Henk lift mee met Sanne Wallis de Vries

Schrijver Henk van Straten stapt elke week in de auto bij een min of meer bekende Nederlander. Een enkele keer neemt hij de tram. Deze week: cabaretière Sanne Wallis de Vries.

Henk van Straten en Sanne Wallis de Vries. Beeld Henk van Straten
Henk van Straten en Sanne Wallis de Vries.Beeld Henk van Straten

Als ik op de bel druk, hoor ik niks. Ik wacht even en kijk naar de gevel van het oude, industriële pand. 'Wijnhandel en limonadefabriek'. Wanneer ik dat sta te noteren in mijn notitieboekje, gaat de deur open en verschijnt Sanne Wallis de Vries. Muts op, warrig haar eronderuit, sjaal om, een beetje verbaasd. Meteen hebben we het over het pand. Zij en haar gezin bewonen de bovenste twee etages; de onderste is meer een loods. Voordat het een wijnhandel en limonadefabriek was, hoorde het bij een Joods ziekenhuis. Hier werden de lijken gewassen en gekist. Pas dan geven we elkaar een hand. Ze kwam niet naar buiten vanwege de bel, want die doet het niet, maar omdat ze net ging pinnen voor de werkster.

We lopen heen en weer naar de pinautomaat. Ik vraag haar naar het ritje van zo dadelijk. Eerst naar de cateraar in IJburg, dan naar Den Haag om op te treden. De cateraar heeft de maaltijden voor de crew. 'Wat voor optreden?', vraag ik. Blijkt dat ze na zes jaar geen solovoorstellingen inmiddels al een tijdje aan het try-outen is. 'Jij leest je niet echt in, of wel, Henk van Straten?' Ze zegt het zoals alleen zij dat kan: met een soort dedain dat, ook al weet je dat er humor in schuilt, lichtelijk onzeker maakt.

Ik moet van haar een piepschuimen doos naar de auto sjouwen. 'Ik zet mannen graag aan het werk', zegt ze. 'Het is niet ver meer, hoor.' En dan: 'Zou grappig zijn als ik je nu helemaal naar IJburg liet lopen.'

De zwarte Citroën C6 zit heerlijk. 'Stoelverwarming', merk ik op. Ze knikt en zegt: 'Ja, alleen kan die niet meer uit, dus soms worden je billen zo warm dat het niet fijn meer is.' Ik vraag of ze voor lange ritten dan altijd een droge onderbroek meeneemt. Zoals dat gaat met comedians: voor je het weet ben je verstrikt geraakt in een soort grapjeswapenwedloop.

Enfin, de nieuwe voorstelling: Gut. Begin maart is de première. Ze was even klaar met avondvullende solovoorstellingen. Er kwamen andere dingen op haar pad. Ze deed mee met het Ro Theater en speelde in de musical Sweeney Todd en de films Mees Kees. 'Ineens met een groep! Met andere mensen! Ik kon wel huilen van geluk.' Maar toen ging ze dubbelen met Theo Maassen (dubbelen is wanneer twee comedians allebei drie kwartier spelen), kreeg ze er weer lol in, realiseerde ze zich dat ze het had gemist en besloot ze een nieuw programma te maken.

Op IJburg worden er bakjes lasagne en salades in de piepschuimen doos geladen. Als ik bij de cateraar informeer naar het reilen en zeilen van hun zaak, zegt Sanne: 'Niet te veel vragen stellen, ik heb haast.'

Dan gaan we een van haar muzikanten ophalen in Amsterdam-Zuid. Sanne neemt de verkeerde afslag en vloekt. We hebben het over haar kinderen en de hond van haar man, een golden labradoodle (de hond, niet de man). Van Sanne had de hond niet gehoeven. Ze heeft haar twee katten al. 'Ik knuffel dat beest ook nooit', zegt ze. 'Maar daardoor lijkt hij zich alleen meer voor me uit te sloven. Zo doe ik dat ook met mijn kinderen.'

We zijn laat. De gitarist staat ergens in de kou op ons te wachten. 'Ik bel even om te zeggen dat we wat later zijn', zegt Sanne. 'Dankzij jou.'

Meer over