Het leven in scène gezet, voor het geluk van het volk

De geschiedenis van de Duitse Democratische Republiek kan conform haar korte levensduur - veertig jaar, een maand en twee dagen - worden weergegeven in welgeteld twintig dia's....

Van onze correspondent

Willem Beusekamp

BERLIJN

Bij het vak staatsinrichting leerde de jonge DDR-burger dat zijn arbeiders- en boerenstaat, de eerste op Duitse bodem, werd opgericht op 7 oktober 1949. Een willekeurige datum, die pas een week later werd 'gevierd' met een fakkeloptocht van de Vrije Duitse Jeugd (FDJ) in Oost-Berlijn. De foto van deze optocht kreeg de valse datum van 7 oktober.

Het slot van het experiment viel op de avond van 9 november '89, toen de Berlijnse Muur, 'de anti-fascistische beschermingswal', omver werd gelopen. Van deze gebeurtenis werden niet twintig, maar wel duizenden foto's gemaakt. Met de geschiedenis van de DDR was het toen afgelopen, al zou het nog tot 3 oktober 1990 duren voordat het land zich officieel aansloot bij de Bondsrepubliek.

'Menig buitenlandse waarnemer heeft zich in 1990 een beetje geïrriteerd hardop afgevraagd hoe het mogelijk was dat de bevolking van de DDR zich in overgrote meerderheid zo eenvoudig en ogenschijnlijk zonder weemoed van haar staat kon losmaken. Zoals men uit de dia's kan aflezen, was deze weergave van de eigen geschiedenis zeker niet de beslissende factor, maar droeg zij er wel toe bij dat het afscheid gemakkelijk viel.'

Het commentaar is van de historicus Gerald Diesener, een van de samenstellers van 'Parteiauftrag: ein neues Deutschland. Bilder, Rituale und Symbole der frühen DDR', een kunsttentoonstelling in het Duitse Historische Museum (Zeughaus) in Berlijn. Kunst, omdat de communisten uitsluitend kunstmatig en met behulp van propaganda een nieuwe staat probeerden te vestigen. Het dagelijks leven, zeker in de beginperiode, moest geënsceneerd worden, omdat er van een natuurlijk proces geen sprake was - een echte sociale revolutie, opstand, had niet plaatsgevonden.

De titel van het overzicht (de partij geeft opdracht een nieuw Duitsland te construeren) is dan ook zeldzaam trefzeker en het resultaat geeft de bezoeker het gevoel door een naargeestig soort sciencefiction te wandelen.

Kennelijk zijn de voormalige DDR-burgers inmiddels dermate nieuwsgierig geraakt naar de achtergronden van die twintig dia's, dat zij massaal het museum bezoeken. De belangstelling is overweldigend. Vorige week besloot het Zeughaus de tentoonstelling met nog eens drie maanden te verlengen, tot eind juni. De bijzonder gedegen en leerzame catalogus (496 bladzijden) is in herdruk en op weg een echte bestseller te worden.

De vaderlandse geschiedenis in twintig dia's - treuriger kan het niet. Bizar is dia nummer 1, de eerder genoemde fakkeloptocht van de FDJ, geënsceneerd door de toenmalige FDJ-chef Erich Honecker. Direct na de Wende, dus veel te laat, vroegen bekende DDR-auteurs als Monika Maron en Günter de Bruyn zich wanhopig af waarom uitgerekend het 'andere, betere Duitsland', bolwerk van anti-fascisten, zich bediende van exact dezelfde rituelen als de nazi's. En vooral, waarom niemand protesteerde.

Kleding en uitrusting van de FDJ (blauw) onderscheidden zich alleen in kleur van die van de Hitler Jugend (bruin). De tentoonstelling zoekt het antwoord in de dringende behoefte van de Socialistische Eenheidspartij (SED) het volk achter haar ideeën te krijgen, nadat duidelijk werd dat een Duitse vereniging onder leiding van de door Moskou gestuurde SED er direct na de oorlog niet inzat. En Duitsers, anti-fascist of niet, werden volgens de SED pas enthousiast als er in Pruisische paradepas kon worden gemarcheerd, getrommeld en gevlagd.

Zoals bekend deed de West-Duitse Bondsrepubliek precies het tegenovergestelde en geldt tot op heden (in het inmiddels verenigde vaderland) een uiterst spaarzaam gebruik van nationalistische symbolen. Tot verdriet, destijds, van het DDR-regime, dat vanuit Oost-Berlijn nauwlettend in de gaten hield of de 'knechten van het Amerikaanse imperalisme' in de fout gingen. Men vond niets anders dan de Duitse adelaar, die een plaats kreeg in de Bondsdag. De DDR reageerde 'verontrust' en sommeerde Bonn de 'Pleitegeier', de failliete rijksadelaar, uit alle openbare gebouwen te verwijderen.

Dia nummer twee toont Erich Honecker tijdens het 'enthousiast klappend' VIIIste partijcongres van de SED in 1971. Dit congres betekende een ommekeer in de DDR. Honeckers voorganger, de stalinist Walter Ulbricht, werd aan de kant gezet en verdween op de mestvaalt van de geschiedenis. Tussen '49 en '71 was er niets noemenswaardigs gebeurd, zo suggereerde het lesmateriaal van de jaren tachtig.

In het Zeughaus zijn de (Oost-Duitse) tv-journaals te zien die het tegendeel laten zien. De dood van Stalin in maart 1953 bijvoorbeeld ('De ogen, die zo lang vol goedheid en wijsheid waakten over de vrede in de wereld en het welzijn der mensheid, zijn voor immer gesloten'), of de bouw van de Muur in 1961. De letterlijke leegloop van het arbeidersparadijs kon alleen nog worden gestopt met een betonnen muur, prikkeldraad en landmijnen.

De opstand van 20 juni 1953 werd voor de DDR-scholieren in de jaren tachtig eveneens verzwegen. Het Zeughaus heeft de oude verslaggeving uit de DDR-archieven kunnen achterhalen; fascinerende propaganda, van zo'n infantiel gehalte dat de geloofwaardigheid toen al gering moet zijn geweest. Volgens de van staatswege gestuurde media was er sprake van door 'imperialistische agenten met cowboykapsel' georganiseerde rellen. De oproerkraaiers zouden zich 'op zilveren fietsen' door Oost-Berlijn verplaatsen. De Oost-Duitse tv: 'Zoals men met de vlakke hand een stofje van de jas slaat, zo veegde het Sovjet-leger de stad schoon.'

Na het VIIIste partijcongres kreeg de DDR-propaganda overigens een minder militante toon en werd het accent gelegd op de wonderlijke economische prestaties van de 'Werktätigen unter Führung der Arbeiterklasse'. Het merendeel van de twintig dia's toont tevreden DDR-burgers, die er de schouders onder zetten. Op straat heette het via grote rode spandoeken onverminderd: 'Van de Sovjets leren, betekent overwinnen leren.' In werkelijkheid werden de Russen gehaat.

De propaganda, zo bleek verrassend in de herfst van 1989, had op de eigen bevolking geen enkele indruk gemaakt. Des te meer op de buitenwacht. Terwijl de DDR-bevolking en masse op zoek ging naar de West-Duitse D-mark, verspreidden alle serieuze economische experts in het Westen het fabeltje dat de DDR een van de sterkste industrienaties van de wereld was.

Parteiauftrag: ein neues Deutschland. Tot 30 juni in het Duitse Historische Museum, Berlijn. Entree 15 mark. Catalogus 55 mark.

Meer over