Hij doet het op zijn manier, of hij doet het niet

Als de wereldkampioen wielrennen zondag niet uit Nederland komt, ligt het in ieder geval niet aan het enthousiasme van de bondscoach. 'Ik geloof er heilig in.' Dat meent hij.

Zo begon het: Leo Duyndam, de beroemde wielrenner uit het naburige Poeldijk, had verkering met zijn grote zus. Kleine Leo kreeg van grote Leo een racestuur waarmee hij zich wielrenner kon wanen. En hij kreeg een pakketje publiciteitsfoto's waarop Duyndam zijn handtekening had gezet. Die foto's verkocht Leo van Vliet voor een gulden per stuk in de speeltuin.

Kijk, zegt Leo van Vliet en hij haalt vervolgens zijn iPhone tevoorschijn. 'Dat is ook toevallig. Ik kwam die foto toevallig net tegen op internet.' Het woord 'toevallig' trekt hij onmiddellijk weer in.

Toeval bestaat namelijk niet. Alles gebeurt met een reden, net zoals alles mogelijk is. Zijn levensmotto luidt: je hoeft geen geluk te hebben, zolang je maar geen pech hebt. 'Schrijf dat maar op.'

Het is maandag in Kasteel Vaeshartelt. 'Ssst, hier slaapt Oranje' staat geschreven op een spandoek bij de ingang van dit chique hotel in Limburg. Eén voor één druppelen de professionele wielrenners binnen. Dit weekeinde moet de nachtrust zich vertalen in een klinkende prestatie op het WK.

Leo van Vliet is hun bondscoach. Hij heeft die morgen een trainingsrit gemaakt met Niki Terpstra, zijn aas voor zondag. Onderweg hebben ze gesproken over hoe een aas het best kan worden uitgespeeld. Daarna heeft hij Terpstra bergop uitgedaagd, waarna de aas hem een kilometer verderop voorbijvloog. Dat zag er goed uit.

Met dat geruststellende gevoel komt Van Vliet die middag de foto van Duyndam tegen. En opeens lijkt het wel alsof alles samenvalt, alsof toeval niet bestaat, alsof alles met een reden gebeurt.

En daarom zegt hij maandagmiddag: 'Ik geloof heilig in zondag.' Dat zou de powerpraat van een coach kunnen zijn. Maar als je goed kijkt, zie je hoe Van Vliet zijn emoties verbijt. Hij meent het.

Leo van Vliet is een man in wie de buitenwereld zich gemakkelijk vergist. Op het eerste gezicht is Van Vliet een 56-jarige kwajongen, een handige donder die het allemaal is komen aanwaaien. Zelf voedt hij dat beeld door te zeggen: 'Als ik mijn werk niet vrolijk kan doen, kan ik het beter niet doen.'

Van de kook

Vervang het woord vrolijk door passie en je komt dichter bij die waarheid. Alle vrolijkheid vloeit voort uit de hartstocht waarmee Van Vliet zijn werk doet. Dat werk hoopt hij zondag te bekronen met een wereldtitel op eigen bodem. En het klopt, stelt zijn broer Quirien vast: 'Leo raakt snel van de kook.'

Liefhebbers op leeftijd herinneren zich hem allicht van de onbedaarlijke huilbui waarmee Van Vliet in 1983 op weg was naar de overwinning in Gent-Wevelgem. Vreugde en ongeloof streden om voorrang toen hij er in zijn eentje in slaagde uit de greep van een achtervolgende groep te blijven. Waar die tranen vandaan kwamen? Quirien: 'Hij had nooit gedacht dat zoiets voor hem weggelegd zou zijn.'

Het gezin Van Vliet, stevig geworteld in het Westland, telde drie dochters en zes zonen. Quirien is de oudste zoon, Leo de op één na jongste. Een eigenwijs ventje was hij naar eigen zeggen.

Vader Van Vliet was boer, maar hij deed er van alles bij om al die mondjes te voeden. Met paard en wagen ging hij de kassen langs. Het was de geboorte van het transportbedrijf dat later onder de familienaam toonaangevend zou worden.

Het Westland, tussen Rotterdam en Den Haag, is een apart stukje Nederland. Het is een landschap van glas, de ene kas staat naast de andere. In het Westland wordt niet gezeurd, maar gewerkt, en dat heeft zijn vruchten afgeworpen.

Zo verging het ook de familie Van Vliet nadat de wagen niet langer achter het paard gespannen hoefde te worden. Op de heenweg vervoerden de vrachtwagens van Van Vliet de brandstof om de kassen op temperatuur te houden, op de terugweg gingen de bloemen en het fruit naar de veiling.

De zoons maakten hun entree in het bedrijf, de werkzaamheden werden steeds verder uitgebreid. Een Chevrolet Bel Air deed dienst als taxi, want elke vorm van transport is er één. Transportbedrijf Van Vliet groeide uit tot een miljoenenbedrijf en werd in de wijde omgeving toonaangevend in afvalverwerking.

Zoon Leo was aanvankelijk vrijgesteld om zich verder te bekwamen in het wielrennen. Als 22-jarig talent belandde hij in Frankrijk, bij de toenmalige wielerploeg van Joop Zoetemelk. Zijn eerste wedstrijd bij de profs eindigde in een overwinning. Een klasbak leek geboren. Maar zo goed was Leo van Vliet niet, zeker niet in het sterrenensemble van Raleigh, dat hem een seizoen later inlijfde. Hij was wel een linkebal die wedstrijden naar zijn hand kon zetten.

