Reportage

Het is geen wedstrijd, een negenstedentocht is deze keer ook best, vindt Henk Angenent

Het ijs is zo slecht dat Henk Angenent twee steden moet schrappen. Dat geeft niet. Hij heeft de Elfstedentocht al eens gewonnen, en schaatst zelfs een negenstedentocht puur voor de lol. Al is ook dat betrekkelijk, met dat belabberde fondantijs en twee vermoeide knieën. Henk Angenent blijft hoe dan ook laatste de winnaar van de Elfstedentocht.

Henk Angenent negeert een waarschuwingslint en schaatst onder een bruggetje door in Hindeloopen. Slecht ijs dwingt hem twee steden te schrappen Beeld ANP
Henk Angenent negeert een waarschuwingslint en schaatst onder een bruggetje door in Hindeloopen. Slecht ijs dwingt hem twee steden te schrappenBeeld ANP

De ereboog op de Bonkevaart is blauw verlicht als Henk Angenent zondagavond door vier vrienden wordt geflankeerd bij de finish van zijn remake van de Elfstedentocht in 1997. Na 24 jaar is de 53-jarige Angenent nog altijd de laatste winnaar, nu wil hij de magie van de Elfstedentocht nog eens ervaren. Noem het gekkenwerk, op de dag dat de dooi alweer invalt. Maar wanneer hij de finish passeert, voelt Angenent dezelfde euforie als in ’97.

Hij neemt de tijd voor zijn Tocht der Tochten, stopt onderweg voor een kop koffie en eet in Workum pannenkoeken om de brandstof aan te vullen. Toch is de lijdensweg dan al begonnen. Hoofdschuddend pauzeert Angenent in het Zuid-Friese Parrega. Het gaat niet lekker, na een val bij Sloten.

‘Ik knalde met mijn linkerknie op een houten randje in het ijs’, zegt hij. ‘En het ijs is op vele plekken zo slecht dat het moeilijk rijden is. Nee joh, de kwaliteit van het ijs niet te vergelijken met 1997. Dat was prachtig ijs, alleen de wind is hetzelfde.’

De sportman ontwaakte

De zonnebril gaat weer op, met een extra sjaal beschermt hij zijn gezicht tegen de gure wind. Speelt de 53-jarige Angenent niet de rol van Sylvester Stallone als Rocky Balboa op leeftijd, die zich nog één keer wil bewijzen? Nee, zegt zijn vrouw Sannah. De kampioen hoeft hij niet meer te spelen, dat is hij al sinds 1997. Maar toen de vorst inviel en Nederland massaal ging schaatsen, ontwaakte de sportman in Henk Angenent.

Niet dat hij extra heeft getraind, vertelt hij, op de Bonkevaart. Hij fietst graag, schaatst soms een uurtje per week en vertrouwt verder op zijn techniek. Dan mag 200 kilometer bij een Elfstedentocht geen probleem zijn. Maar op dit fondantijs wordt het toch afzien. Zijn vrienden Syb van der Ploeg, frontman van de Friese band De Kast en diens broer Jakob nemen Angenent op sleeptouw.

1997 was voor hen allebei het jaar van de doorbraak, zegt Syb van der Ploeg. Zijn ‘Nije Dei’ werd zo ongeveer het nieuwe, Friese volkslied. En Angenent beleefde zijn ‘Nieuwe Dag’ bij de laatste Elfstedentocht. ‘Wes mar net bang, nea wer bang, it hoecht net mear’, zingt Van de Ploeg ruim 30 jaar later nog steeds. Bij zijn tocht in 2021 hoeft Angenent nooit meer bang te zijn.

Noem het een wedergeboorte

Zondag is het ook geen wedstrijd, aldus Angenent. Noem het een wedergeboorte, de zoektocht naar de winnaar van weleer die in 1997 geen tijd had om te genieten van de bijzondere ambiance. Nu rijdt Angenent speciaal even terug naar het centrum van Dokkum, waar ondanks de coronaregels een vervroegd carnaval is losgebarsten. ‘Ze hadden een aardig bakkie op’, zegt Van der Ploeg. En lachend: ‘En het volk leek de coronamaatregelen even te zijn vergeten.’

