Het boek van de Tao is een choreografie

Sinoloog Kristofer Schipper vond zijn antwoorden in de Daodejing ofwel Het boek van de Tao. De tekst stamt uit de 6de eeuw voor Christus, maar is nog altijd revolutionair te noemen.

Kristofer Schipper
Taomeester en sinoloog Kristofer Schipper. Beeld Henk Wildschut
Taomeester en sinoloog Kristofer Schipper.Beeld Henk Wildschut

Najaar 1958 kwam ik bij Max Kaltenmark. Hij gaf college aan het Institut des Hautes Etudes chinoises, dat zich bevond in een vochtig en spaarzaam verlicht souterrain van de Sorbonne. Hij was toen de enige sinoloog die zich serieus bezighield met het taoïsme en dat jaar was ik zijn enige student.

Ik wilde begrijpen hoe het kwam dat tijdens de Middeleeuwen, toen onze westerse beeldende kunst vrijwel uitsluitend bestond uit kruisigingen en heilige maagden, Chinese kunstenaars berglandschappen met daarin hoogstens enkele nietige mensfiguurtjes schilderden. Ik was afgestudeerd in de kunstgeschiedenis van China, maar deze kwestie was daarbij nooit ter sprake gekomen.

Kaltenmark luisterde vriendelijk naar mijn vraag maar ging er niet op in. Hij haalde twee exemplaren van Daodejing uit zijn tas: een voor mij en een voor hemzelf. Daarop vroeg hij mij de Chinese tekst van het eerste hoofdstuk hardop voor te lezen en te vertalen. Zoals bekend begint dit hoofdstuk met de stelling dat de Tao (weg) waarover gesproken kan worden niet eeuwig of absoluut is. Het geheel bestaat uit tien zinnen. Die gaven Kaltenmark stof voor een evenredig aantal colleges.

De Daodejing is een klein boekje van ongeveer 5.500 Chinese karakters, verdeeld over 81 korte hoofdstukken. De datum van de samenstelling is niet bekend. Een groot deel ervan bestond al in de 4de eeuw voor onze jaartelling.

De auteur van de Daodejing is Lao Zi (Lao-tsé), die in de 6de eeuw voor onze jaartelling zou hebben geleefd. Lao Zi is echter een bijnaam met twee betekenissen: 'de oude meester' of 'het oude kind'. Voor beide valt iets te zeggen. Soms wordt hij ook Lao Dan genoemd, wat 'oude langoor' betekent. Lange oren zijn een teken dat iemand een lang leven beschoren is. Wie zich achter die bijnamen verschuilt, is niet bekend.

In de Oudheid was het denken van Lao Zi revolutionair en dat is het in zekere zin nog steeds. Volgens hem zit de wereld anders in elkaar dan de godsdiensten en hun theologen het vertellen.

De Daodejing laat zien dat het heelal, en daarmee al het leven van 'de tienduizend dingen', toe te schrijven is aan de natuurlijke evolutie van de kosmische energie (qi). Alles begint met de oer-chaos. De cyclische dynamiek waaraan alles, ook de chaos, onderhevig is, maakt dat deze zich coaguleert en geboorte geeft aan het eerste wezen. (hoofdstuk 25). Dezelfde dynamiek resulteert vervolgens in een differentiatie van twee polen, de negatieve pool (yin) en de positieve (yang). Het samenspel van deze twee als vader en moeder brengt een derde eenheid, het kind, voort. Ze vormen drie elementen: hemel, aarde en water en hun interactie brengt de tienduizend dingen voort.

Taomeester

Kristofer Schipper (1934) is taomeester en sinoloog. In 2014 verscheen bij Atlas Contact zijn vertaling van en toelichting op De Gesprekken van de Chinese wijsgeer Confucius.

In het begin van het tweede semester vroeg Kaltenmark: 'Kunt u nu vertellen wat met 'Tao' wordt bedoeld?' Aarzelend begon ik met: 'Tao is de naam die wordt gegeven aan het transcendente en tevens immanente principe dat ten grondslag ligt aan het heelal... 'en bleef toen steken. Het jaar daarop vroeg Kaltenmark het opnieuw en ging het weer mis. Zo ging het al de vier jaren dat ik bij hem studeerde.

Na de Daodejing lazen we andere boeken, voornamelijk uit de Taoïstische Canon, de gigantische collectie van bijna 1.500 werken waarvan het merendeel buiten China zelden of nooit is bestudeerd. Veel bleek voor ons ontoegankelijk. We vroegen ons dikwijls af of er nog taoïsten bestonden die deze teksten kenden en ze wisten te gebruiken. Uiteindelijk besloot ik naar hen op zoek te gaan.

Dat was in 1962. Twee jaar later vond ik in het zuiden van Taiwan een levende traditie van tempelgemeenschappen en taoïstische meesters. De laatsten kenden dikwijls wel de antwoorden op mijn vragen, maar voelden zich niet geroepen mij in te wijden. Pas na een zekere proeftijd werd ik in hun kring opgenomen en opgeleid in de taoïstische liturgie. Een paar jaar later werd ik geordineerd.

null Beeld MietzeB
Beeld MietzeB

De taoïstische liturgie is een choreografie die gestalte geeft aan de inhoud van de Daodejing. Het altaar verbeeldt een grot, dat wil zeggen: de matrix waar de tienduizend dingen uit zijn voortgekomen. Tijdens de rituele wijding van deze 'plaats van de Tao' (daochang) psalmodiëren de acolieten al dansend de tekst van het 52ste hoofdstuk van de Daodejing: 'De Tao bracht het Ene voort; het Ene, de Twee. De Twee brachten de Drie voort; de Drie de tienduizend dingen.'

Dat is het uiterlijk ritueel; daarnaast is er de innerlijke liturgie, het eigenlijke domein van de grootmeester. Stil, met gesloten ogen, visualiseert hij in zichzelf een landschap met bergen en dalen, dieren en mensen. Langzaam daalt hij daarin af naar de vallei waar zich de Grote Moeder bevindt. In haar Cinnaber Veld (dantian), de plaats van procreatie drie duim onder de navel ziet hij wat hij zocht: een kindje. Het tengere borelingetje is de Waarachtige Mens (zhenren), een hypostase van de Tao en tegelijkertijd mijn ware, meest eigenlijke, ik. Door de kennis van dit kindje komt de eenwording met de Tao tot stand. Ook dat stond al in de Daodejing.

Ieder van ons, ieder van de tienduizend dingen, heeft een eigen Tao. In het innerlijk landschap dat door de vroegere Chinese schilders zo vaak en zo prachtig is uitgebeeld, openbaart zich het onuitsprekelijke, eeuwig subjectieve, zelf. Zoals dat eigenlijk in deze heilige tijd ook hier gebeurt dankzij de epifanie van het kindeke in de kribbe.

Het boek van de Tao en de eeuwige kracht, Atlas Contact; euro 19,90.

Met de eindejaarslijstjes in de hand kun je de boeken kiezen die je nog had willen lezen. Maar misschien nog wel fijner dan te beginnen aan een inhaalactie is terug te grijpen naar dat ene boek dat je al je hele leven met je meedraagt. Dat boek waarvan je vindt dat iederéén het zou moeten lezen. Wij vroegen denkers van 2014 naar hun tijdloze favorieten, hun 'persoonlijke bijbel'. Ter inspiratie en overdenking.

Meer over