Het is Matchday! Knokken!

Wat een weemoedige voetbalmiddag moest worden, werd op een heel andere manier nostalgisch: een middagje ouderwets relschoppen.

Haarlem, 3 juni: een vriendschappelijke wedstrijd tussen veteranen uit het betaald voetbal ontaardt in een grimmige vertoning van vuurwerk en knokpartijen. Beeld Jiri Buller
Haarlem, 3 juni: een vriendschappelijke wedstrijd tussen veteranen uit het betaald voetbal ontaardt in een grimmige vertoning van vuurwerk en knokpartijen.Beeld Jiri Buller

'Doe nou niet', roept Marja van der Laan als een verhitte woordenwisseling ontstaat tussen groepjes jonge fans van Haarlem en FC Wageningen. Ze is een van de supporters die vanuit Wageningen naar Haarlem is gekomen om ouderwets haar cluppie van vroeger aan te moedigen. 'Denk nou na! Dit past toch niet in de sfeer van het toernooi?'

Met 'het toernooi' bedoelt Van der Laan de Tweede Divisie: een ontmoeting tussen vier uit het betaald voetbal verdwenen clubs, elk vertegenwoordigd door oud-profs. Op deze 3de juni, een heldere lentedag, is HFC Haarlem de eerste gastheer. Daarna zullen 'De Wageningse Berg' (FC Wageningen), sportpark Harga (SVV) en De Langeleegte (Veendam) de ploegen ontvangen. Het moet een avond van nostalgie worden, daar in het oude, ontmantelde Haarlem-stadion. Maar het loopt allemaal heel anders.

Van der Laan ziet dat de ruziezoekende Haarlem-jongeren naar hun vrienden aan de overkant bellen. Net als vroeger staat daar, aan de lange zijde, de harde kern. Terwijl de stramme veteranen van SVV en FC Wageningen op het veld proberen te scoren, trekt een horde Haarlem-fans naar de hoofdtribune. Dit is het moment waarop ze hebben gewacht.

Dan gaat het heel snel. Er vallen rake klappen. Van der Laan probeert nog tussenbeide te komen. Dat had ze beter niet kunnen doen. 'Vuil kutwijf, houd je bek', wordt er geroepen. Daarna plant een van de relschoppers een vuist in haar gezicht. Péts, daar vliegt een vulling uit haar kiezen. Haar kaak gloeit.

Van der Laan vlucht naar het veld. Een verzorger van Haarlem helpt haar aan haar gezicht. Krik-krak hoort ze. In één beweging wordt haar kaak weer rechtgezet. De verzorger helpt haar naar de kleedkamer. Die bevindt zich pal onder de hoofdtribune, waar bezoekers inmiddels op de vlucht zijn geslagen voor de rellende fans. Daar voelt ze de tranen opkomen. Hoe heeft deze avond zo uit de hand kunnen lopen?

Aanvankelijk wil één lid van de harde kern van Haarlem hierover praten, maar hij zegt de afspraak op het laatste moment af. 'Een verhaal in de Volkskrant zal toch weer olie op het vuur gooien', schrijft hij in een sms. Het woord journalist schrikt ook anderen af, maar sommigen laten toch wat informatie los. Weer anderen bevestigen en vullen aan. Zo ontstaat geleidelijk een beeld van een groep hooligans zonder wekelijkse uitlaatklep.

In 2010 ging Haarlem failliet, maar daarmee was het hooliganisme niet voorbij. Een jonge groep fans richtte Haarlem Youth op. Toen Haarlem nog bestond, waren ze te jong om mee te gaan met de echte hooligans. Nu zijn ze oud genoeg, maar is de voetbalclub weggevallen. Daarom vechten ze uit naam van de stad. Met de hooligans van NAC bijvoorbeeld, op een van tevoren afgesproken locatie. Man tegen man. Met blote vuisten.

Die zogeheten 'bosgevechten' vinden ook plaats tussen andere, nog bestaande clubs. Ze zijn het gevolg van de toegenomen beveiliging rond de stadions. Daardoor verplaatsen supporters de korte, hevige gevechten naar een plek daar ver vandaan. Maar het blijft natuurlijk surrogaat. Het is geen gevecht in een stadion, met politie en publiek erbij. Fans van Ajax, NAC, Feyenoord of al die andere clubs kunnen in ieder geval nog naar een wedstrijd toe. Een Haarlem-hooligan mist al vijf jaar lang zijn hoogtepunt van de week.

null Beeld Jiri Buller
Beeld Jiri Buller

Cocaïne

Tot dat bericht over de Tweede Divisie. Een onschuldig initiatief, bedoeld voor romantici die nog één keer hun club aan het werk konden zien. Maar voor de hooligans de eerste kans sinds jaren om ouderwets de naam van hun club te verdedigen.

Al vroeg in de middag verzamelen ze zich in het park. Sommigen gebruiken drugs. Cocaïne, denken kenners. Befaamd is de cokeloterij die eens werd gehouden tijdens een busreis naar Waalwijk, voor een bekerwedstrijd tegen RKC. Daar vielen geen blikjes bier te winnen, maar halve en hele grammen coke. Het versterkt het gevoel van onoverwinnelijkheid en onverschrokkenheid. Anderen drinken deze middag alvast in. Er hangt iets in de lucht. Het is Matchday!

