Reportage

Het Leidseplein opnieuw herschikt na een rigoureuze opruiming

Het Leidseplein in Amsterdam is 28 mei officieel heropend. Onder het grasveld is een grote fietsenstalling. De leguanen en hagedissen van kunstenaar Hans van Houwelingen, ook nu weer bij het ontwerp betrokken, zijn gebleven.  Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Het Leidseplein in Amsterdam is 28 mei officieel heropend. Onder het grasveld is een grote fietsenstalling. De leguanen en hagedissen van kunstenaar Hans van Houwelingen, ook nu weer bij het ontwerp betrokken, zijn gebleven.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Het Leidseplein in Amsterdam, dat bezoekers uit heel Nederland trekt, werd vrijdag heropend na een jarenlange verbouwing. De hoofdstad had lang geen oog voor de kwaliteit van de openbare ruimte, maar inmiddels stimuleren planologen graag de ‘mediterranisering’ van Amsterdam.

Het uitzicht is magistraal, vanaf het dakterras op een woongebouw aan de kop van het Amsterdamse Leidseplein. Links muziektempel Paradiso, Cultureel Centrum De Balie en het monumentale Hirschgebouw, recht vooruit de Stadsschouwburg met het befaamde balkon van waar Nelson Mandela Nederland bedankte en rechts het City Theater uit 1935 dat nog steeds hypermodern oogt. Daartussen lopen scholieren, zakenlui, bewoners en toeristen kriskras door elkaar richting tram, winkelstraat, terras of kantoor – over nieuwe tegels van grijs graniet en langs verhoogde boomeilanden met natuurstenen randen om op te zitten. Een 62-jarige bewoonster: ‘Ik hoop dat dit weer een plek wordt voor creativiteit en cultuur.’

Het klinkt bizar, maar de kern van de jarenlange verbouwing, die 73 miljoen euro heeft gekost, is de fietsenstalling onder de grond. Openbare ruimte in de stad, zo bleek bij eerdere renovaties, verandert pas in aantrekkelijke verblijfsruimte na een rigoureuze opruiming: weg met die rijbanen, parkeervakken, taxistandplaatsen, fietsrekken, tramhaltes, vuilcontainers, reclameborden en verdwaalde perkjes. Mooier stadsmeubilair helpt ook: geen onderhoudsvrije bankjes van koud staal, maar van hout of natuursteen.

‘Gedeeld verkeersplein’

Dat inzicht ontstond op een winderig pleintje tussen glazen kantoorgebouwen op de Zuidas. Dankzij een gratis fietsenstalling onder de grond, in combinatie met voldoende bomen, fraaie zitplaatsen en eettentjes in de plint van gebouwen, groeide het Zuidplein uit tot een geliefde plek om af te spreken. Inmiddels verdwijnt overal in Amsterdam de fiets onder grond (na de auto); een kostbare oplossing die ruimte en rust oplevert. Sinds kort staat ook het fietspad onder druk: dat verandert steeds vaker in een trottoir of in een ‘gedeeld verkeersplein’.

‘Ik ben heel blij met de verbouwing’, zegt een fietser in pak die in het Hirschgebouw werkt. ‘Nu kan ik weer klanten mee naar buiten nemen voor een drankje.’ Een groep scholieren van het nabijgelegen Barlaeus Gymnasium hangt al op de bankjes van natuursteen. ‘Ons schoolplein is een stuk mooier geworden’, concludeert een jongen tevreden. Een passerend meisje: ‘We moeten nu wel vijf minuten eerder opstaan om onze fiets onder de grond te parkeren.’ Volgens directeur Yoeri Albrecht van De Balie was het Leidseplein een ratjetoe aan stijlen. ‘Ik geloof dat er wel drie soorten lantaarnpalen stonden. Het was ook gevaarlijk vanwege alle verkeersstromen die door elkaar liepen.’

Mediterranisering van de stad

De Balie doet mee aan een online festival om de heropening van het Leidseplein te vieren (tot 11 juni). Albrecht: ‘Dit is een van de weinige pleinen in Nederland waar high- en low culture samengaan. De een komt voor Ivo van Hove in de Schouwburg of Thomas Piketty in De Balie; de ander voor meters bier in een feestcafé en een vette hap voordat de nachtbus naar Purmerend vertrekt. Dat gaat hier harmonieus samen.’ Albrecht is zeer te spreken over de herinrichting. Enig minpuntje: ‘Die granieten tegels zijn heel besmettelijk, het plein ziet er nu al smoezelig uit.’