Reed Van Vliet met een Fransman vooruit, dan was dat Frans van hem goed genoeg om zijn tegenstander ervan te overtuigen dat een tweede plaats ook mooi was. Een beetje sprinten kon Van Vliet namelijk wel.

Het eigenwijze ventje werd een teamspeler, al botste hij vaak met de leiding. 'Maar dat zijn wel de mensen van wie ik beter ben geworden', zegt hij over toonaangevende figuren als Herman Krott, Peter Post en Jan Raas.

Joop Holthausen, destijds wielerverslaggever van Het Parool: 'Leo was mentaal niet zo sterk. Dat heeft Raas hem ook weleens verweten, dat hij er niet alles uit heeft gehaald.'

Misschien was het probleem veeleer dat Van Vliet er niet altijd bij was met zijn hoofd. Buiten het seizoen leverde hij al zijn aandeel in het familiebedrijf. Als het eenmaal koers was, speelde dat nog door zijn kop. 'Met dat internet zou het nu allemaal een stuk gemakkelijker zijn geweest.'

Hij was er in 1981 al eens een jaartje tussenuit geweest, maar daarna toch weer teruggekeerd. Vijf later, na een valpartij, gaf Van Vliet er definitief de brui aan. Een dag na zijn terugkeer in het Westland zat hij achter het stuur van een vrachtwagen. Quirien van Vliet: 'Gewoon bij het begin beginnen, net als wij allemaal.'

In de jaren tachtig van de vorige eeuw werd de noodzaak van recycling onderkend. Dat werd Leo's pakkie-an. 'Ik was een beetje de Willy Wortel van het bedrijf.' Niet dat Van Vliet het zelf allemaal bedacht, maar hij wist wel waar het werd bedacht. Het legde de zaak geen windeieren.

In dat zelfde decennium besloten de broers Van Vliet hun bedrijf te verkopen aan een Amerikaanse concurrent. In één klap was hun kostje gekocht. Leo van Vliet had opeens tijd te over en met die luxe weet een echte Westlander zich geen raad. 'Ik dacht: ik ga 's morgens lekker een bakkie doen bij iemand. Maar de meeste mensen hadden daar helemaal geen tijd voor, bakkie doen.'

Op zoek naar een nieuwe invulling van zijn leven, kwam er een verlossend telefoontje uit Limburg. Herman Krott, die hem als wielrenner had geschoold bij de amateurs van Amstel, stopte als directeur van de Amstel Gold Race.

Zijn leidinggevende capaciteiten, ontdekt in het miljoenenbedrijf, komen nu dus van pas in het wielrennen. Van Vliet had in zichzelf nooit een ploegleider gezien en dat doet hij nog steeds niet. Hij wil geen radertje zijn in een groot geheel en geen genoegen nemen met compromissen. Met zijn financiële onafhankelijkheid hoeft dat ook niet.

Aftakking

Van Vliet maakte van de Amstel Gold Race een soepel draaiende machine en hij bedacht een aftakking naar Curaçao. 'Ik had zoiets gezien op Guadeloupe met Franse wielrenners en dat leek me ook wel wat.'

Het is nu al een aantal jaar een feestelijk samenzijn van vooraanstaande profs, met de publicitaire hulp van De Telegraaf. Raymond Kerckhoffs, wielerverslaggever van die krant: 'In het begin liep Leo stuk op de mentaliteit op het eiland. Alles kwam morgen wel. Dat moet je niet zeggen tegen een Westlander.'

Nu loopt het ook daar gesmeerd. Van Vliet heeft een huis op Curaçao, zit er in het vastgoed en koppelt toeristische activiteiten aan het fietsen. Hij is geboren voor de handel. Kerckhoffs: 'Ik was eens met hem in de fietsenhandel van Gerrit Solleveld, een goede vriend van hem en ook een Westlander. Gerrit wees naar een tas die hij niet kon verkopen. Hij loopt even naar achteren, een vrouw komt binnen en binnen vijf minuten heeft Leo haar die tas verkocht.'

Vier jaar geleden werd hij benaderd om bondscoach te worden en niemand kan beweren dat zijn ziel en zaligheid er niet in ligt. Het afgelopen seizoen kon je Leo van Vliet bij alle koersen tegenkomen. Grijnzend: 'Ga ik 's morgens eerst naar de start, daarna zelf een stukje fietsen en dan 's middags naar de finish. Heerlijk toch?'

Zijn taakopvatting komt overeen met die van zijn overleden voorganger Gerrie Knetemann: een groepsgevoel kweken, individueel wat prikjes uitdelen en trouw blijven aan de filosofie van hun voorbeeld Peter Post. 'Je moet nooit achter de feiten aan fietsen, altijd zorgen dat je het initiatief hebt.'

Kritiek legt hij naast zich neer. 'Ik doe het op mijn manier of ik doe het niet.'

CV Leo van Vliet

1955 Geboren op 15 november in Honselersdijk (Zuid-Holland)

1976 Wint etappe en eindklassement in Olympia's Tour

1978 Prof bij Miko-Mercier

1979 Tekent bij TI-Raleigh. Beste in tweede etappe van de Tour de France en Parijs-Nice

1980 Ploegmaat Joop Zoetemelk wint de Tour de France

1983 Beste in Gent-Wevelgem

1984 Tekent contract bij Kwantum Hallen-Yoko

1986 Stopt met wielrennen

2009 Bondscoach van de profs

undefined

Meer over