In Oudkerk heeft Angenent zelfs een borreltje gedronken, alsof hij stilhoudt bij een stempelpost. Noodgedwongen vallen twee steden af, het ijs tussen Harlingen en Franeker is onbegaanbaar. En in dit tempo is hij niet voor de avondklok binnen.

In Bolsward stapt Angenent gevoelsmatig in de bezemwagen, in Dokkum gaat hij met een grimas op het gezicht het ijs weer op. ‘Zo’n ritje is niet best voor mijn knieën. Ik hoop dat ik nu Leeuwarden haal. En anders is het goed zo.’ En met een bijna weemoedige glimlach: ‘Ik heb de Elfstedentocht al eens gewonnen.’

Natuurlijk is de dynamiek van de echte Elfstedentocht slechts bij vlagen tastbaar. Niet te vergelijken met 4 januari 1997, de dag die het leven van Henk en Sannah Angenent ingrijpend zou veranderen. ‘Al die mensen langs het ijs, het enthousiasme’, zegt Sannah. ‘We hadden nog geen mobiele telefoons, ik zat in een volgwagen en hoorde op de radio dat de kopgroep met Henk voorbij Sneek was. Nu bel ik hem even of alles goed gaat, we hebben niet de wedstrijdspanning van 1997.’

Tijd voor een praatje

In Parrega moet Angenent klunen bij een bruggetje. Maar hij neemt ook de tijd om te praten met een bekende uit de paardenfokkerij, al jarenlang de nieuwe passie van de voormalige spruitjeskweker.

Dochter Bhodi werd in 2006 geboren, zij heeft de beelden van de fameuze eindsprint op de Bonkevaart ontelbare keren op you tube gezien. ‘De opwinding bij de commentator: Angenent of Hulzebosch, Angenent of Hulzebosch, Angenent! Zo mooi!’

Nummer 2 Hulzebosch ontbreekt nu, hij zingt zaterdagavond in het tv-programma Matthijs Gaat Door met flair de schaatsversie van Op Fietse van Skik. Hulzebosch is de clown en de entertainer gebleven, de meer ingetogen Angenent heeft de schijnwerpers ook na zijn koningsrit in 1997 nooit opgezocht.

Op de Bonkevaart klinkt opnieuw applaus voor Angenent, al lijkt zijn finish nu op het roemruchte Pact van Dokkum in 1940 toen de vijf koplopers hand in hand de finish passeerden. Sannah Angenent herinnert zich vooral de gekte in 1997. ‘Al na de finish werden we op de Bonkevaart opgeslokt door een menigte, sindsdien zijn we nooit meer anoniem geweest. Plotseling kende heel Nederland ons.’

Herbeleven

Toch staan 24 jaar later wederom de tranen in haar ogen als ze Henk kust na de finish. Ook al was het een ‘Negenstedentocht’, dit keer hoefde Angenent niet Hulzebosch te verslaan om wederom te winnen. ‘Ik had nu eindelijk de mogelijkheid om die tocht te herbeleven’, aldus Angenent.

‘Al in november was duidelijk dat de Elfstedentocht vanwege het coronavirus niet kon doorgaan. Nu wilde ik nog eens genieten van de tocht. Ik heb onderweg vaak gedacht aan mijn race in 1997. Ik ben blij dat ik het heb gedaan, al weet ik niet hoe ik maandag mijn bed uit kom.’

En glimlachend: ‘Het coronavirus heeft er wel voor gezorgd dat ik volgend jaar mijn 25-jarig jubileum als kampioen van de Elfstedentocht kan vieren. Maar ik hoop echt dat er nog vele winnaars na mij komen. En ik ga lekker de toertocht rijden als het weer kan, wat mij betreft volgend jaar.’

Meer over