Het geheugen even opfrissen

In mijn beschouwingen over de specifieke bestrijdingswijze van de Hoogland-aanval waarvoor oud-wereldkampioen Iser Koeperman, met zijn prachtige winstpartijen tegen Sjtsjogoljev (WK-match 1965) en Agafonov (USSR 1968), ooit de grondslag heeft gelegd, hebt u totnutoe één partij moeten missen die domweg niet mag ontbreken....

Ik doel op het duel dat wijlen Jannes van der Wal en Alexander Dibman, de wereldkampioenen van respectievelijk 1982 en de periode 1986-1987, uitvochten in het internationale toernooi van Kislovodsk 1981.

Het is waar dat deze boeiende partij zo'n kleine twintig jaar geleden ook al in deze kolommen afgedrukt heeft gestaan. Maar het lijkt mij dat er, voor wat de oudere lezers betreft, niets op tegen is het geheugen weer eens op te frissen. En voor veel jonge lezers zal dit wellicht zelfs de eerste kennismaking zijn met wat toch weinig minder dan een historisch treffen mag worden genoemd.

Van der Wal-Dibman (Kislovodsk 1981)

1.32-28 17-22 2.28x17 12x21 3.37-32 7-12 4.41-37 1-7 5.34-29 11-17 6.40-34 19-23 7.33-28 7-11 8.28x19 13x33 9.39x28 9-13 10.44-39 4-9 11.50-44

Het ontstane spelbeeld is vooral bekend van de zwart-partijen van Dibmans opvolger Tsjizjov tegen achtereenvolgens Macodou N'Diaye (WK 1988), Karen van Lith (Hierden 1989) en Gérard Jansen (Harderwijk 1991). Maar doordat Van der Wal al in een vroeg stadium 41 naar 32 heeft overgeheveld, zal Dibman géén gelegenheid krijgen schijf 5 te activeren.

11...13-19 12.39-33 8-13 13.44-39 2-8 14.47-41

Om te verhinderen dat zwart met 19-23x23 het initiatief naar zich toe zou trekken.

14...21-26 15.49-44 17-21 16.28-22 18x27 17.31x22

Misschien niet primair bedoeld om tot aanval te komen (al zal dat wèl het netto resultaat zijn), maar veeleer om de topzware linker vleugel te ontwikkelen. Inderdaad loopt de voorpost op 22 niet het geringste gevaar.

17...20-25

Het begin van een indrukwekkende omsingelingsstrategie.

18.44-40 14-20 19.32-27 21x32 20.37x28 10-14 21.36-31 26x37 22.41x32

Wit lijkt nu uitstekend te staan. Maar Dibman gaat, geruggesteund door een structurele zwakte in het witte achterland (het open veld 44), onverstoorbaar verder:

22...20-24 23.42-37 24-30 24.35x24 19x30 25.46-41 14-20 26.28-23

Een ander bevredigend plan voor wit is vrijwel niet te zien. In elk geval lijkt het schijnoffer dat in de vorige rubriek centraal stond en waarmee Cock van Leeuwen zo succesvol was in zijn competitiepartij tegen Virni (1994), onder de gegeven omstandigheden nauwelijks te realiseren.

Zo zou zwart na 26.41-36 5-10 27.36-31 10-14 28.48-42 in plaats van 28...14-19?! (29.22-17!? enz.) ook heel goed 28...12-17! kunnen spelen. En voor de stand na 26.37-31 5-10 27.48-42 10-14 28.42-37 geldt mijns inziens hetzelfde. Waaraan ik toevoeg dat in beide gevallen 29.33-29? taboe is vanwege de forcing 29...17-21! 30.31-27* 11-17! gevolgd door 31...16x7!, 32...7-11, 33...8-12 en 34...13x35 +.

26...5-10 27.32-28 10-14 28.37-32

Zie diagram 1

28...11-17! 29.22x11 6x17!

Dibman richt zijn pijlen nu tegen de nieuwe vijandelijke voorpost op 23. Die zou na 30.32-27 lelijk in de tang worden genomen via 30...30-35 31.41-37 35x44 32.39x50 20-24! met de positionele dreiging 33...14-20! 34.34-29* 13-18! enz.

Vandaar dat Van der Wal de formatie 32/28/23 zo lang mogelijk tracht te handhaven. Maar aan zijn volgende zet kleven niet minder grote bezwaren:

30.48-42 13-19! 31.32-27 30-35! 32.27-22

Er dreigde uiteraard 33...16-21 en 34...17-22 +.

