Hier komt de crisis pal van voren

In menig opzicht is Leidsche Rijn een ideaal woonoord. Maar de makelaar heeft 120 woningen te koop en verkoopt er per week niet meer dan twee of drie.

VLEUTEN - De huizen zijn dezelfde als vijf jaar geleden, net als de straten, de vaarten en het kinderspeelplaatsje met het vrolijke Vikingschip, en toch is alles anders. Wie wil weten waartoe de economie in staat is, moet naar de Liesgrassingel gaan, naar de Lisdoddelaan, de Veldruskade of de Duizenknooplaan - kortom naar Vleuterweide-De Rietvelden, in marketingtermen nog steeds een 'zeer gewild' onderdeel van nieuwbouwwoonwijk Leidsche Rijn. En daar aanbellen bij de mensen die hun huizen te koop hebben gezet.

Achter de deuren die opengaan, verschijnen vaak studenten of andere tijdelijke huurders - de eigenaars zijn allang vertrokken, en proberen de hypotheek nu met verhuur te betalen, vaak in opdracht van de bank. 'Overbruggingsverhuur' heet dat, mogelijk dankzij de Leegstandswet.

Er doen ook mensen open die een andere baan kregen aan de andere kant van het land, die ontslagen zijn of gescheiden, en daarover liever niet praten. Het huis dat ze een paar jaar geleden vol enthousiasme kochten met een dikke hypotheek, is nu een molensteen om hun toekomst.

Dat ze een restschuld overhouden - het woord valt vaak in de wijk - hebben ze allang geaccepteerd. Dat ze niet weg kunnen, is erger.

'Ik voel me gevangen', zegt Mariëtte, met een mooi huis te koop aan de Lisdoddelaan waarnaar nog niemand is komen kijken. 'Dat we geld gaan verliezen maakt me niks meer uit, maar het idee dat je gedwongen bent om hier te wonen, dát is erg.'

Leidsche Rijn is de grootste nieuwbouwplek van Nederland. Hij kwam de afgelopen tien jaar tot stand op een golf van optimisme. De economie kon alleen maar groeien, de banken waren scheutig, de banen goedbetaald; hier kwamen de mensen wonen die de toekomst vertrouwden, en tonnen konden lenen voor een gezinshuis.

Nu is alles anders. De banken zijn op slot, de werkloosheid schiet omhoog, de huizenprijzen in een vrije val, het consumentenvertrouwen is nog nooit zo laag geweest. De economie krimpt met 0,6 procent. 2013 zou best weleens het epicentrum kunnen worden van een lange, diepe crisis.

Her en der valt daarom de term plofwijk al, als het over nieuwbouwwijken gaat. Het zijn de plekken waar de zeepbel het meest werd opgepompt, en nu het snelst weer leegloopt. Het is de middenklasse die hier woont, en die krijgt de economie recht in het gezicht.

Nog steeds wonen er veel mensen tot groot genoegen - daar gaat het niet om. Er worden ook nog steeds huizen verkocht. De sfeer in Vleuterweide is verre van neerslachtig, maar iedereen weet dat het anders is gelopen dan gedacht. En dat bewoners met problemen nu moeten boeten voor de keuze die ze een paar jaar geleden vol geestdrift hebben gemaakt.

Zolang er niets aan de hand is in je leven, zegt Jerry van Rooijen van Brecheisen Makelaars, is deze wijk een heel fijne. Het is er ruim en rustig wonen, en de grote werkgevers zijn vlakbij. Maar zodra je gaat scheiden of je baan verliest, of om wat voor reden ook moet verkopen, is het bal. Bijna al zijn klanten blijven met een restschuld achter. 'Tienduizend euro is niets, vaak is het dertig of veertig, en dat loopt op naar een ton'.

Het zijn relatief jonge mensen, zegt hij, 'ze staan aan het begin van hun carrière en houden altijd een achterstand. De banken vegen nu lekker hun balansen schoon, maar deze mensen slepen hun schuld met zich mee. En het kabinet doet niets. Dat is ongelooflijk.'

Jerry van Rooijen is in de buurt geboren en zag Leidsche Rijn ontstaan. Hij is nu 15 jaar makelaar, en heeft 120 huizen te koop - sommige al drie of vier jaar. Hij houdt moed en werkt hard, zoals een makelaar betaamt. Maar: 'als je twee of drie huizen verkoopt per week, ben je een grote jongen'.

Het enige dat hij kan doen, is zijn klanten 'op een heel menselijke manier begeleiden'. Je moet ze ervan overtuigen, zegt hij, dat nu verkopen met een restschuld beter is dan blijven kwakkelen. 'Ik ben meer psycholoog dan makelaar. Dan zeg ik: joh, het doet pijn, dat begrijp ik, maar doe het nu want over drie maanden is het erger.'

De meesten begrijpen dat, zegt hij, en ze zijn opgelucht als het voorbij is.

'Het is niet anders', zegt Daniëlle Diepstraten, met een mooi groot huis aan de Duizendknooplaan, waar tien mooie grote huizen te koop staan. Haar man heeft een nieuwe baan in Brussel; twee jaar al wachten ze op een koper. 'Het geld dat we ervoor betaalden, krijgen we nooit meer terug. Dat is dan jammer, dat we erop verliezen weten we nu wel. Maar is gewoon niet leuk om ergens te moeten wonen, waar je weg wilt. We zitten vast. Mensen doen hier de gekste dingen om hun huis kwijt te raken: de buurvrouw probeert nu alleen het huis te verkopen en niet de grond. Volgens mij kan dat juridisch gezien niet eens.'

En dan doet Manoj Gayadin open, aan de Mattenbieslaan. Het bord staat nog in de tuin, maar zijn huis is net verkocht. 'In drie weken!' Gewoon, een reële prijs vragen, zegt hij. Vertrouwen houden, en lef hebben. Hij had elders al iets nieuws gekocht, ook al werkt hij bij een bank waar reorganisatie dreigt. Dat was riskant, 'maar met optimisme kom je ver'.

Nu goed: hij heeft een geheim wapen. Hij is Hindoestaan en bijgelovig; vooraf heeft hij zijn plannen besproken met een pandit, die hem vertelde dat 27 december de juiste dag was. Precies op die dag moest het verkoopbord in de tuin. En drie weken later meldde zich de koper, exact zoals de pandit had voorspeld.

'Alles helpt', zegt Manoj Gayadin, 'maar optimisme nog het meest.'

undefined

Meer over