Het idee van de Tweede Divisie komt van SBS6-commentator Leo Oldenburger. Hij reed op een avond langs de Wageningse Berg, het voormalige onderkomen van FC Wageningen, en stelde vast dat het er bijna nog net zo uitzag als in de jaren tachtig. Toen heette 'De Berg' een 'onneembare vesting' voor bezoekende clubs. Oldenburger belde meteen met zijn vriend en collega Edwin Struis, ook zo'n nostalgicus. Die had hem al halverwege het verhaal onderbroken. 'Stop maar, Leo, we doen het!'

De spelers die met hun voetbaltassen over hun schouder komen aangelopen in het Haarlem-stadion, luisteren naar namen als Joop Böckling, Piet Keur, Eddy Ridderhof en Karel Liklikwatil. Het is alsof een voetbalplaatjesalbum tot leven komt.

De freelancesportjournalist draagt een sportief rood colbert, met daaronder een blauw T-shirt. Zijn hele leven lang is - of zeg je: was - hij fan van Haarlem. Na een paar biertjes wil hij nog weleens roepen dat er maar één club is en dat is 'Haaarrrrleem, de roodblauwe leeuwen!'

Zijn ouders wierpen zich in 1982 op als gastgezin voor Tatsuya Mochizuki, de eerste Japanse voetballer in de eredivisie - met alle problemen van dien. Waar de familie Struis vooral Hollandse pot at, daar hield Mochizuki meer van gedroogde inktvis. Het enige dat hij wel lekker vond, waren frikadellen. In 2008 overleed de vader van Struis. Bij diens uitvaart stopte de stoet bij de vier lichtmasten aan de Jan Gijzenkade.

Die vier lichtmasten, ooit de hoogste van Nederland, zijn inmiddels ontmanteld. De staantribune achter het doel, bekend omdat daar op beelden van Studio Sport altijd een frietkraam te zien was, is gesloopt. De tribune aan de lange zijde mag niet meer betreden worden, vanwege asbest in het dak. Ook de korte zijde is verboden gebied: instortingsgevaar.

Spinrag

Eigenlijk is alleen de hoofdtribune, vernoemd naar legende Kick Smit, nog in gebruik. Maar ook daar heeft de veroudering toegeslagen. Voordat speaker Theo Plasschaert de 1.500 toeschouwers welkom kan heten vanuit zijn radiocabine, ruimt hij eerst spinrag en vogelpoep weg.

Plasschaert was twintig jaar lang speaker bij thuiswedstrijden. Zijn stem hóórt bij deze avond. Vanaf zijn vaste plek, helemaal boven in de tribune, zag hij hoe Ruud Gullit in 1979 tegen MVV debuteerde, hoe in 1982 het grote, mysterieuze Spartak Moskou op bezoek kwam en hoe Piet Huyg de bal eens zo hoog overschoot dat een automobilist bij de Texaco achter het doel moest bukken.

Overal in het stadion zijn dit soort verhalen te horen, vaak een tikkeltje aangezet. Sommige fans hebben oude plakboeken meegenomen en een man in een retroshirt van FC Wageningen tovert zelfs een rol oude wedstrijdkaartjes tevooorschijn, ooit opgeduikeld uit de half vergane administratie van de club. In de walm van de XXL frikadellenkraam verandert het Haarlem-stadion langzaam in een paleis van de weemoed.

Toch is Struis er niet helemaal gerust op. Vanuit Wageningen zijn twee bussen met supporters aangekomen. De ene bus is ongevaarlijk, er zitten oudere fans in. Onderweg hebben ze het clublied gezongen (Naar de Berg) en een verloting gehad. De andere bus bevat jongeren. Zij hebben FC Wageningen nooit zien voetballen en kennen de club alleen uit verhalen van hun vader. Zij hebben een eigen partybus geregeld, compleet met geluidsinstallatie.

Toen de bus eenmaal de gemeentegrenzen van Haarlem binnenreed, had zich een sensationeel gevoel van hen meester gemaakt. Ze waren op vijandelijk gebied. Sommigen zijn seizoenskaarthouder bij Ajax. Maar dit is anders. Nu vertegenwoordigen ze Wageningen, hún stad. Zo zou het gevoeld hebben als FC Wageningen nog had bestaan. Struis ziet dat een paar van die jongeren al niet meer op hun benen kunnen staan. Hij heeft niet het gevoel dat ze zijn gekomen om nostalgische herinneringen op te halen.

Haarlem Youth in het vak van Wageningen supporters. Beeld Jiri Buller
Haarlem Youth in het vak van Wageningen supporters.Beeld Jiri Buller

Blote handen

De harde kern van Haarlem is inmiddels ook in aantocht. Van ver zijn ze al te horen. Zodra ze het terrein opkomen, als een stampend leger, springen andere toeschouwers geschrokken opzij. Ze dragen T-shirts met het logo van Stone Island, een bekend merk in de hooliganwereld. Hun ogen zoeken de rivalen uit Wageningen. Valt er te knokken? Zo ja, dan wel met blote handen. Hoogstens een riem of paraplu is geoorloofd. Het zijn de ongeschreven wetten in hun subcultuur.

