Het frietkot verovert Amerika

'Eten is een ernstige zaak voor Belgen', schrijft een Amerikaanse reisgids. Wie richting België afreist, moet onthouden dat in dit kleine land 'een ongegeneerde bourgeois-cultuur floreert'....

Jacqueline Goossens was zich daar niet van bewust toen zij in 1980 met vriend Tom in New York neerstreek. Maar al snel voelde de schrijfster zich verplicht 'onze Belgische reputatie van levensgenieter hoog te houden', zo meldt ze in haar vorig jaar verschenen boek De beste straat ter wereld.

'Ik werd stilaan een Vlaamse missionaris van het goede leven die de primitieve inboorlingen tot elke prijs wou bekeren', schrijft de Maldegemse over haar dagelijks leven in Amerika. Bij etentjes zwaaide ze met witlof, pralines, boterwafeltjes, Passendaele en Kriek die ze zelf niet eerder had geproefd.

Tot haar eigen verwondering lijkt haar bescheiden ontwikkelingswerk ten einde nu het ene na het andere Belgische restaurant dan wel frietkot in New York wordt geopend. België is aan een verovering van de vroegere Nederlandse handelskolonie begonnen, 'en de tijd moet maar uitwijzen of het een trend is of een blijvertje'.

Zo'n achttienduizend restaurants worstelen in New York met de vaak onmogelijke opgave om een loyale clientèle op te bouwen. Het zijn vooral de friet, de mosselen en het bier die België op de culinaire landkaart hebben geplaatst. The New York Times stuurde er onlangs een verslaggeefster op uit om de verschillende patatkramen te testen.

Goossens ('ik ben geen frietliefhebber') ontdekte bij haar eigen speurtocht dat de uitbaters van de drie onvervalste frietkotten op Manhattan niet eens echte Belgen zijn. Pommes Frites wordt gerund door een joods meisje uit The Bronx, bij B. Frites hangt een Albanees boven het vet en de eigenaar van Le Frietkot komt zelfs helemaal uit Bangladesh.

De meningen over deze eetgelegenheden zijn eensgezind. Trendsetter Pommes Frites, dat onlangs een tweede filiaal opende, komt er bekaaid af. De wet van de remmende voorsprong lijkt zijn werking te doen. B. Frites is voorlopig onbetwist ranglijstaanvoerder, zoals alleen al blijkt uit de structurele rij met hongerige klanten aan 1657 Broadway.

Eigenaar Skel Islamaj heeft een Leuvense vriendin, die tevens manager is van B. Frites. Islamaj leerde de kneepjes van het vak van twee Belgische meesterbakkers. Een boer in Colorado gaat voor hem Europese bintjes kweken. Islamaj zweert bij de authentieke Vandemoortele-mayonaise.

Naast de simpele friettenten zijn ook enkele typisch Belgische bistro's in New York geopend. Zo is Markt, aan 14th Street, uitgegroeid tot stamcafé van ontheemde Belgen, die zich met de keuze uit twintig bieren, waterzooi, oesters, mosselen en garnaalkroketten in het smakelijke centrum van Antwerpen kunnen wanen.

Niet langer hoeft Goossens aan Amerikanen uit te leggen wat België is. (Antwoord: 'Een kunstmatig, bijeengeraapt landje dat een advertentie plaatste voor een koning.') Ze krijgt gerichte vragen over haar vaderland. Nationalistisch ingesteld is ze allerminst, maar de culinaire explosie heeft haar Belgische ziel gestreeld.

Om die reden voelde Goossens zich toch in de wiek geschoten toen ze Belgo aan Lafayette Street bezocht. Voor twaalf dollar propt de New-Yorkse yup zich er vol met friet, mosselen en bier. Het restaurant is een dochteronderneming van een Londens etablissement dat het interieur van koddige verwijzingen naar de Belgische cultuur heeft voorzien. Op de muur staan 'potverdomme' en 'onnozel' gespeld als 'potverdoome' en 'omnuzel'. Een foto van wielerkoning Eddie Merckx mist de letter c.

Maar de grootste zonde werd begaan toen Goossens friet kreeg met ketchup. Met een luid 'potverdoooome' werd de serveerster de keuken terug ingeblazen. Amai, mayonaise!

Meer over