Het is nog niet zo eenvoudig oude vijandschappen op te ruimen

President Obama heeft nog slechts een kleine twee jaar te gaan, maar voor zijn vertrek wil hij de kast met overjarige vijandschappen hebben uitgemest. Een hele klus, want decennia van strijd, spanning en wantrouwen hebben dikke, vette stoflagen achtergelaten die niet zo gemakkelijk zijn te verwijderen.

null Beeld null

Dinsdag liet Obama weten Cuba te willen schrappen van de Amerikaanse lijst met landen die het terrorisme steunen. Die bekendmaking volgde op de historische ontmoeting die hij het afgelopen weekend in Panama had met zijn Cubaanse collega Raúl Castro, het eerste officiële gesprek tussen de presidenten van de Verenigde Staten en Cuba sinds 1958. Een dag eerder had Obama na bijna tweehonderd jaar een punt gezet achter de Monroe-doctrine, door veel Zuid-Amerikanen gehaat als instrument van Amerikaans imperialisme.

Verstofte doctrine

'De tijd dat onze agenda op dit halfrond zo vaak uitging van de gedachte dat de VS zich ongestraft konden mengen in de binnenlandse aangelegenheden van anderen is voorbij', zei Obama een beetje omslachtig op een bijeenkomst in de marge van een top tussen de VS en Latijns-Amerikaanse landen. In praktische zin zal er niet veel veranderen. Minister van Buitenlandse Zaken John Kerry had in 2013 iets dergelijks gezegd. Bovendien lag de doctrine al meer dan een kwart eeuw te verstoffen.

De laatste keer dat de Amerikanen actief ingrepen was in 1989, toen ze Panama binnenvielen en sterke man Manuel Noriega afzetten. Toch mag de symbolische waarde van Obama's woorden niet worden onderschat. Daarvoor is het geheugen van de Zuid-Amerikanen te sterk en zijn de ooit geslagen wonden te diep.

Weg is weg

Dat laatste is waarschijnlijk nooit de bedoeling geweest van de man die zijn naam gaf aan de doctrine, president James Monroe. In 1823 waarschuwde hij de Europeanen dat zij zich niet meer moesten bemoeien met Noord- en Zuid-Amerika. Zijn vermaning kwam op een moment dat bijna alle Zuid-Amerikaanse landen onafhankelijk waren geworden van de Europese koloniale mogendheden, met name Spanje. Monroe wilde Europa duidelijk maken: weg is weg, probeer de landen niet te herkoloniseren.

Maar zijn woorden, die overigens diep verscholen lagen in een presidentiële speech, gingen een heel eigen leven leiden en groeiden uit tot een doctrine. Latere Amerikaanse regeringen grepen haar aan om de VS te doen uitgroeien tot de dominante macht in de regio, die zich bevoogdend opstelde tegenover de Latijns-Amerikaanse landen. De Monroe-doctrine werd een vrijbrief voor ingrijpen. Tot verdriet van de Mexicaanse leider Porfirio Diaz. Hij klaagde in de negentiende eeuw: 'Arm Mexico, God zo ver weg en de Verenigde Staten zo dichtbij'. Veel kwaad bloed zette in 1973 de Amerikaanse steun aan de omverwerping van de socialistische president Salvador Allende.

Top in Panama

Op de inter-Amerikaanse top in Panama wijdden de Venezolaanse president Nicolas Maduro en zijn linkse bondgenoten lang uit over alle Amerikaanse interventies in het verleden. 'Ik ben dol op de geschiedenislessen die ik krijg wanneer ik hier ben', grapte de Amerikaanse president. Hij heeft nu de doctrine officieel voor dood verklaard, maar dat kan nog een probleem worden voor populisten als Maduro. Want het ontneemt ze het schrikbeeld van de Amerikaanse gringo als middel om de massa te mobiliseren. Waarschijnlijk zullen ze zo nodig kunstmatige beademing toepassen om de doctrine te reanimeren als dat ze politiek uitkomt.

Aan Obama zal het niet liggen. Hij is vastbesloten de in december aangekondigde opening naar Cuba door te zetten. Eerst moet het land worden geschrapt van de zwarte lijst met terreurstaten, dan wil hij ambassades openen en ten slotte moet het embargo worden opgeheven. Hiermee wil hij de Zuid-Amerikanen laten zien dat de VS oprecht zijn in hun wens een nieuwe relatie aan te gaan met de buren in hun achtertuin. Een relatie gebaseerd op gelijkwaardigheid en respect voor hun autonomie.

Obama krijgt veel kritiek van rechts. De Republikeinse presidentskandidaat Marco Rubio vindt het onaanvaardbaar dat hij niet eist dat het dictatoriale Castro-regime meer partijen toelaat als voorwaarde voor het normaliseren van de betrekkingen. Anderen menen dat hij de deur open zet voor het oprukken in Latijns-Amerika van Rusland, Iran en China, dat plannen heeft voor het graven van een alternatief voor het Panama-kanaal in Nicaragua.

Nicolas Maduro, president van Venezuela. Beeld null
Nicolas Maduro, president van Venezuela.

Niet eenvoudig

Het is nog niet zo eenvoudig oude vijandschappen op te ruimen. Obama is van goede wil, maar uiteindelijk geven niet intenties maar belangen de doorslag. En in geval van Cuba, en nog meer in geval van Iran, moeten er veel tegengestelde belangen en krachten worden verzoend en overwonnen. Ook het afzweren van de Monroe-doctrine kan niet het feit wegnemen dat de VS de grootste mogendheid blijven in hun regio. Zij zullen zich niet snel meer bezondigen aan interventies in Zuid-Amerika, maar ze zullen altijd hun gewicht doen gelden op een manier die niet steeds in de smaak valt bij kleinere staten. Vraag het in Europa aan de Grieken als het om Duitsland gaat. Grote mogendheden houden hun handen meestal niet schoon, en ook niet hun kasten.

Meer over