De supportersgroep van Wageningen gaat voor de optimale voetbalbeleving: ze zoeken het uitvak op. Dat daar inmiddels een struik is gegroeid, deert hen niet. Speaker Plasschaert probeert hen op andere gedachten te brengen. 'We begrijpen jullie enthousiasme, jongens. Maar zo kunnen we niet beginnen.'

Tot zijn opluchting keren de Wageningen-fans terug naar de hoofdtribune. Daar steken ze groen-wit rookvuurwerk af, zodra het team van FC Wageningen het veld op komt voor de wedstrijd tegen SVV. Ondanks het asbest in het dak staat de harde kern van Haarlem op de lange zijde aan de overkant - hun plek van vroeger. Aan de zijlijn sprint grensrechter Jordi Been fanatiek heen en weer. De oud-speler van Haarlem wordt bestookt met knalvuurwerk.

De gigantische kanonslagen leiden tot een drukgolf die zelfs op de hoofdtribune aan de overkant wordt gevoeld. Edwin Struis krimpt bij elk explosief ineen. Een dag later zal door de accommodatiebeheerder zelfs een stalen buis met kruit worden gevonden. Alleen Been vindt het wel wat hebben, zo'n rumoerige, harde kern achter zich. Nét echt.

Aan de zijkant van de hoofdtribune staart Marja van der Laan een beetje beduusd voor zich uit. Ze is naar beneden gelopen omdat ze door dat groen-witte siervuurwerk van de jongeren last heeft van geïrriteerde ogen. Dan ontstaat de woordenwisseling tussen de jonge Haarlem-fans en FC Wageningen-fans. De aanleiding weet ze niet. Maar die lijkt er ook niet toe te doen. Het is de lont die nodig is om het kruitvat te doen ontploffen. Eindelijk, het gaat los!

Boven haar raast een golf van geweld over de tribunes. Haarlemse hooligans met rollende ogen halen riemen uit hun broek en zwaaien er mee in het rond. Van de ene kant van de tribune stomen ze op naar de andere kant, springend over de blauwe plastic stoeltjes, op zoek naar die Wageningse fans. Toeschouwers vluchten. Niet iedereen lukt dat. Een man die tussen de stoeltjes hangt, wordt te grazen genomen. Kinderen rennen huilend het partycentrum van het stadion in.

Plasschaert roept op om te stoppen, maar vindt geen gehoor. Scheidsrechter Dick Jol heeft de wedstrijd al gestaakt. In de radiokamer wordt met 112 gebeld. 'Komen nu! Het loopt hier verschrikkelijk uit de hand'. Maar zo snel als de rellen ontstonden, zo snel zijn ze ook weer afgelopen. De vier aanwezige politieagenten grijpen niet in, wel krijgen ze versterking van Mobiele Eenheid, die zich buiten het stadion opstelt.

Struis zit ergens in de catacomben. Hij is gevlucht en voelt zich schuldig. Hoe had hij nou over het hoofd kunnen zien dat retrovoetbal ook retrorellen zou uitlokken? Het duurt een poosje voordat hij weer terug durft te gaan naar het veld. Daar wisselt hij een blik van verstandhouding met Leo Oldenburger. Driekwart jaar lang voorbereiding, en dan dit. De wedstrijd wordt hervat, maar de lol is er af.

's Avonds fietst Theo Plasschaert terug naar huis. Ter hoogte van het Planetenplein staan meerdere ME-busjes. Agenten staan te roken in de zon. Normaliter is Plasschaert de rust zelve, maar nu kan hij zich niet beheersen. 'Waar waren jullie nou? Jullie hebben geen flikker gedaan.' Hoofdschuddend hervat hij zijn tocht naar huis. Hij wil nooit meer iets met HFC Haarlem te maken hebben.

Struis en Oldenburger willen niet wijken voor geweld. Ze kondigen extra veiligheidsmaatregelen aan voor de volgende ronde, in Wageningen. Maar als de politie aanwijzingen krijgt dat er opnieuw plannen zijn voor vechtpartijen, nu zelfs met hooligans van Feyenoord en Ajax erbij, trekt de gemeente Wageningen de vergunning in. Vijf dagen na de Haarlem-rellen stuurt Edwin Struis een persbericht rond. De Tweede Divisie is voorbij.

Dit artikel is tot stand gekomen aan de hand van gesprekken met elf personen. De naam Marja van der Laan is op verzoek gefingeerd. Sommige getuigen wilden hun verhaal alleen vertellen op basis van anonimiteit.

Haarlem, 3 juni: een vriendschappelijke wedstrijd tussen veteranen uit het betaald voetbal ontaardt in een grimmige vertoning van vuurwerk en knokpartijen. Beeld Jiri Buller
Haarlem, 3 juni: een vriendschappelijke wedstrijd tussen veteranen uit het betaald voetbal ontaardt in een grimmige vertoning van vuurwerk en knokpartijen.Beeld Jiri Buller

Nieuw! Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over