Het vaandel hoog, op naar de Joppenszprijs

Iedereen weet dat het leven zijn wonderen pas openbaart als je nergens op rekent. J.C. Bloem overkwam het op een miezerige ochtend in de Dapperstraat en maakte er een gedicht van.Een week geleden gebeurde iets soortgelijks in de Haarlemmerstraat. Ditmaal was het avond, maar qua miezerigheid moet de overeenkomst behoorlijk groot zijn geweest.

Het begon overigens allemaal met een enorme hoosbui waardoor dochter Lena en ik ons hadden gespoed naar de gymzaal van Groen-Wit. De datum was 2 oktober. Iedereen met een druppel Leids bloed in de aderen weet wat dat betekent: Taptoe.


Op 3 oktober 1574 bevrijdde Leiden zich van de Spaanse bezettingsmacht en sindsdien wordt elk jaar op die dag Leidens Ontzet gevierd. Dat is een feest van tradities, ideaal materiaal voor een inburgeringscursus.


Aan de vooravond daarvan, op 2 oktober dus, trekken de Leidse sportverenigingen in optocht door de binnenstad. De mars leidt naar het standbeeld van burgemeester Van der Werff die in de zestiende eeuw zo moedig was geweest. Bij het standbeeld staan de huidige gezagsdragers opgesteld. De vaandeldrager, die elke vereniging vooraf gaat, dient ter plekke zijn dankbaarheid voor al dat gezag uit te drukken.


Bij aankomst in de gymzaal blijkt Groen-Wit al in opperste staat van zenuwachtigheid. De Taptoe is een belangrijke zaak in Leiden. De club die er het meeste werk van heeft gemaakt, krijgt een geldprijs.


Maar de Taptoe is ook een ledenwerfactie. De tradities willen namelijk ook dat de ene helft van Leiden naar de andere komt kijken. Als wij, Groen-Witters, ons flink uitsloven, zal de vereniging groeien en bloeien.


Onze leiding is in handen van Rob van Haastregt. Je hoeft hem alleen maar als mailadres te kennen om dat meteen te kunnen zien. Rob is vanaf zijn vierde lid van Groen-Wit en behoort vanaf zijn zevende tot dat andere Leiden waarnaar het ene komt kijken. Hij is nu 44 en al bijna de helft van zijn leven binnen de club verantwoordelijk voor de Taptoe.


Er is een eindeloze evenwichtsbalk gemaakt, waarop in de straten van Leiden zal worden gebalanceerd. Vooraan in de optocht komt muziek uit luidsprekers, waarop meisjes met groen-witte parapluutjes dansen.


Lena, die de radslag kan, krijgt een wit gewaad met een groene strik om haar middel. Ik trek een witte sweater aan met vermoedelijk een groen logo op mijn rug.


We vertrekken naar verzamelpunt Kaasmarkt en zingen dat Groen-Wit nooit verloren gaat. Als de Taptoe eindelijk op gang komt, houdt het op met hard regenen. Lena, aanvankelijk geïmponeerd door de ambiance, is snel over haar schroom heen. Ze radslagt zich door de Haarlemmerstraat en steekt groen-witte duimen op naar de ene helft van Leiden. Aan haar zal het niet liggen.


Ik ben daarentegen weer eens tamelijk nutteloos, zo'n semi-officiële man die in de maat achter een muziekkorps aan loopt. Hij zal wel een bepaalde functie hebben, maar niemand weet welke.


Dat verandert als onze jonge vaandeldrager aan het eind van de Haarlemmerstraat onder haar wapperende last dreigt te bezwijken. Door de rijen van Groen-Wit danst de roep om een nutteloze man die deze taak op zich wil nemen.


Voor ons loopt Excelsior, een andere turnvereniging, zich vreselijk uit te sloven. Achter ons zal voetbalvereniging Docos dat traditioneel ook wel doen en het gerucht wil dat hockeyvereniging Roomburg dit jaar sterk vertegenwoordigd is. Dus hup, het vaandel hoog! Op naar de Cornelis Joppenszprijs.


In domweg gelukkige tred gaat het over Prinsessekade en door de Breestraat naar het Van der Werffpark, waar onze roergangers zich in jacquet rond het standbeeld hebben gegroepeerd. Ik laat de vlag van het negentig jaar oude Groen-Wit deemoedig zakken. Vanuit het duister wordt een vraag geschald. 'Wie bent u?'


Burgervader kan onze vlag niet lezen doordat ik de naam Groen-Wit aan de verkeerde kant laat wapperen. Even dreigt ons wonder van evenwichtsbalken en paraplu's in duigen te vallen. Maar de volgende dag, als hij nergens meer op rekent, krijgt Rob van Haastregt te horen dat de Cornelis Joppenszsprijs binnen is. Toch geschied.


Meer over