Henk lift mee met Kraantje Pappie

Schrijver Henk van Straten stapt elke week in de auto bij een min of meer bekende Nederlander. Een enkele keer neemt hij de tram. Deze week: Kraantje Pappie.

Rapper Kraantje Pappie rijdt in een blauwe Volkswagen stationwagen. 'Afgekeurd', zegt hij. 'Er is in geneukt, gesnoven, alles.' Hij rijdt er al in sinds het begin van zijn succes. Zijn muzikale succes, bedoel ik, want in een ver verleden had hij ook succes met judo. Een judopak zal hij niet meer aantrekken - 'Ik kan dat niet recreatief doen, ik wil dan meteen weer alles geven' - maar één onderdeel van dat kostuum kan hij nooit meer uittrekken: zijn licht vergroeide rechteroor, een bloemkooloor of schrompeloor, ten gevolge van bloedingen in het kraakbeen.

We rijden door thuisstad Groningen. Kraantje (echte naam Alex) moet even naar de stad om zijn vaste tatoeëerder te betalen. De tatoeëerder belde hem: er was een afspraak komen te vervallen en had hij zin? Kraantje liet direct een indiaan en twee adelaars op zijn buik tatoeëren, maar hij had geen geld op zak. Bij tatoeëerders kun je nooit pinnen. Liever cash. Dat is handiger met, eh, de belasting enzo.

Simpele blauwe Volkswagen. Simpele blauwe jas. Gewone spijkerbroek. Sneakers. Donkere, effen trui. De vele tattoos niet te zien. Als je Kraantje niet kent, kun je net zo goed een student als een rapper zien of misschien wel een verkoper van de Media Markt. Zijn accent is subtiel verweven met de taal van zijn oude stad: Rotterdam. Zijn stem is laag en licht raspend. De perfecte voice-overstem. Of, nou ja, perfecte rapstem.

Hij parkeert, steekt een sigaret op en loopt door het centrum van Groningen. Het zijn de dagen voor het verschijnen van zijn nieuwe album: Crane III. Hij wordt begroet. Groningen is voor hem een dorp, dat zie je. 'Lekker, pik!', roept hij lachend naar een man op een scootmobiel die naar hem zwaait. Als hij een dakloze passeert, geeft hij hem 2 euro. 'De krant heb ik al, man!', zegt hij, als de dakloze hem er eentje aanbiedt.

Het album schreef en maakte hij pas in de laatste paar maanden voor de release. De periode daarvoor zat hij vast. 'Ik twijfelde of ik het überhaupt nog wel wilde en kon.' Ook het stramien waarin hij zat, dat van zijn alter ego, zijn personage, benauwde hem. 'Als ik te gevoelig ben of te diep ga, noemt Kraantje me een homo, snap je?' Maar toen ging de creativiteit weer vloeien en maakte hij, naar eigen zeggen, zijn beste album tot nu toe.

Hij betaalt de tatoeëerder en we lopen naar zijn auto. Meer begroetingen. 'Sinds Expeditie Robinson is er een heel nieuwe groep mensen die me herkent.' Dat is fijn voor de carrière, want meer aandacht en meer media. De deelname aan het programma zelf vond hij maar niks. 'Ik zat met m'n hoofd bij het album en ik was eenzaam. Je kiest de mensen met wie je daar bent niet zelf uit, hè.' Hij probeerde zichzelf door zijn teamgenoten te laten wegstemmen, maar ze weigerden. Toen is hij maar gewoon gestopt.

Weer in de Volkswagen. Sigaretje erbij, raampje open. Onderweg naar zijn kapper. Hij wil zijn baard laten trimmen, want later vanmiddag neemt hij een spotje op voor het Nationaal MS Fonds. Een vriend van hem lijdt aan die ziekte.

Ik verwachtte een hippe barbier, maar we stoppen in een woonwijk bij kapsalon Aura. Gewoon, zoals die kapsalons zijn: een tafel met magazines, koffie, stoelen en spiegels. En een eigenares die meermaals tegen me zegt: 'Wel onze naam vermelden hè!' Nou, mevrouw, dat heb ik gedaan, hoor.

Meer over