Vijf verklaringenStagnerende afname besmettingen

Het aantal besmettingen neemt niet meer af. Ligt het aan tieners, de winter of onze laksheid?

De laatste voorstelling in Theater de Lievekamp in Oss, begin november voordat de theaters vanwege aangescherpte coronamaatregelen weer werden gesloten. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
De laatste voorstelling in Theater de Lievekamp in Oss, begin november voordat de theaters vanwege aangescherpte coronamaatregelen weer werden gesloten.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Het is officieel: het aantal besmettingen neemt niet meer af. Zelfs met de horeca nog op slot is het ‘reproductiegetal’ van het virus weer iets boven de 1 gekomen, de grens waarboven een epidemie niet meer dooft maar groeit. Wat doen we verkeerd? Vijf verklaringen gewogen.

1. Het komt door de middelbare scholieren

De versoepelingen voor december staan ‘op losse schroeven’, zo zei minister Hugo de Jonge het dinsdag, zelfs extra maatregelen zijn weer denkbaar. ‘De daling die we zo goed hadden ingezet, is de afgelopen week gestagneerd.’ Maar waarom?

Opvallend in de weekcijfers die het RIVM gisteren publiceerde: er is één groep waar het aantal besmettingen stijgt. Dat zijn de middelbare scholieren, de groep tussen 13 en 17 jaar. Vorige week raakten er van hen 288 per honderdduizend besmet, de afgelopen week waren het er 370. Bovendien is van de besmettingen waarvan men de herkomst kon achterhalen 8,5 procent te herleiden op het onderwijs. Een paar weken geleden was dat nog geen 5 procent.

Reden om te onderzoeken of het zin heeft de kerstvakantie een week te verlengen, vindt het Outbreak Management Team volgens een gelekt advies. Ook de meeste burgers voelen daarvoor, volgens een peiling. Epidemioloog en kinderarts Patricia Bruijning (UMC Utrecht) pleit intussen voor extra coronamaatregelen op school, zoals meer spreiding van lestijden en hele klassen of scholen testen uit voorzorg – bij kinderen is een corona-infectie vaak niet goed te herkennen.

We onderschatten het effect van de scholen, denkt Marino van Zelst, een Tilburgse promovendus die sinds april de coronastatistieken narekent. Zo wijst hij erop dat de plotse daling van het aantal besmettingen opvallend samenviel met de herfstvakantie. ‘De vakantie en het serieuze maatregelenpakket werden tegelijk ingezet’, zegt Van Zelst aan de telefoon. ‘Daarna kelderde het reproductiegetal R, met een snelheid die iedereen verbaasde. En nu het vakantie-effect weg is, valt het effect van de maatregelen enigszins tegen.’

Maar Bruijning denkt dat er vooral sprake is van een combinatie van factoren. ‘Om nu te zeggen dat de hele afname stokt omdat de herfstvakantie voorbij is, dat geloof ik eerlijk gezegd niet zo’, zegt ze desgevraagd. ‘Ik vind één week vakantie wat kort om zo’n sterk effect te zien. Eerder denk ik dat er sprake is van een combinatie van factoren.’

Wat bovendien pleit tegen het herfstvakantie-effect is dat er geen duidelijk verschil is tussen het noorden, waar de vakantie een week eerder begon, en de rest van het land. In Twente schoot het aantal besmettingen in de herfstvakantie juist omhoog.

2. Het komt doordat de cijfers een verkeerde indruk geven

Het ging zo goed, met de strijd tegen het virus. Van zo’n tienduizend nieuw vastgestelde besmettingen per dag begin deze maand zakte het aantal besmettingen terug naar iets boven de vijfduizend.

En daar is het zo’n beetje blijven steken. In de grafiek waarin de Volkskrant de krimp van het aantal besmettingen bijhoudt, is de teller op nul gekomen: weg afname. ‘We zien in alle regio’s een stagnatie’, zegt desgevraagd ook RIVM-hoofdwetenschapper Aura Timen. ‘En dat betekent dat het niet de goede kant op gaat.’

Gezichtsbedrog? Hoogleraar moleculaire epidemiologie Marc Bonten (UMC Utrecht) sluit het niet helemaal uit. ‘We zijn het zicht op het aantal besmettingen een beetje kwijtgeraakt, onder meer door al die commerciële zelftests’, zegt Bonten. Plus dat onduidelijk is of mensen met klachten zich nog wel trouw laten testen: ook dat kan de cijferreeksen verstoren.

Muurvast zit de situatie inderdaad niet. Zo bleef het percentage mensen dat positief test in de teststraat dalen, van 13,8 procent vorige week tot 12 procent nu. Dat is nog steeds veel hoger dan de 5 procent die de WHO gebruikt als richtlijn om te heropenen. Maar het zijn toch lichtpuntjes, erkent Timen: voorzichtige tekenen dat het nog steeds de goede kant opgaat.

De lakmoesproef komt nog, verwacht Bonten. ‘Als er echt sprake is van een stagnatie, zouden we dat ongeveer volgende week ook in de ziekenhuisopnames moeten zien’, zegt hij. Want tot dusver loopt de bezetting van het ziekenhuis nog precies volgens verwachting naar beneden. Nóg wel.

3. Het komt door laksheid

Het is een indruk die velen hebben: ‘Met elke maand die vordert, gaat de naleving van de maatregelen minder goed. Je merkt het als je op straat loopt en om je heen kijkt’, zegt arts-microbioloog Marc Bonten. ‘Misschien dat de mensen de maatregelen een beetje moe zijn’, is ook de indruk van epidemioloog en kinderarts Patricia Bruijning (Universiteit Utrecht).

