Het onbegrip bij de uitbaters van Haagse hoeren

De vijf kleine kamertjes achter de etalage met de rode lampjes in de Haagse Poeldijksestraat zijn nog niet helemaal klaar....

'Handenvol geld kost het me', begint de eigenaar tegen een D66-raadslid dat zich laat rondleiden. 'Snapt u dat nou? De gemeente geeft eerst toestemming en beslist dan ineens dan we hier weg moeten. De wethouder wil hier nu een Quartier Latin van maken voor studenten. Aan de overkant is een exploitant die voor vijf miljoen gulden heeft geïnvesteerd. Hoe gaat de gemeente dat terugbetalen?'

Vijf miljoen gulden? In een straat waar panden als woonhuis nog geen twee ton zouden doen? De woordvoerder van de raamexploitanten, A. de Jong, neemt het raadslid mee naar 'het paleisje'. Een tikje op een raam en de portier laat de glazen deuren voor ons openglijden.

We komen in een soort binnenstraat terecht, bakstenen tegeltjes, links en rechts ramen en dat drie verdiepingen hoog. Geen wonder dat een toch relatief kleine straat als de Poeldijksestraat maar liefst 333 ramen heeft.

Dat is in één straat al meer ramen dan dertien jaar geleden in de hele stad. Den Haag was er midden jaren tachtig in geslaagd de raamprostitutie, die over vele plekken in de stad was verspreid, samen te ballen in drie straten. Toen waren er zo'n driehonderd ramen, nu zijn dat er bijna zevenhonderd, meer dan in welke andere Nederlandse stad dan ook.

Tevredenheid over de manier waarop de stad de prostitutie had aangepakt, sloeg in de jaren negentig om in grote zorg. In de omgeving van de prostitutiestraten groeide de criminaliteit schrikbarend: drugshandel, geweld, straatroof, noem maar op. In 1996 besloot de gemeente in een groot gebied rondom de prostitutiestraten een noodverordening af te kondigen.

Samenscholen is verboden. Mensen die overlast veroorzaken, kunnen door de politie van straat worden verwijderd. Als ze het erg bont maken, mogen ze zelfs veertien dagen lang hun gezicht niet laten zien.

'De prostitutie veroorzaakt de overlast niet', verdedigt De Jong zijn handel. 'Burgemeester Deetman sluit toch ook niet het stadhuis nu blijkt dat er in het Atrium wordt gehandeld.' Maar in één adem door vertelt hij hoe de illegale meisjes in de klauwen kunnen komen van drugdealers.

Volgens De Jong hebben de exploitanten dit probleem zelf opgelost. Maar hij erkent dat de dealers nog steeds rondhangen op de hoeken van de straten.

'Als de politie komt, schieten ze hier al die gangetjes en binnenstraten in. Daarom willen wij de straten afsluiten. Laat ons van die tourniquets plaatsen. Vijf gulden entree en ze komen niet meer. En wij zorgen dat van die grote jongens het tussen de tourniquets rustig houden.'

De raamexploitanten weten dat ze de Poeldijksestraat zullen verliezen. Een ruime meerderheid van de gemeenteraad is voor sluiting van de ramen in die straat. Maar ze vinden het wel een oneerlijke strijd: 'Eerst pakt de gemeente na jaren gedogen alle illegale vrouwen op. Nu onze ramen leeg staan, zeggen ze dat ze net zo goed de straat kunnen sluiten. Denken ze ook nog goedkoop uit te zijn, omdat we toch geen inkomsten hebben', klaagt de bouwvakkende eigenaar uit de Poeldijksestraat.

Acties van de raamexploitanten om vrouwen uit landen van de Europese Unie te halen, waren geen succes. Toch vechten de raamexploitanten nu voor het behoud van een andere straat, de Doubletstraat. Ze geloven heilig dat daar binnenkort weer legale vrouwen zullen werken. Uit Polen of andere landen die begin volgende eeuw tot de EU zullen toetreden.

Weliswaar is er net geen meerderheid in de raad om de Doubletstraat nu ook al te sluiten, maar op langere termijn dreigt ook hier het doek te vallen. 'Als er nog meer ramen dicht moeten, gaat de prostitutie uitwaaieren en dan kunt u het helemaal niet meer controleren', houdt De Jong het D66-raadslid voor.

Hij neemt ons mee naar de tippelzone achter het station Holland Spoor. Daar staat om middernacht een file. 'Hier lopen al meisjes van ons rond', beweert De Jong. De gemeente ontkent dit.

De Jong: 'Dat gelooft u toch niet? Zelfs de kleine christelijke partijen geven toe dat prostitutie niet uit te bannen is. De meiden gaan in het geheim werken. Ze liggen nu al op vieze matrassen in kamertjes achter de Turkse koffiehuizen. Kleine gastjes pikken de klanten op straat op.'

Dan gaat het in de auto naar een heel ander deel van de stad. In een oude woonwijk blijkt in een gewone winkelstraat een sjieke club te zitten.

Hier komt zichtbaar een heel ander publiek.

'De mannen die in de Doubletstraat rondlopen, mogen er hier niet in. Deze vrouwen willen geen buitenlandse mannen. Als u de Doubletstraat sluit, zullen ze wél proberen hier binnen te komen. Wilt u dat er dan ongelukken gebeuren?'

De Jong snapt niks van het overheidsbeleid. 'Ze praten maar over het recht van de prostituee om haar eigen leven in de hand te nemen en niet afhankelijk te zijn van pooiers. Maar sinds de overheid zich ermee bemoeit, is het voor die meisjes alleen maar moeilijker geworden.'

Meer over