jas naaide, vertelde ze haar dochtertje het bijbelse verhaal van Jozef en zijn gekleurde jas die iedereen jaloers maakte. Helaas pakte het bij Dolly anders uit: de kinderen op school haalden hun neus op voor haar jas van lappen en bleken aan bijbelse connotaties helemaal geen boodschap te hebben.

Hoe treurig ook, voor een country-vedette in de dop is zo'n tragedie een goudmijn. Zoals haar hele jeugd een onuitputtelijke bron is geweest voor liedjes. Kind van white trash, pachters in de Smoky Mountains in het oosten van Tennessee, zo arm dat het talrijke kroost de helft van het jaar op blote voeten loopt; maakt op haar twaalfde, als ze op weg is naar haar eerste plaatopname, kennis met het verschijnsel telefoon; debuteert kort daarop in de Grand Ole Opry in Nashville, en brengt daarmee binnen bereik wat ze als kleuter al wilde worden: EEN STER!

Al vroeg in het boek legt ze zichzelf dat verlangen in de mond. Het is een beroepskeuze die uit de mond van een Europees kind volmaakt bizar zou klinken, maar voor een Amerikaans meisje kunnen die vier letters een samenvatting zijn van alles waar zij in gelooft. Om dat doel te bereiken bracht Dolly Parton een heilige drieëenheid in het geweer: Muziek, Sex en God. Voor Dolly staat vast dat het dat toptrio is dat haar gemaakt heeft tot wat ze altijd wilde worden, al kon de volgorde afhankelijk van de omstandigheden nog wel eens wisselen. Voeg daarbij haar dadendrang, zakelijk inzicht en intelligentie (Dolly Parton is een van de weinige 'sterren' die zonder hulp haar autobiografie schrijft) en de verwezenlijking van de droom komt binnen handbereik.

Ben je eenmaal een ster, dan is alles mogelijk. Dan kun je een pretpark voor jezelf oprichten en dat Dollywood noemen, dan kun je slechte tv-shows maken en in leuke films spelen, dan kun je streaken in de achtertuin van Tom Jones zonder te weten of hij thuis is, dan kun je opbiechten dat je als kind wel eens aan de speen van een varken hebt gelurkt. Dan kun je je zelfs permitteren om met je muziek langzaam maar zeker de wortels van de country de rug toe te keren. 'I'm not leaving it, I'm taking it with me to new places', zegt Dolly Parton als haar

dat verwijt wordt gemaakt. 'Abraham Lincoln was great not because he was born in a cabin but because he got out of it.'

Met diezelfde hillbilly-logica gaat ze alle problemen te lijf die haar pad kruisen. En steeds weer komt ze als winnaar uit de strijd. 'Het is een deel van Gods werk op aarde in deze moderne tijd dat we zulke fantastisch vaardige mensen en technologie hebben om ons aantrekkelijk te houden', zegt ze bijvoorbeeld als haar kosmetische chirurgie ter sprake komt.

Hier heeft tegenspraak zijn zin verloren. Bovendien, een ster spreek je niet tegen. Zeker niet als die zo onderhoudend over haar besognes keuvelt. Dank zij My Life and Other Unfinished Business weet ik meer over Dolly Parton dan ik ooit weten wilde.

Ariejan Korteweg

Dolly Parton: Dolly - My Life and Other Unfinished Business.

HarperCollins, import Nilsson & Lamm; ¿ 46,85.

ISBN 0 06 017720 9.

Meer over