De nieuwe fietsenstalling op het Leidseplein naar een ontwerp van kunstenaar Hans van Houwelingen Beeld Hans van Houwelingen
De nieuwe fietsenstalling op het Leidseplein naar een ontwerp van kunstenaar Hans van HouwelingenBeeld Hans van Houwelingen

Amsterdam had lange tijd geen oog voor de kwaliteit van de publieke ruimte. Maar wie nu op een mooie dag door de hoofdstad fietst, ziet duizenden bewoners langs de waterkant zitten of op het gras in parken, kinderen spelen in fonteinen, stadsbanken en terrassen zijn bezet en sommige Amsterdammers zetten hun eettafel op de stoep. ‘Deze mediterranisering van de stad stimuleren we graag’, zegt hoofdplanoloog Jos Gadet van de gemeente. ‘De kwaliteit van de openbare ruimte is geen restpost meer op de begroting. Hoe hoger de kwaliteit van het leven, hoe aantrekkelijker de stad als vestigingsplaats voor bewoners en bedrijven.’

Als positief voorbeeld noemt Gadet het onbekende Van der Helst plein in de buurt van de Albert Cuypmarkt. ‘Hier klopt alles. De verhouding tussen plein en gevelwanden is in balans, er is veel doorstroming, iedereen is welkom, je kunt er zitten om af te spreken, en in de plint zitten voldoende winkels en restaurants.’ Alleen de fietsrekken staan volgens hem nog in de weg. Volgens de planoloog is een dergelijk plein de basis van iedere stad. ‘Zie het als een marktplaats waar goederen en ideeën worden uitgewisseld. Dat is onmisbaar voor een dynamische en creatieve stad.’

Beschaafder

Het Leidseplein is volgens Gadet een geval apart. Volgens hem kwamen Amsterdammers daar wel voor een voorstelling of film, maar bleven zij liever niet hangen. ‘We hebben dat onderzocht.’ Het plein is te veel een monocultuur geworden, stelt de planoloog, voor toeristen die 6,50 euro betalen voor een bier. ‘Zodra een plein gedomineerd wordt door één groep, verliest het zijn functie als openbare ruimte.’ Gadet hoopt dat het Leidseplein weer relevant wordt voor Amsterdammers. ‘Zo’n verbouwing helpt, maar het resultaat moet nog blijken, dit soort processen zijn moeilijk te sturen.’

De bewoonster die eerste rang zit op haar dakterras (sinds 1985) hoopt vurig dat haar buurt weer wat beschaafder gaat worden. ‘Ik heb gezien hoe de platte commercie alles overnam. Ik kom eigenlijk alleen nog in Café Eijlders waar het bruine interieur niet is veranderd sinds de jaren veertig en dichters hun werk nog voordragen op zondag.’ Wat zij nog niet weet is dat kunstenaar Van Houwelingen een voorstel heeft ingediend om op haar dak een reusachtig elektronisch reclamebord te installeren. ‘Zo’n billboard sluit het plein beter af in deze hoek en roept de sfeer op van Times Square in New York.’

17de-eeuwse gracht clasht met 21ste-eeuwse fietsenstalling

Het eerste ontwerp voor de fietskelder was nogal klinisch, zegt kunstenaar Hans van Houwelingen. ‘Dat krijg je als je voorzieningen behandelt als een noodzakelijk kwaad in plaats van als architectuur.’ Van Houwelingen noemt de Parijse metrostations als positief voorbeeld. Zijn kunstwerk Blauw Jan, een groep beelden van rondsluipende hagedissen en leguanen, siert al sinds 1994 het Leidseplein. ‘Ik ben me gaan bemoeien met de hele renovatie.’ Het siert de stad, zegt Van Houwelingen, dat hij als kunstenaar in een vroeg stadium werd geaccepteerd door het ontwerpteam. ‘Dat maakt dit project bijzonder. Door een kunstenaar te betrekken krijgt een plek meer ziel.’

Van Houwelingen wijst op de gracht naast het plein. ‘We hebben het Leidseplein weer visueel verbonden met het water en ik ontwierp een extra brugleuning in de stijl van de Amsterdamse School.’ Het zwierige metselwerk en krullende smeedwerk vormen de rechterzijde van de ingang van de fietsstalling met 2.000 plekken. De linkerzijde is juist strak van lichtgrijs graniet. Van Houwelingen: ‘Als een stuwdam die het water tegenhoudt. Daartussen daal je af naar een 17de-eeuwse gracht op je 21ste-eeuwse fiets. Die clash wil ik benadrukken.’ Ondergronds loopt het contrast tussen decoratief baksteen en steriel wit door. Bezoekers checken in met hun ov-chipkaart en hoeven de eerste 24 uur niet te betalen. Twee ambtenaren heten je welkom bij binnenkomst.

Meer over