Het tanend geloof in Obama

Barack Obama, in 2008 onthaald als de nieuwe Jezus, is de gebeten hond in Europa, het Midden-Oosten en Latijns-Amerika. Rusland en China lachen hem uit; Afrika is teleurgesteld. Linkse fracties in het Europees Parlement willen Obama ontbieden in Straatsburg. Ze eisen zijn excuses. Ze willen ook 'klokkenluider' Edward Snowden uitnodigen, hem asiel aanbieden plus een vrijheidsprijs. Obama voor het volkstribunaal van zijn ex-dwepers. Wie had dat gedacht?

Tot voor kort was kritiek op Obama een eenzame activiteit. In België was ik de enige politicus die vorig jaar niet op Obama zou hebben gestemd: ik moest mij verantwoorden op televisie. Intussen ben ik ingehaald, niet door enkelingen, maar met bussen tegelijk. Malte Spitz, lid van de Duitse Bondsdag voor de Groenen, schreef eind juni in de International Herald Tribune: 'Geen Amerikaans politiek debat kreeg zo veel aandacht in Duitsland als het spionageschandaal. Het veranderde ons vertrouwen in Obama. Als groen politicus ben ik niet onder de indruk van zijn focus op de opwarming van de aarde. Hij kan niet zomaar van onderwerp veranderen.' In 2008 trok Obama in Berlijn een publiek van 200 duizend bewonderaars. Vorige maand waren er 6.500 mensen, onder wie demonstranten. Zou hij nu Berlijn bezoeken dan zouden er weer 200 duizend mensen op straat staan: om tegen hem te demonstreren.

De kritiek is zo fel dat ik Obama enigszins moet verdedigen. Hij miste elke bestuurlijke ervaring voor de moeilijkste job ter wereld. Zijn ex-dwepers moeten daarom bij zichzelf te rade gaan. Men kan niet eenvoudigweg de eigen idealen projecteren op een Amerikaanse president. Machiavelli wees er al op dat velen bedriegen, maar dat tallozen bedrogen willen worden. De Obama-mythe was zelfbedrog.

Waar ging het fout? Op 30 juni 2009 organiseerde Obama een diner in het Witte Huis met negen historici die boekwerken schreven over Amerikaanse presidenten, onder wie Robert Caro, Robert Dallek en Douglas Brinkley. Obama vroeg de historici wat hij moest doen om prominent de geschiedenis in te gaan. Volgens Dallek toonde hij geen interesse in details. Hij wilde 'grote dingen' doen. Er waren drie van zulke diners. Historicus David M. Kennedy zei nadien: 'Het is bijna alsof hij het geschiedenisboek over zichzelf wil schrijven.' Historicus H.W. Brands zei: 'Obama is ongeduldig met het onvermogen van mensen op lange termijn te denken'.

Obama is een president die filosofeert over zichzelf en geen enkele interesse heeft in details. Die details komen echter vanzelf, terwijl de president geen buitenlands politiek concept, geen ervaring, geen werkmethode heeft. Eerste 'detail': de Arabische Lente. Tijdens de Libische revolutie bleef Amerika op de achtergrond. Het Witte Huis noemde dat: leading from behind. Amerika, met de grootste economie en de sterkste strijdmacht ter wereld, kan zich dat niet permitteren; ook al zou het dat willen. Leading from behind leidt tot achter de feiten aanhollen. Dat gebeurde. De Egyptische president Mubarak was (dixit Hillary Clinton) een 'huisvriend'. Tijdens de afzetting van de president Morsi, onder druk van een enorme volksmassa, riep Amerika het leger op Morsi te laten zitten. De demonstraties richtten zich daarop tegen Obama. De Syrische leider Assad werd eerst als een 'hervormer' gezien.

Obama heeft weinig belangstelling voor de Syrische burgeroorlog. Vóór zijn herverkiezing noemde hij die zelfs niet. De kans op een vliegverbod of ten minste humanitaire corridors, waarop senator John McCain aandrong, werd gemist. De 100 duizend doden zijn voor Obama, winnaar van de Nobel Vredesprijs, kennelijk een detail. De enige leidraad in Obama's buitenlands beleid is zijn verkiezingsagenda: terugtrekking uit Irak vóór zijn herverkiezing en terugtrekking uit Afghanistan vóór de Congresverkiezingen van 2014. De gevolgen zijn 'details' op het altaar van symbool Obama.

In het Midden-Oosten is de Amerikaanse invloed in dertig jaar niet zo zwak geweest. Iran domineert Irak. De Taliban komen terug in Afghanistan. Rusland domineert Syrië. Poetin gebruikt Snowden als pr-pion tegen Amerika - bij George Bush had hij dat nooit gedurfd. Obama reisde naar Afrika, maar Afrikanen zijn teleurgesteld dat hij nu pas komt. Het populairst in Afrika is het anti-aidsprogramma, opgezet door George Bush. De Washington Post schreef: 'Obama in de schaduw van Bush.'

Als wanhoopsoffensief kondigde Obama dan maar een 'groots klimaatbeleid' aan. Zelfs zijn ex-dwepers in Europa geloven hem niet meer. In Berlijn had hij beter gezegd: Ich bin ein Big Talker.

undefined

Meer over