Opinie

Het CBS staart zich blind op de grote gemiddelden, en mist zo de scheefgroei in Nederland

Is de Nederlander echt veel beter af dan vaak gedacht, zoals het CBS meent? Helaas niet, als je voorbij de ‘gemiddelde Nederlander’ kijkt, schrijven Sander Heijne en Hendrik Noten.

Leraren voeren actie op het Malieveld. Ze willen hogere salarissen en een lagere werkdruk.  Beeld ANP
Leraren voeren actie op het Malieveld. Ze willen hogere salarissen en een lagere werkdruk.Beeld ANP

‘Het idee dat Nederlanders al decennia niet profiteren van de economische groei lijkt onderdeel van ons collectief bewustzijn geworden te zijn.’ Het zijn stevige woorden van de statistici van het Centraal Bureau voor de Statistiek in hun net verschenen studie (Economie, 15 april). Hierin stelt het CBS dat de inkomens van Nederlandse huishoudens sinds 1969 zijn verdubbeld. Opmerkelijk, want in februari 2018 concludeerden economen van de Rabobank nog het tegenovergestelde.

Mensen die zich de afgelopen jaren hebben uitgesproken voor hogere lonen, van DNB-president Klaas Knot en premier Mark Rutte tot het Centraal Planbureau en het IMF, hebben er blijkens de woorden van de hoofd-econoom van het CBS, Peter Hein van Mulligen, weinig van begrepen. ‘Ook bij mensen waarvan je denkt, ‘die hebben er verstand van’, heerst nog vaak een beeld dat niet overeenkomt met de werkelijkheid.’ In de studie noemt hij ons boek Fantoomgroei (2020) en Ontwaak! (2021) van Ewald Engelen als belangrijke aanjagers van de vermeende collectieve misvatting.

Op een hoop

De nieuwe studie van het CBS is een perfecte illustratie van wat er misgaat in onze samenleving. In de grafieken worden alle cijfers van alle huishoudens op een hoop gegooid. Dus het inkomen van schoonmakers en vakkenvullers, maar ook de dividenduitkeringen van directeur-grootaandeelhouders. En dit nadrukkelijk na de uitkering van toeslagen.

Het probleem is dat we, wanneer we ons blindstaren op deze grote gemiddelden, weinig zicht krijgen op de scheefgroei in Nederland. In 2019, het laatste jaar voor corona, stonden alle pilaren onder onze samenleving op het Malieveld te demonstreren. Van de boeren tot de leerkrachten. Van de politie-agenten tot de verpleegkundigen. En van de bouwers tot de boa’s.

En niet zonder reden.

Wie inzoomt op de arbeidsmarkt, ziet waar het aan schort. De werkdruk in de publieke sector is enorm gestegen. De flexibilisering neemt in alle sectoren toe. Een groot aantal flexwerkers kan amper meer rondkomen. Van de freelance journalist tot de Uber-chauffeur. Van de grondstewardess met een 0-urencontract tot de vertaler. We hadden ze afgelopen zondag bij de opnames van het televisieprogramma Scheefgroei in de Polder allemaal in de studio. En we hoefden niet te zoeken om ze te vinden.

Winsten hoger, salarissen niet

Als je kijkt naar de loonquote – dat is het aandeel van het geld in de economie dat naar werkenden gaat – dan daalt deze. Dus de winsten van bedrijven worden, corona daargelaten, steeds hoger, maar de salarissen stijgen niet navenant. Het minimumloon blijft zelfs enorm achter. Bovendien worden de risico’s op ziekten en tegenspoed steeds nadrukkelijker neergelegd bij flexwerkers.

Op de woningmarkt is de toestand zo mogelijk nog schever. Terwijl de Nederlanders met een koophuis – iets meer dan de helft van de bevolking – hun vermogen ieder jaar zien groeien, raakt het bezit van een eigen woning voor huurders en starters steeds verder buiten beeld.

En ja, natuurlijk zijn we gemiddeld rijker dan ooit. En slaat deze rijkdom gemiddeld terug naar alle huishoudens. Maar wat is nog de waarde van een studie naar gemiddelden in een land, wanneer dit steeds minder zegt over het welzijn van haar inwoners?

Andere bril

Als de studie van het CBS één punt onderstreept, dan is het dat we moeten leren om door een andere bril naar onze samenleving te kijken. We hebben in Nederland het punt bereikt waarop miljoenen mensen onvoldoende profiteren van de welvaart die we met z’n allen creëren. Simpelweg omdat we ons te lang in slaap hebben laten sussen door prachtige gemiddelden, die ons hebben bestendigd in het idee dat Nederland een gaaf en volmaakt land is.

Wie op basis van de optelsom van al onze inkomens concludeert dat het ‘goed’ gaat met onze samenleving, ontkent de fundamentele politieke vragen die schuilgaan achter deze cijfers. En erger, het is ook een ontkenning van de mensen die schuilgaan achter deze cijfers. En die mogen we nooit uit het oog verliezen.

Sander Heijne is journalist en auteur van het boek Fantoomgroei.

Hendrik Noten is bestuurskundige en auteur van het boek Fantoomgroei.

Meer over