Het klasje van Johan Cruijff - en de eerste leerlingen

OP 26 SEPTEMBER 1990 speelde het Nederlands elftal op Sicilië een oefenwedstrijd tegen Italië. Nadat de vaderlandse sportpers door een bus bij een prachtig oud, maar enigszins vervallen hotel in het centrum van Palermo was afgezet, barstten de collega's onder aanvoering van Lex Muller van het Algemeen Dagblad uit in...

Johan Derksen van Voetbal International hield zich afzijdig en inspecteerde de troepen met nauwelijks verholen weerzin. (Waarschijnlijk rookte hij een sigaar, maar dat weet ik niet meer.) Moet je ze nou horen met hun grote bekken, sneerde hij, in de zomer zitten ze allemaal weer op de camping.

Zo is het maar net, dacht ik, hoewel ik me niet kon voorstellen dat Muller

's zomers in een korte broek en op badslippers ergens in Frankrijk een tent stond op te zetten, af en toe een slok lauw bier nemend en blazend op de kolen van de barbecue.

Vreemd is dat, dat je je van sommige wedstrijden bijna niets meer herinnert, en van andere de onbeduidendste details hebt onthouden.

In Palermo vergaapten we ons aan kogelgaten (maffia!) in muren en deuren, maakte Frank de Boer zijn debuut voor Oranje, miste collega Marcel van der Kraan van Het Vrije Volk op de terugweg het vliegtuig, introduceerde bondscoach Rinus Michels tot hilariteit van velen de 'operationele gebieden' en maakte Roberto Baggio uit een strafschop het enige doelpunt.

Nederland trok in Palermo keurig de lijn van het mislukte WK in Italië door. Het spel was ongeïnspireerd, de strategie onduidelijk. Van de mopperende collega's herinner ik me vooral Derksen. Ik ga me maar weer sterk maken voor Johan Cruijff, zei hij na afloop op de perstribune.

Waarop de collega's van Trouw en De Telegraaf onmiddellijk riepen: Ik doe met je mee Johan. (Ze bedoelden Derksen, maar het saillante feit dat beiden dezelfde voornaam hebben drong toen pas goed tot me door.)

Ik doe met je mee Johan.

Voor het bespelen van de publiciteit heeft Cruijff nooit een masterclass hoeven volgen. Altijd is hij er in geslaagd de invloedrijkste media en journalisten in zijn spoor te krijgen.

Frits Barend en Henk van Dorp drentelden jarenlang gedwee achter hem aan. Jack van Gelder behartigde dertien jaar de public relations van Cruyff Sportswear.

Eerste voetbalverslaggever Jaap de Groot van De Telegraaf rekent zich tot de vertrouwelingen van Cruijff, en terecht waarschijnlijk: hij werkt tegenwoordig één dag per week voor de Johan Cruijff Welfare Foundation. Zelf heeft Cruijff zijn invloedssfeer uitgebreid met een complete omroep, de NOS, door zich te verhuren als analyticus.

Dus met de publiciteit over Cruijffs plan om een masterclass te starten voor jonge talentvolle voetballers zit het wel goed. Wedden dat Jaap de Groot vandaag in zijn rubriek Eigen Kijk in De T. aandacht schenkt aan dit fan-tas-ti-sche initiatief?

Een verhaal met de initiatiefnemers Cruijff, Wim Jansen en/of Piet Keizer sluit ik ook niet uit. Volgens een van mijn bronnen woont De Groot alle vergaderingen over de masterclass bij, dus het schrijven van dat verhaal is geen probleem. (Het is niet verwonderlijk dat Co Adriaanse De Telegraaf onlangs De Telecruijff noemde.)

En dan Derksen. Tip: ren naar De Slegte en koop zijn boek Linkspoot, al is het alleen maar vanwege de foto van de auteur op de voorkant. De tweede zin: 'Ik ben zo oud, dat ik nog een onafhankelijk journalist ben geweest.'

De opbrengst van het boek is bestemd voor de Johan Cruijff Welfare Foundation. Het voorwoord is geschreven door Cruijff die natuurlijk zeer te spreken is over zijn lakeitje.

Ik moet zeggen, het publiciteitsoffensief verloopt zo uitgekiend dat menige reclamejongen of dictator er een voorbeeld aan kan nemen. Vorige week gaf Cruijff voor de eerste maal iets van zijn plannen prijs, in het blad van Derksen.

Cruijff in VI over Van Nistelrooij: 'Voor hem zou het ideaal zijn als iemand zoals Marco van Basten eens individueel met hem ging trainen. Dat sluit ik niet eens uit, want ik ben achter de schermen met wat goede mensen bezig om de beste voetballers en dus de beste praktijkcoaches met de grootste talenten van Nederland te laten werken.'

Zondag, bij Sport aan Tafel, kwam Derksen na een afgemeten voorzetje van gespreksleider Ter Weijden op het plan terug. Zonder enige scrupules bekende hij dat hij de contacten had gelegd met de sponsor van Cruijffs klasje, Nuon. 'Daarin heb ik nog een rol mogen spelen.'

Deze week volgde deel drie van het publiciteitsoffensief, in VI. Prominent op de voorpagina: 'Cruijff en Keizer presenteren MasterClass.'

In het blad schrijft stafredacteur Peter Wekking, veroordeeld tot het samenstellen van de babbelrubriek Sport aan Tafel, een pagina vol over de masterclass; alsof zondag in het televisieprogramma nergens anders over werd gepraat.

Twee pagina's verder schildert Derksen het plan af als de redding van het Nederlandse voetbal. Ik schrijf vier woorden over: 'Spectaculaire kwaliteitsinjectie' en 'Prestigieus project'.

Een fijne zin is deze, gezien de onthulling in Sport aan Tafel van Derksen over Nuon: 'Via het netwerk van de legendarische ex-Ajacieden werd Nuon benaderd, en dat bleek een schot in de roos.'

Zelfs tien jaar na Palermo ben ik nog lichtelijk verbijsterd over de hoererij van het zelfvoldane Old Boys-network. Misschien, héél misschien, zal Cruijffs klasje het Nederlandse voetbal inderdaad een spectaculaire kwaliteitsinjectie geven.

Maar ik doe niet met je mee, Johan.

Meer over