Het defilé als jaarlijks weerkerend wonder

Luchtmachtkadetten, kloosterzusters, gastarbeiders en vendelzwaaiers liepen mee. En landgenoten in klederdracht, veel landgenoten in klederdracht. 'Het fiere zwart en wit van de boerendansers uit Zeeland en Overijssel, vermengd met het blinkendste goud van de hoofdkappen der Drentse vrouwen.'

Invaliden, zieken en bejaarden alsmede christelijke verenigingen waren welkom, verordonneerde de Baarnse Oranjevereniging in 1969, de organisator van het spektakel. Het COC en de Socialistische jeugd niet, langharigen evenmin.

Duizenden mensen paradeerden door de paleistuin. Het defilé trok een veelvoud aan toeschouwers. Ze kwamen soms al de avond ervoor en posteerden zich voor de paleishekken om ervan verzekerd te zijn als eersten te worden binnengelaten. De meesten moesten genoegen nemen met een glimp van de Oranjes als die aan het slot een ritje maakten dat tot buiten het koninklijk domein voerde. In een open Amerikaanse slee met prins Bernhard aan het stuur.

Velen namen een cadeautje mee, meestal een product van huisvlijt: een schilderij, een gebreide theemutspop, gehaakte pannenlappen, reuzenkrentenbroden of geborduurde zakdoekjes. Er werd wat goedbedoelde rotzooi de treden op gesjouwd.

De opkomst was het grootst in tijden dat Juliana werd beproefd als moeder. In 1957 speelde de Greet Hofmans-affaire, genoemd naar de gebedsgenezeres van wie Juliana had gehoopt dat zij de oogafwijking van prinses Marijke kon verhelpen. Hofmans kreeg zoveel invloed op Juliana dat zij de staatszaken beïnvloedde en de monarchie in een crisis stortte.

In 1964 togen 150 duizend onderdanen naar Soestdijk. Het land was al maanden in rep en roer door de romance van prinses Irene en prins Carlos van Bourbon-Parma. Carlos aasde op de Spaanse troon, en zijn familie wilde Irene inzetten als potentiële koningin.

Eind januari werd bekend dat Irene katholiek was geworden, in februari hadden ze zich verloofd, de dag voor Koninginnedag waren ze in Rome getrouwd. Zonder koningin Juliana en prins Bernhard, de Nederlandse regering had hen verboden de plechtigheid bij te wonen. Het land treurde mee en zorgde met een 'aangrijpende demonstratie van Oranje-trouw' voor de 'bevrijdende anti-climax op de neerslachtige gebeurtenissen'.

Het volk stak de jarige vorstin in 1976 massaal een hart onder de riem vanwege de Lockheed-affaire. De Telegraaf noemde de vliegtuigfabriek niet eens die prins Bernhard een miljoen dollar zou hebben betaald om de Starfighter aan Nederland verkocht te krijgen. De krant bespeurde 'onderliggende spanning en twijfel', maar 'die nam de koningin en met haar de hele koninklijke familie' in twee uur weg. 'Een unieke dag, en eigenlijk heel ouderwets, net alsof er niets aan de hand was.'

In de tijd dat koningin-moeder Emma 's zomers paleis Soestdijk bewoonde, bracht de Baarnse burgerij haar op haar verjaardag een bloemenhulde. In 1937 betrok prinses Juliana het paleis van haar oma en nam de traditie over. Nadat Juliana in 1948 koningin was geworden, groeide het defilé uit tot een nationale oploop van internationale allure. Een Japanse cameraman: 'Dit heb ik nog nooit meegemaakt. Zo dichtbij en zo ongedwongen.' Met het aantreden van koningin Beatrix kwam een abrupt einde aan de mars op Soestdijk; zij kon geen pannenlap meer zien.

De buitenlandse pers verwonderde zich erover dat iedereen op Juliana's verjaardag mocht komen. Het politieoptreden had een hoog Bromsnor-gehalte. Mensen die te lang halt hielden voor het bordes, werden door marechaussee-korporaals gemaand door te lopen. 'Sommigen vergaten even waar zij waren en snauwden: doorlopen. Een opperwachtmeester greep in en zei: heren, denk erom, het zijn geen misdadigers.'

Incidenten waren zeldzaam. In 1968 nam de politie een spandoek in beslag met de tekst: 'Vijfendertig miljoen hongerdoden. Doet u er ook iets aan.' De kreet 'Al wordt ze nog zo oud, ze houdt een hart van goud' voelde de sfeer beter aan. In het roerige jaar 1966, een maand na het huwelijk van Beatrix en Claus, plakte de Haagse beatgroep Provocations op verzoek van de politie zijn naam op het drumstel af.

