Hermans' zure mandarijnen moeten op elke boekenlijst

Hoe raakt iemand geïnteresseerd in literatuur? Meestal wanneer ouders dat soort boeken in de kast hebben staan. Zelf had ik eigenlijk niet veel anders gelezen dan Kuifje, Biggles en Karl May, toen ik op mijn zestiende bij ons thuis de boekenkast inspecteerde. Ik deed dat om geen andere reden dan vanwege de boekenlijst die ik van school had meegekregen. Er was tegenzin, want destijds schaakte ik liever. Dat was opwindender dan lezen.

Max Pam

Ik herinner mij nog dat ik twee boekjes vond van een schrijver die A. Alberts heette: De bomen en De eilanden. Eenvoudige, korte zinnen waren het, maar van een raadselachtige poëzie. Ik had er meteen een nieuwe verslaving bij: lezen. Nog steeds kan ik niet precies navertellen wat mij zo trok in die verhalenbundels. Later heb ik Alberts nog eens opgezocht om hem te interviewen. Omringd door bloemen en planten woonde hij in een poppenhuisje en deed zich voor als een weinig opwindende persoonlijkheid. Een ambtenaar, voor wie het schrijven iets was dat hij er zo'n beetje bij deed.

Zou Alberts nog gelezen worden? Is er nog één middelbare scholier die Alberts op de boekenlijst zet? Ik vrees het ergste en ik vermoed dat de biografie die momenteel over Alberts wordt geschreven daar weinig aan zal veranderen. Laatst las ik dat Kluun, zoals bekend de auteur van een stelletje kuutboeken, ervoor heeft gepleit om de verplichte boekenlijst af te schaffen.

Zeventiende verjaardag

Zelf ben ik blij dat ik nog zo'n lijst heb moeten lezen, want anders had ik een aantal boeken nooit gelezen, waarvan ik nu blij ben dat ik ze gelezen heb. De roos van Dekama bijvoorbeeld, van Jacob van Lennep. Ik voel ik mij zelfs bevoorrecht dat ik het 'kluchtig blijspel' van Pieter Langendijk met de titel Krelis Louwen, of Alexander de Groote op het poeëetemaal heb moeten lezen. Ook weet ik dankzij de dichter Rhijnvis Feith waar Wim Kan de regels van zijn oudjaarsavondlied vandaan haalde: 'Uren, dagen, maanden, jaren, vliegen als een schaduw heen.' Ik wil niet zeggen dat mijn leven incompleet zou zijn zonder deze kennis, maar het is toch mooi meegenomen.

Trouwens, de gedachte van Kluun dat je via Kluun bij Tolstoj terechtkomt, lijkt mij volkomen uit de lucht gegrepen. Via Kluun kom je vooral uit bij kasteelromans en andere modder. Wil je hoog eindigen dan kun je maar het beste zo hoog mogelijk beginnen. De leraar moet niet dalen, maar de leerling moet stijgen, om met Bordewijk te spreken.

Mijn interesse in literatuur kreeg een nieuwe wending toen ik op mijn zeventiende verjaardag van mijn vader een exemplaar kreeg van Mandarijnen op zwavelzuur van Willem Frederik Hermans. Mijn vader had daarvoor contact moeten zoeken met de auteur zelf, want die gaf dit vreemd-vormige boek uit in eigen beheer. Het was keurig opgestuurd. Tussen de titelpagina's lag een collage van een vrouwenlichaam met een hoofd als een ouderwetse grammofoon.

Vergeten schrijvers

Nooit had ik zoiets gelezen, zo agressief, zo genadeloos, zo spitsvondig en zo geestig tegelijkertijd. Het gevolg was dat ik ook Ter Braak las, Gomperts, Adriaan van der Veen en nog vele anderen, al was het alleen maar om na te gaan of Hermans met zijn snerpende kritieken gelijk had. Soms wel, soms niet, maar bijna altijd was hij stilistisch de meerdere, al denk ik over dat laatste niet meer hetzelfde als toen.

Inmiddels zijn het vergeten schrijvers geworden, van wie je je kunt afvragen of het verdwijnen uit het collectieve geheugen aan de schrijvers ligt, of aan het de Nederlandse cultuur, waarin alles wat moeilijk lijkt zo veel mogelijk wordt vermeden.

Aan de andere kant heeft Hermans iets opgemerkt dat natuurlijk ook voor hemzelf geldt: 'Letterkundige kritiek lijkt op sneeuwruimen. Je ruimt iets op dat op den duur ook vanzelf verdwijnt.'

Nog altijd brandbaar (****)

Met sardonisch genoegen hekelde W.F. Hermans in zijn Mandarijnen het 'letterkundige bordeel'. Beleeft de lezer van nu er ook nog plezier aan?

Volledige Werken

Die eerste druk van de Mandarijnen heb ik letterlijk stuk gelezen. Toen ik Hermans later interviewde en hem mijn exemplaar liet zien, reageerde hij met gespeelde verontwaardiging. Sindsdien stuurde hij mij van elke herdruk een exemplaar, voorzien van de vermaning dat ik beter op mijn spullen moest passen.

Over een van zijn slachtoffers schreef Hermans dat die een vergeten schrijver was en dat hij daarom van tijd tot tijd een herdenkingsartikel aan hem wijdde. Om te voorkomen dat Hermans dat zelf overkomt, heeft De Bezige Bij, op voorbeeldige wijze, een geheel geannoteerde heruitgave uitgebracht. Dat gebeurde in het kader van de Volledige Werken.

Mandarijnen op zwavelzuur, wat mij betreft verplicht op elke boekenlijst.

Meer over