Herstel vertrouwen met beroepseed voor bankiers

Bankiers dienen permanent te worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid door ze te onderwerpen aan een beroepseed, aldus politici, bankiers en hoogleraren....

De manier waarop veel bankiers tot op de dag van vandaag over de crisis spreken, is niet altijd even bemoedigend. Ze zien de crisis graag als een systeemcrisis. Onverantwoorde hypotheken in de VS hebben daarbij als een bananenschil gewerkt. De schuld wordt met deze simplificatie ver weggelegd: bij onverantwoorde hypotheekverkopers, bij rating-instituten, bij gebrekkige toezichthouders of bij al te ruimhartige monetaire autoriteiten in de VS. Men onderkent de eigen verantwoordelijkheid niet. Dat betekent dat onder de crisis ook nog een morele crisis ligt.

Veel analyses van de crisis zullen zonder enige twijfel wijzen in de richting van meer zelfregulering, meer wettelijke regels, uitbreiding van het externe toezicht, beter risicobeheer, een steviger positie voor risicomanagement en compliance officers binnen banken, nieuwe eisen aan bestuurders en commissarissen, aangepaste boekhoudregels, scheiding tussen algemene banken en zakenbanken en inperking van de bonuscultuur.

Het zijn logische antwoorden op tekortkomingen aan de technische kant van bankieren. Maar er is ook nog een andere kant. De menselijke kant met de individuele verantwoordelijkheid.

‘Mijn angst is dat wij denken dat het met betere regels en overheidstoezicht wel goed gaat komen’, zegt Wim van de Donk, voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid in Het Financieele Dagblad van 30 december. ‘Ik mis in de analyses tot nu toe nog te zeer de aandacht voor de morele en culturele dimensie. Het gaat niet om meer toezicht, maar om meer inzicht en oefening in zelfbeheersing.’

De beste manier om banken zelfbeheersing aan te leren, is alle bankiers permanent op hun persoonlijke verantwoordelijkheid aan te spreken. Dat kan door ze te onderwerpen aan een beroepseed of een erecode. Dat gaat een stapje verder dan de gebruikelijke toetsing op moraliteit en deskundigheid door de toezichthouders.

Een beroepseed lijkt misschien een zwaar middel wanneer we bedenken dat er grote verschillen bestaan tussen banken, dat de meeste banken geen verkeerde euro op de balans hebben staan en dat niet elke bank een ongezonde bonusstructuur kent.

Maar als deze crisis ons iets leert, is het wel dat banken behoren tot één grote mondiale infrastructuur en dat de impact van hun handelen groter is dan we ons konden voorstellen. Binnen dat financiële systeem kan een moreel kompas niet worden gemist.

Iedereen die actief is binnen het mondiale financiële regime moet minstens aan dezelfde basisnormen voldoen. De belangrijkste daarvan zijn het besef dat banken primair de belangen van hun klanten dienen, dat ze daarbij rekening dienen te houden met de belangen van alle andere stakeholders, ver weg en dichtbij, en dat bankiers zich niet onmatig verrijken.

De invoering van een beroepseed (of erecode) voor bankiers is natuurlijk niet de hele oplossing, maar wel een onmisbare component van het pakket maatregelen, dat naar aanleiding van deze crisis genomen moet worden. Een eed kan nooit alle misstanden uitsluiten. Hij draagt wel bij aan het aanzien van het beroep en versterkt de morele aanspreekbaarheid van de bankwereld. Een eed zorgt ervoor dat bankiers de morele waarden die bij hun beroep horen beter internaliseren en verdient daarom de voorkeur boven een gedragscode.

Het initiatief voor een internationale beroepseed voor bankiers dient bij voorkeur te komen van de Bank for International Settlements. Die kan de nationale centrale banken opdragen om in eigen land de uitvoering ter hand te nemen.

Nu pijnlijk zichtbaar is gemaakt dat bankiers een essentiële en precaire maatschappelijke functie vervullen, is het noodzakelijk om met de eed het signaal af te geven dat die functie in goede handen is. Als het initiatief om tot een eed te komen vanuit de sector zelf uitblijft, zal de politiek hier het voortouw moeten nemen.

Meer over