In Juliana's regeerperiode zijn dertig defilés gehouden. Twee keer werd het afgelast: in 1962 omdat Juliana en Bernhard op Koninginnedag hun zilveren bruiloft vierden, in 1971 wegens het overlijden van prinses Armgard, de moeder van Bernhard. Alle andere jaren ging het door, weer of geen weer. 'Ja, het mag dan koud zijn geweest, de dag van gisteren was er een van warme hulde voor onze jarige Vorstin.'

De Telegraaf trok alle registers open op de periodieke peildag van Oranjetrouw. 'Het defilé is het jaarlijks wederkerend wonder van het koningschap: de warme, spontane, niet in woorden te vangen genegenheid van een volk voor zijn vorstin. Die krijgt duizenden ruikers uit duizenden handen uit duizenden harten bovendien.'

In 1950 riep de krant in een hoofdredactioneel commentaar van een strekkende kolom op de voorpagina op 'onze Koningin vandaag te laten weten dat wij blij om haar zijn - en blij met ons zelve dat wij haar bezitten'.

De Volkskrant ('Het defilé is weer geheel volgens het normale patroon verlopen') kon ook stevig uitpakken. In 1965 kopte de krant over de volle breedte: 'Soestdijk, hart van een hartelijk land.'

Beide kranten beschreven gedetailleerd de kleding van de koninklijke familie. 'Prins Bernhard had zwarte lakschoenen met bungelende kwastjes eraan en de zwagers prins Claus en prins Carl zwarte slippers met gespen.' En: 'Prinses Irene droeg e e turquoise mantelpakje met leren riem, modieus, maar met de rok op de knie. Dit terwijl men haar in buitenlandse bladen toch vaak met kortere rokken ziet gefotografeerd.'

Irene was de lieveling van De Telegraaf. 'Prinses Irene in een vuurrode japon was mooier dan ooit.' In een ander jaar was zij 'weer de mooiste prinses op het bordes'. Haar oudste zus kreeg een sneer: 'Prinses Beatrix droeg een deux-pièce dat haar niet slanker maakte.'

De krantenverslagen lezen als bijschriften in een familiealbum. Compleet met superlatieven (een ritje van prins Bernhard is een zegetocht), contradicties (de massale en intieme hulde), onnozele details (Prins Bernhard wipte zo nu en dan even naar achteren. Om een whisky te pakken, vertelde mij een hofdignitaris) en toespelingen op volkstrekken (De belangstelling was overstelpend, al was de invloed van de btw duidelijk te merken in de bloemenhulde).

De verslagen vertellen flarden geschiedenis van het koninkrijk. 'Toen kwamen de driehonderd Ambonezen, stram in de houding, stijf in het kersvers gestreken khaki in doodse stilte aangemarcheerd; achter hen de vrouwen, sierlijk in sarong en kabaai, de muiltjes tikkend tegen de donkergetinte hiel', schreef de Volkskrant in 1952. Voor de Molukkers was het de eerste Koninginnedag op Soestdijk. Ruim vierduizend Molukse ex-militairen van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger waren in 1951 met hun gezinnen naar Nederland gekomen.

'Hindoestani en Creolen uit Suriname begonnen te dansen en te zingen in hun takki-takki over de jarige vorstin. Nog een paar maanden en ze hebben geen koningin meer', schreef De Telegraaf in 1975, een halfjaar voordat Suriname onafhankelijk werd.

Het defilé was de enige keer in het jaar dat de (nagenoeg) complete koninklijke familie in het openbaar was te bezichtigen. Toen prinses Christina in Canada studeerde, kwam ze trouw over. Ook Irene en haar man waren meestal van de partij. Afwezigheid werd genadeloos geregistreerd. 'Prins Carl Hugo is nu door de Carlisten ook uitgeroepen tot koning en wellicht vond men één monarch voldoende op Soestdijk', noteerde Stan Huijgens in zijn Journaal.

Waren het eerst de prinsessen die alle aandacht op zich wisten, later vormden hún kinderen het middelpunt. In 1968 was Willem-Alexander voor het eerst van de partij. 'Het kleine prinsje drukte neus en lippen tegen het glas, trok aan het gordijn, ging uit zichzelf staan, geeuwde wat en viel na anderhalf uur in een diepe slaap.' Tien jaar later schoot hij met zijn broers en neven propjes naar het bezoek.

En het feestvarken zelf? Zij vond de optocht voor de stoep van Soestdijk, zoals de familie het bordes noemde, een bezoeking. Althans, volgens Juliana, vorstin naast de rode loper (1980). 'Wie haar jaar na jaar zag wuiven op 30 april merkte daar door haar ervaring in acteren niets van.'

Aan het slot dankte Juliana alle deelnemers door beide armen in de lucht te gooien, waarna ze zich weer terugtrok in haar paleis. De deuren werden langzaam dichtgetrokken - als waren ze toneelgordijnen.

Meer over