Weblog

'Het leek een aardig idee, meelopen met de marathon van de Gazastrook'

De zee rechts kolkt als een doldrieste wasmachine, de wind staat pal tegen, zand schuurt het gezicht, de ogen en de bovenbenen. Op de weg is het cijfer 37 kilometer geschilderd, nog vijf kilometer en nog wat met meters te gaan. Langs de kant van de weg staan wat militiemannen van Hamas, schuilend achter een muurtje, de kalasjnikovs achteloos over de rug geworpen. Welkom bij de marathon van Gaza.

Rolf Bos
De Marathon van Gaza. © Rolf Bos Beeld
De Marathon van Gaza. © Rolf Bos

Het leek een aardig idee, meelopen met de marathon van de Gazastrook, het door de Israëliërs afgesloten stuk land aan de Middellandse Zee. Voor de tweede maal in de geschiedenis organiseerde VN-vluchtelingenorganisatie Unrwa de afgelopen week een wedstrijd over de klassieke afstand. Mooie symboliek, de Gazastrook meet van noord naar zuid exact 42 kilometer.

Starten in het noorden, nabij Erez, de grenspost met Israël die voor gewone Gazanen niet te passeren is. Finishen bij Rafah, nabij de douanepost met Egypte, daar waar tientallen smokkeltunnels onder de grens lopen.

Vreemde plekken

Ik heb wel vaker op vreemde plekken hardgelopen. Ik deed drie jaar geleden mee aan de marathon van Uruzgan, nabij Kamp Holland, en draven in Gaza leek me ook wel wat. Leve de participerende journalistiek. Ruim drieduizend deelnemers zijn er vandaag, waarvan het merendeel schoolkinderen die een estafettestukje lopen. Andere deelnemers: diplomaten, wat hulpverleners, een enkele journalist; Gaza is voor gewone buitenlanders afgesloten.

Unrwa hoopt met de marathon sponsorgeld op te halen, waarmee voor de 250 duizend schoolkinderen zomerkampen kunnen worden ingericht. Bovendien wil de VN-organisatie laten zien dat er in de Gazastrook gewone mensen wonen, die allemaal te lijden hebben van de Israëlische blokkade.

Ik heb me ingeschreven voor de tien kilometerrace, een hele marathon leek me voor vandaag net even te veel van het goede. En ik ben blij toe. Juist op de dag dat er in Gaza een marathon wordt georganiseerd, woedt de ergste storm in jaren. Het parkoers loopt grotendeels van noord naar zuid, langs de strandweg. Met een zuidwesterstorm betekent dat kilometers lang draven met volle wind tegen. Hebben de Palestijnen weer.

Ik zie de enkele deelnemende marathonlopers onderweg worstelen als ik me met een taxi laat vervoeren naar mijn tien kilometerstartpunt, bij kilometer 32. Ze zijn al vroeg uur gestart en schuifelen gebogen tegen de wind voort. Zand waait over de weg, de zee is een schuimende watermassa. De deelnemers: een paar dwaze en dappere buitenlanders, een enkele Palestijn.

Geen lopers

Zoals ene Ahmed, petje, groen shirt, driekwart broek, gewone gympen. Een grootvader van vijf, vertelt een omstander me, als ik de taxi even laat stoppen om een foto te maken. En lid van Fatah, zegt een ander. Alsof dat er wat toe doet. Op mijn vraag of er vandaag ook leden van Hamas lopen, de islamitische beweging die de baas is in Gaza, schampert hij: 'Dat zijn geen lopers, die hebben het te druk met het maken van bommen.'

Een kwartier later bereik ik mijn startpunt, nabij het stadje Khan Younnis. Weer tien minuten daarna mogen we gaan lopen. Een handjevol (vooral Zweedse en Belgische) diplomaten, wat andere buitenlandse hulpverleners, enige tientallen Palestijnse jongeren en ondergetekende. Voor mij stuiven de schoolkinderen weg, zij hoeven slechts een kilometertje, ze worden verderop afgelost door weer andere schoolkinderen.

Zand

Ik ben wel wat gewend, qua lopen, maar dit slaat alles. Het zand schuurt het gezicht, mijn pet is al meteen na de start afgewaaid, ik denk niet dat ik harder loop dat 9, 10 kilometer per uur. Een bebrilde Zweed sluit zich bij me aan. Toeschouwers zijn er met dit beestenweer nauwelijks, langs de kant van de weg staan hoogstens wat Hamas militiemannen te kijken. Een van hen duwt een plastic flesje water in mijn hand, hij geeft me een hi-five, en zegt dat het 'mumtaz', uitstekend, gaat. Mm, weet hij veel.

Op de weg staan de kilometers geschilderd. 33, 34, 35, 36, 37, het gaat traag. De bebrilde Zweed ben ik na een tijdje uit het oog verloren, hij moet ergens achter mij draven. Voor me wapperen nog steeds wat schoolkinderen die om de zoveel meter afgelost worden. Een enkele keer is de weg verdwenen onder het stuifzand, en strompel ik door de mulle ondergrond. Links van de weg klinkt het Allah Akhbar uit de minaret van een vervallen moskee. Mijn gezicht prikt door de voortdurende zandregen, mijn kuiten verkrampen door de kou. Later hoor ik dat de temperatuur vandaag net boven het vriespunt staat.

Bij kilometerpunt 41 zie ik voor me een jonge Palestijn draven, een mooi richtpunt. Twee minuten later loop ik naast hem en staat hij plotseling stil. Dan de finish, het doek boven het eindpunt is weggewaaid, rust voor de benen, een flesje water. De regen gutst onderwijl naar beneden. Je hebt gewonnen, je bent de eerste van de tien kilometerwedstrijd, zegt iemand tegen me. Ik, winnen, een hardloopwedstrijd? Jawel, nummer K052, de verslaggever van de Volkskrant, is de snelste na tien kilometer draven in Gaza.

De echte helden, de marathonlopers, moeten dan nog binnenkomen. Een half uur na mijn 'overwinning' schuifelen twee Spaanse atleten binnen. Ze hebben ruim vier uur over de 42 kilometer gedaan, een hele knappe prestatie gezien de omstandigheden.

De ware winnaar vandaag is natuurlijk ene Nader Al Masri, een Palestijn met Olympische ambities, die finisht in 3 uur en tien minuten. Hij heeft al eens 2.42 gelopen, en deed mee aan de 5000 meter tijdens de Olympische Spelen van Peking in 2008. Hij hoopt er straks in Londen ook weer bij te zijn. Voor hem is meedoen tijdens de Spelen belangrijker dan winnen. 'Ik wil de wereld laten zien dat Palestijnen gewone mensen zijn, die niets liever willen dan vrede en rust.'

© Rolf Bos Beeld
© Rolf Bos
© Rolf Bos Beeld
© Rolf Bos
© Rolf Bos Beeld
© Rolf Bos
© Rolf Bos Beeld
© Rolf Bos
De Marathon van Gaza. © Rolf Bos Beeld
De Marathon van Gaza. © Rolf Bos
Meer over