Maar harde cijfers voor die stelling ontbreken. In de mobiliteitscijfers van Google, een maat voor waar mensen zich begeven, zijn sinds eind oktober geen grote veranderingen zichtbaar: zo gaan we nog altijd gemiddeld 25 procent minder naar het werk, en gaan we haast de helft minder met het ov.

Ook het lopende gedragsonderzoek van het RIVM biedt weinig houvast. Nieuwe cijfers over hoe mensen zich aan de coronaregels houden, komen pas volgende week, zegt Marijn de Bruin van de ‘corona gedragsunit’ van het RIVM. Maar in oktober was de naleving van allerlei regels in elk geval nog prima in orde: liefst 92 procent zei zich te houden aan het maximum aantal bezoekers, en iets meer mensen dan afgelopen zomer zeiden keurig afstand te houden van anderen.

Maar Timen brengt daar tegenin dat er de laatste weken veel goed nieuws was. ‘Het zou kunnen dat al die positieve berichten toch hebben gezorgd voor meer ontspanning van hoe men zich aan de regels houdt.’

Aan de wetenschap om dat beter uit te pluizen, vindt De Bruin. Hij wijst op een recente, academische kritiek van drie Britse hoogleraren tegen het idee dat mensen de coronamaatregelen ‘moe’ zouden zijn. Áls er al mensen zijn die zich minder goed aan sommige maatregelen houden, betoogt het drietal, dan komt dat steevast doordat de regels niet duidelijk zijn of doordat men de regels niet kan naleven, bijvoorbeeld omdat er gewerkt moet worden – en niet door een of andere geheimzinnige ‘maatregelenmoeheid’.

‘We hebben nog geen bewijs gezien voor de algehele afname in trouw aan maatregelen die kan worden uitgelegd als vermoeidheid’, schrijven de geleerden droogjes.

4. Het komt door de winter

In de winter vieren de luchtwegvirussen hoogtij: mensen kruipen dan dicht op elkaar in droge, slecht geventileerde lucht. ‘Om die donkere maanden samen door te komen zijn er ook nog allerlei feesten bedacht in de loop der eeuwen. Het is om die reden dat wij influenza en RS-virus altijd zien opduiken in de wintermaanden’, constateert hoogleraar klinische virologie Louis Kroes (LUMC).

Dat moet haast wel mis gaan, denkt hij. ‘Over een week of wat kan de huidige stabilisatie gewoon weer een trend omhoog worden volgens het normale patroon. Althans, ik zou daar serieus rekening mee houden, als ik naar de kalender kijk.’

Daar staat echter tegenover dat het virus ook sterk oplaaide in warme gebieden zoals India en de zuidelijke Verenigde Staten, terwijl het virus tijdens het griepseizoen op het zuidelijk halfrond redelijk beheersbaar bleek. ‘We denken dan ook dat er nog niet genoeg bewijs is om te stellen dat sars-cov-2 al een seizoensvirus is geworden’, stelt data-analysefirma GlobalData dan ook.

Anderzijds: volgens een recente studie van andere coronavirussen begint het coronahoogseizoen pas vanaf november of december. ‘Het zal langzaam steeds lastiger worden’, voorspelt Kroes. ‘Nu al gaat bijna niemand meer naar buiten. Dat wordt nog erger, als het gaat vriezen en iedereen kleumend gewoon wel naar binnen moet.’

5. Het komt door te weinig maatregelen

Dat kan ook nog. Dat we de R zonder complete lockdown eenvoudigweg niet nog verder omlaag kunnen krijgen – en dat het huidige niveau van besmettingen het hoogst haalbare is, de situatie waarmee we het onder de huidige maatregelen nu eenmaal moeten doen.

Daarvoor is zeker wat te zeggen. Zo lukte het afgelopen lente met veel drastischere maatregelen ook maar ternauwernood om de R onder de 1 te krijgen. En volgens de schaarse cijfers uit het bron- en contactonderzoek zijn er momenteel nauwelijks besmettingen meer herleidbaar tot feesten, reizen, verenigingen of kerken – een teken dat we behoorlijk voorzichtig doen in onze vrije tijd.

Anderzijds: volgens alle berekeningen van het RIVM zou de R met de huidige maatregelen toch echt net onder de 1 moeten zitten, en niet er net bóven. ‘Het is moeilijk de huidige situatie te interpreteren’, vindt Timen. ‘We weten het gewoon niet precies.’

Lees ook

De Jonge: verlichting coronaregels met Kerst verdwijnt uit zicht
De kans dat de coronaregels rond de kerstdagen tijdelijk worden verlicht, is inmiddels aanzienlijk geslonken: vooralsnog staat de tijdelijke versoepeling waar het kabinet op hoopte ‘op losse schroeven’, aldus minister De Jonge dinsdag. Zelfs een aanscherping van de maatregelen is niet uitgesloten.

Ik had al corona, moet ik dan nog ingeënt worden? En nog vijf knellende vaccinvragen
Ook vaccin nummer drie – dat van Oxford en AstraZeneca – lijkt heel behoorlijk tegen corona te beschermen, blijkt uit nieuwe cijfers. Maar wat zeggen die cijfers precies? En wat als er straks nou een beter vaccin komt, kunnen we de inenting dan nog ‘overdoen’? Drie keer twee prangende vragen.

Hoe weet je of een vaccin tegen corona dat zó snel ontwikkeld is op de lange termijn wel veilig is?
Nu de eerste twee coronavaccins op het eerste oog spectaculair goed werken, dringt zich een nieuwe vraag op. Hoe weet je of zo’n geheel nieuw vaccin, volgens nog niet eerder beproefd recept, op de lange termijn wel veilig is?

In dit dossier verzamelen we de belangrijkste cijfers en grafieken en leest u alles wat u moet weten over het coronavirus.

Meer over