Het lichaam van triatleet Koks bleef maar dwars liggen

Mysterieus zijn de krachten in de sport. Triatleet Mark Koks verkeerde in de bloei van zijn sportieve leven, toen hij na wedstrijden last kreeg van 'spiervibraties' in de kuit....

ROLF BOS

Van onze verslaggever

Rolf Bos

OOSTZAAN

Maar 'het' ging niet over. Wat doet een topsporter dan? Hij pakt wat extra rust, en hoopt er het beste van. Na de rustperiode hervat hij dan voorzichtig de training, om vervolgens weer geleidelijk door te schieten naar het oude niveau. Maar helaas, vertelt de triatleet, ditmaal bleef het lichaam dwars liggen. 'Tot 90 procent ging het goed, maar als ik voluit aan wedstrijden meedeed, dan ging het fout.'

Was het iets tijdelijks? Was het euvel misschien met een langere rustperiode te genezen? Koks (30) wist het niet, het pelotonnetje artsen en specialisten begreep er ook niets van. 'Het is een gekke kwaal, die ontstaat tusssen zenuwen en spieren. Er is onderzoek naar dit fasciculatie-syndroom gedaan, maar het fijne weet de wetenschap er niet van.'

Is zo'n gruwelijk-lange triatlon - 5 kilometer zwemmen, 180 kilometer fietsen èn 42.195 meter lopen - misschien dan toch te zwaar? Neenee, benadrukt Koks, zijn blessure is geen gevolg van de extreme inspanningen op deze moderne driekamp. Koks: 'Er zijn ook postbodes die er last van hebben, of recreanten.' Was het, verzucht hij even later, maar waar dat het met teveel sporten te maken zou hebben. 'Dan wist je tenminste dat je er met een paar maanden rust vanaf zou zijn.'

Terugkijkend denkt Koks dat zijn lichaam ontspoord is tijdens een zware triatlon op Lanzarote in 1994. Hij kampte daar, een week voor de wedstrijd, met griep, maar voelde zich vlak voor de start weer kiplekker. 'Toch denk ik dat ik met een lichte koorts begonnen ben. De griep zat nog in het lijf, het immuunsysteem was nog volop aan het werk.'

De eerste vier, vijf uur van de wedstrijd op het Spaanse eiland waren zo zwaar dat hij overwoog uit te stappen. Maar hij ging door. 'Ik denk dat het immuunsysteem zich toen aanpaste, want ik schoof van de vijftigste naar de tweede plaats, vlak achter winnaar Frank Heldoorn. Dat heeft veel energie gekost, toen moet er iets in mijn lichaam verschoven zijn.'

Hij werd niet meteen gestraft. In Frankrijk presteerde de triatleet nog heel goed tijdens een duatlon (lopen-fietsen-lopen), maar daarna werd hij 'met moeite' achttiende in Almere en besefte hij dat er iets goed mis zat. De wintertriatlons in Inzell en op de Weissensee werden ('met weinig training, maar ik ben nu eenmaal een goede schaatser') nog wel gewonnen, een paar pittige trainingsweken in Spanje verliepen ook goed. 'Maar als ik echt aanzette tijdens testwedstrijdjes, dan ging het mis.'

Een paar maanden geleden maakte Koks zelf een einde aan de onzekerheid. Hij besloot te stoppen met de topsport. 'Rationeel heb ik er nog steeds geen vrede mee, maar gevoelsmatig wist ik dat het beter zou zijn.' Hij had nog graag een paar jaar op topniveau gesport. 'Ik zou tot mijn 35ste hebben kunnen presteren. Ik zat ook nog steeds niet aan de piek van mijn trainingsmogelijkheden.'

De beslissing te stoppen werd voor de professionele triatleet enigszins verzacht door een oom, Loek Valk, eigenaar van Presto Cycle Sport, een gespecialiseerde wielerzaak in Amsterdam. Die zat al jaren te azen op een tweede filiaal van zijn bedrijf in Oostzaan. In de week dat Koks stopte kwam er in dat dorp toevallig een geschikt pand in de verhuur.

Het besluit was snel genomen. Koks zou de zaak aan de oostkant van de Zaan gaan runnen, en daarnaast, in het nabijgelegen recreatiegebied 't Twiske, trainingen gaan geven aan beginnende en gevorderde (tri)atleten. Hij weet van de hoed en de rand: Voordat hij in 1990 prof werd, volgde de driekamper het CIOS: hij is gediplomeerd sportinstructeur, schaats- en wielertrainer, en ook bewegingsagoog.

Natuurlijk verdriet het hem dat het zo gelopen is, zegt hij met de verfkwast in de hand - de winkel opent over twee weken de deuren. 'Het afscheid kwam te vroeg. Maar ik heb me er nu bij neergelegd. Dit is een goede oplossing.' Ook zonder blessures had hij de komende jaren als toptriatleet steeds meer concurrentie gehad, weet hij. 'Ik was op heel veel onderdelen goed, vooral bij het schaatsen, fietsen en lopen, maar ik was wel een mindere zwemmer. De aanstormende generatie triatleten is in alle disciplines goed.'

Zijn leeftijdsgenoten kwamen voort uit één van de drie disciplines. 'We waren meestal goede lopers of fietsers. We ontdekten een nieuwe sport, en gingen dus ook zwemmen. De jonge lichting begint eerder met alle drie onderdelen, en is dus meer allround.' De jongeren wagen zich ook steeds meer op latere leeftijd aan de 'hele' triatlon. Ze beperken zich eerst tot de populaire kwart-triatlon, die in Sydney (2000) voor het eerst op het Olympisch programma staat.

Koks kracht lag vooral op de hele triatlon. Hij was nauwelijks prof of hij won in 1992 in Almere het Nederlands kampioenschap. Daarna werd hij tweede tijdens de zware Ironman in Roth. Zijn debuut aldaar betekende toendertijd een Nederlands record: 8 uur, 9 minuten en 58 seconden, nog immer de tweede tijd die ooit door een Nederlander achterelkaar werd gezwommen, gefietst & gelopen.

Tijdens de fameuze wedstrijd op Hawaii, de bakermat van de jonge sport, werd hij in hetzelfde jaar verkozen tot rookie of the year, de beste nieuweling. Hawaii, Lanzarote, het Franse Embrun; hij heeft overal met succes gesport, maar de prettigste herinneringen bewaart hij toch aan het drooggelegde land rondom Almere. 'Entourage en organisatie van de triatlon daar zijn perfect. Met de wind en rechte wegen wordt een wedstrijd daar echte heroïek. Maar ik vind het er natuurlijk ook zo mooi, omdat ik er mijn grootste overwinning gevierd heb.'

Meer over