Het onvoorstelbare leven van Stefan (20)

Als je zijn leven op een rijtje zet, zou de van brandstichting beschuldigde Stefan eigenlijk het beste af zijn met tbs, meent de officier van justitie....

In het jonge leven van Stefan Brankenveen (20) is het bizarre heel gewoon. Zelfs als we dat leven laten beginnen op maandag 20 maart van dit jaar. Stefan steekt dan in een tuin in Spijkenisse een vuilniszak in brand. De zak ligt op een hoop afval.

De ellende begint:

Een deken vat vlam, daarna een kussen en wat kleding. De berg afval begint serieus te branden, het vuur slaat over naar een schuur. Naast de schuur staat een auto. Ook die begint te branden. Door de hitte van het vuur begeven de remmen van de auto het. De wagen gaat rollen en komt tot stilstand tegen een huis. In dat huis wonen twee Bosnische zussen. Zij zijn hun vaderland ontvlucht om alle ellende van de bloedige burgeroorlog te vergeten. Het is vijf uur ’s nachts. Een van de zussen wordt wakker. Ze ziet de brandende schuur, de brandende auto en de vlammen die naar het balkon overslaan. Ze alarmeert zus 2. Die is zo slecht ter been dat ze nauwelijks kan lopen. De makkelijkste weg, de voordeur, blijkt bovendien geblokkeerd. Daar is de auto tegenaan gerold. De zussen vluchten via de achterdeur hun huis uit.

Als even later de brandweer het vuur blust, blijkt de schade aan de woning mee te vallen. Maar, zo stelt de brandweer in haar rapport, de gevolgen hadden veel ernstiger kunnen zijn bij niet tijdig ingrijpen.

Stefan heeft van de hele heisa weinig weet. Hij is doorgelopen nadat hij de vuilniszak had aangestoken. Op weg naar de volgende dag in zijn verbijsterende leven.

Want wie de eerste 20 jaar van Stefans leven samenvat, komt hier op uit: Stefan werd als kleine jongen mishandeld door zijn biologische vader. In de jaren erna werd hij mishandeld en misbruikt door zijn stiefvader. Stefan zelf heeft zijn jongere broertje misbruikt. Zijn jongere broertje zit sinds december 2004 in een jeugdinrichting wegens brandstichting. De opa van Stefan zit in een tbs-kliniek. Hij heeft Stefans oma vermoord. De moeder van Stefan is ziek. Ze heeft aids. Ze is besmet door Stefans stiefvader. Stefans jongste zusje is ook besmet met het aids-virus. En nu zit Stefan dus voor de rechter.

Wat valt aan hem op? Hij is heel rustig. Hij praat niet maar fluistert. Hij doet enorm zijn best om het vooral de rechters naar de zin te maken. Dus heeft hij eindeloze verhalen. Bijvoorbeeld over het vlammetje van zijn benzineaansteker. En over zijn vrienden, met wie hij op de avond van de brand op pad was. Hij heeft het over zijn Golf, en over hoe lekker hij het vindt om hard te rijden. Hij heeft het over zijn zwangere vriendin, terwijl zelfs de rechters zich hardop afvragen of hij wel een vriendin heeft. Hij heeft het over zijn verleden, over zijn misbruik van zijn broertje en dat hij daarom vrijwillig DNA heeft afgestaan, zodat ze hem meteen kunnen pakken als hij weer de fout in gaat.

Stefan heeft een probleem, zeggen de psychiater en psycholoog die hem hebben onderzocht. Hij is wantrouwend en egocentrisch. Zijn gevoelsleven is afgevlakt. Hij lijdt aan zelfoverschatting, en hij mist de vaardigheid zich in anderen te kunnen inleven. Hij kan zijn agressie moeilijk controleren. Hij wordt dan driftig en hij vertoont psychopatische trekken. Bovendien, zo waarschuwen de gedragsdeskundigen, is Stefan ‘therapieresistent’. Zonder intensieve behandeling met dwang zal hij terugvallen in crimineel gedrag. De deskundigen adviseren de rechters tbs met dwangverpleging.

Tbs kan worden opgelegd bij misdrijven waarop minimaal vier jaar gevangenisstraf staat. Voor brandstichting waarbij alleen goederen gevaar lopen, geldt een maximumstraf van 12 jaar.

Tbs is ook wat de officier van justitie eist, en zijn redenatie is een logische: (1) Stefan schiet er niks mee op als hij de gevangenis in gaat, hij moet intensieve behandeling krijgen, (2) uit zichzelf gaat Stefan geen therapie volgen, dus er is dwang nodig, (3) de samenleving moet tegen de daden van Stefan worden beschermd, want (4) de brandstichting is in belangrijke mate het gevolg van Stefans gebrekkige geestelijke ontwikkeling en (5) de kans op herhaling is groot.

De rechters wijzen de eis echter af. Tbs, zo stellen zij twee weken later in hun vonnis, is een uiterste maatregel. In het geval van Stefan is het zeer de vraag of de brandstichting gepleegd is onder invloed van zijn persoonlijkheidsstoornis, dat is een voorwaarde voor tbs. Het lijkt meer op uit de hand gelopen baldadig gedrag. Ze veroordelen Stefan daarom tot een gevangenisstraf die gelijk is aan zijn voorarrest.

En zo kon het dat Stefan afgelopen donderdag zijn vrijheid tegemoet wandelde. Hij moet zich nog wel melden bij de reclassering. Als die vindt dat hij een therapie moet volgen, moet hij dat doen.

Meer over