32...35x44 33.39x50 8-13 34.22x11 16x7 35.41-37 12-17!

Stelt opnieuw de dreiging 36...17-22 + aan de orde maar speculeert bovenal op de fraaie tactische spelgang 36.43-39? 19-24! 37.34-29 14-19!! 38.23x14 17-22! 39.28x17 7-12 40.17x30 25x41 41.14x25 41-46 met een kansrijk, mogelijk gewonnen eindspel.

36.33-29 19-24! 37.38-33 7-12!

Inderdaad mag zwart in dit uitzonderlijke geval de controle over het randveld 16 prijsgeven, omdat wit tòch nooit meer de formatie 36/31/27 in stelling kan brengen.

38.37-32 24-30!

Ter voorbereiding van 13-18, dat momenteel nog niet ging wegens 39.23-19! en 40.34-30 =.

39.43-38 30x39 40.33x44 25-30! 41.45-40 13-18!

Schakelt 42.40-35 uit door 42...20-24! 43.29x20 14x25! 44.35x24 18x20 met schijfwinst, waarbij nog van belang is dat wit na 45.32-27 12-18 niet tot een opbouw met 38-33 en 44-39 kan komen wegens 18-23! +.

42.44-39 30-35! 43.50-44(?)

Hierna staat wit definitief verloren. Alleen met het offer 43.39-33! 35x44 44.50x39 17-21! 45.42-37 20-24! 46.29x20 15x24! 47.23-19! (maar niet meteen 47.37-31? 18x29 48.31-27 21-26 49.28-22 wegens 49...26-31! 50.27x36 14-19! enz. met doorbraak) 24x13 48.37-31 en 49.31-27 kon hij nog voor remise vechten. Maar dat was in tijdnood nauwelijks te zien.

43...20-25! 44.32-27

Na 44.42-37? wint 44...25-30! op slag.

44...9-13

Zie diagram 2

45.38-32

Vanzelfsprekend zouden 45.42-37?? (45...18-22 +) en 45.40-34?? (45...14-20 +) regelrechte blunders zijn geweest. Maar ook 45.38-33 had tot verlies geleid, zoals Van der Wal bij zijn terugkeer uit de Sovjet-Unie met een mooie variant illustreerde: 45...3-8! 46.40-34 17-22!! 47.28x17 12x32 48.23x3 32-38! 49.3x20 15x24!! 50.29x20 38x49 +.

45...25-30(?!)

Een onnauwkeurigheidje. Hoewel de tekstzet niet echt iets bederft, was eerst 45...13-19! 46.42-37* en dan pas 46...25-30! nauwkeuriger geweest. Zo beschikt zwart op 47.40-34 zelfs over de vernietigende dubbel-combinatie 47...3-8!, 48...35-40!, 49...17-22, 50...19x28, 51...12x41, 52...41-46/47 en 53...15x44 +.

46.40-34 13-19 47.34x25 17-22 48.28x8 19x48

Maar dit ziet er eveneens goed uit, temeer daar wit straks niet met 50.2-7? mag vervolgen wegens 50...23-46! en 51...3-9 +.

49.8-2 48x23 50.27-21 23-45?

De aanzet tot een faliekant verkeerd plan. Winst was geweest 50...18-22! Bijvoorbeeld 51.2-11 (ook 51.21-16 22-27 52.2-24 27-31 53.16-11 23-1 54.11-6 31-37 enz. verliest kansloos) 22-27! 52.21x32 23x46 53.44-40 35x44 54.11x50 en nu is 54...3-8! (dreigt 55...46-28 +) 55.50-11/6 8-12! enz., zoals destijds door een lezer uit De Kwakel werd opgemerkt, verreweg het eenvoudigst: schijf 12 kan onmogelijk nog van promotie worden afgehouden!

51.21-17 45-50??

Dit was wat Dibman met zijn vorige zet beoogde. Daarbij rekende de latere toernooiwinnaar uitsluitend op 52.2-11? 50x39/28 53.25-20* 14x25 54.11-6 39/28x11 55.6x13 35-40 +. Maar wit heeft nog een andere mogelijkheid...

52.17-12!!

En Dibman moest in een teleurstellende puntendeling berusten.

Een schlemielig slot. Maar een fantastische partij - daar zal jong en oud het over eens zijn!

Meer over