Heimwee

Ook volwassenen kunnen lijden aan een ziekmakend verlangen naar huis. Heimwee is een hunkering die iemand kan verteren. Volgens de Unhcr is nu één op de 250 wereldburgers vluchteling....

door Judith Koelemeijer

Soms, als hij in bed ligt en ronddoolt in dat schemergebied tussen waken en slapen, kan hij de uitgeverij weer ruiken. De geur van papier en verse letters. De schrijver Adnan Ghoreifi (56) is dan weer even terug in de Iraanse 'Fleetstreet', die straat in het centrum van Teheran waar je alle boekwinkels kunt vinden en alle uitgeverijen. Cafés, intellectuelen, studenten. Hij kwam er vaak, heel vaak. Hij hield van die straat. Het was de straat van de honger naar kennis, de straat van de jeugd. Die straat, die was hij zelf.

Ook nu, op een maandagmiddag in zijn flat vijfhoog in Diemen-zuid, ziet hij de Fleetstreet weer voor zich. Geloof hem, vertelt hij in zijn dichterlijke Engels, hij kan zelfs de aanrakingen van zijn vrienden soms voelen. Een hand op zijn arm in het café.

Twaalf jaar geleden moest hij met zijn vrouw en twee zonen vluchten; hij is nooit terug geweest. Maar hij herinnert zich nog complete discussies, reeds lang geleden uitgesproken zinnen. De mensen die hij in gedachten oproept, lijken licht om zich heen te dragen, meer licht dan op de zonnigste dag. Waar dat vandaan komt? Het komt van de liefde voor die dingen, zegt hij. Een verleden dat niet herwonnen kan worden. Het komt van de heimwee.

Wat is de emotie die wij heimwee noemen? Volgens de Van Dale is heimwee 1) 'het (ziekelijk) verlangen naar de geboortegrond, naar huis, bij verwijderd zijn daarvan, en 2) 'verlangen naar een vroegere omgeving of toestand, of naar hetgeen als bestemming gedacht wordt'. Dat is mooi gezegd, maar wat betekent het? Hoezeer kunnen mensen onder heimwee lijden? En maakt het voor het verlangen wat uit of je vrijwillig je thuis hebt verlaten of gedwongen werd?

Dezer dagen moeten honderdduizenden Kosovaren vluchten. Ze willen zo snel mogelijk naar huis, zeggen de meesten. Hun land is en wordt verwoest, het zal, ook als er vrede komt, nooit meer hetzelfde zijn. Toch verlangen zij ernaar terug te gaan. Een in Nederland gearriveerde Kosovaarse vrouw zei: 'Ik denk elke minuut, elk uur, elke dag aan thuis.'

Heimwee is relatief weinig onderzocht, zegt psychologe Miranda van Tilburg, die vorig jaar promoveerde op deze emotie. Het is een 'Libelle-onderwerp', een gevoel dat door wetenschappers noch therapeuten erg serieus wordt genomen. Heimwee mag al eeuwenlang hartverscheurende en hoogstaande literatuur opleveren; in het dagelijks leven wordt het vaak gezien als een kinderprobleem. Huilen wanneer je bij die afschuwelijke tante uit logeren moet.

Maar niet altijd gaat heimwee vanzelf weer over. Ook volwassenen kunnen lijden aan een ziekmakend verlangen naar huis. Het kan een obsessie zijn, vertelt Van Tilburg. Echte 'heimweelijders' kunnen aan niets anders denken dan aan thuis. Alsof zij hopeloos verliefd zijn. Het is een hunkering die iemand kan verteren. Niet voor niets slaat heimwee meestal op de maag. Heimweelijders kunnen kotsmisselijk worden van verlangen. Daarnaast worden hoofdpijn, een slap gevoel in de benen, slaapproblemen, gebrek aan eetlust, depressies en vermoeidheid gerapporteerd.

Er zijn 'heimweemensen', zegt Van Tilburg, die steevast op de tweede dag van hun vakantie doodziek worden. Ze kunnen niet loslaten, hun dagelijkse routine niet missen. Sommigen richten hun hele leven angstvallig zo in dat ze nooit ver van huis hoeven. Dat zijn de pathologische gevallen. Een studente van wie de collegedeur altijd open moest blijven staan omdat ze claustrofobisch werd bij de gedachte dat de weg naar huis was afgesloten. Een man die een kast van een villa kocht, maar zich daarin totaal ontheemd voelde omdat alles er anders was dan in zijn vertrouwde arbeiderswoninkje. Geen lichtknopje zat op de goede plaats! Hij verkocht de villa, met veel verlies, en keerde tevreden terug naar huis.

Aan heimwee kun je doodgaan. Al in de zeventiende eeuw werd het geval beschreven van een Zwitserse man die in Basel op sterven lag, maar eenmaal thuis in Bern zienderogen opknapte. En in Amerika kwam in de jaren tachtig bij jonge, gezonde Cambodjaanse vluchtelingen opvallend vaak het Sudden Nocturnal Death Syndrome voor. De mannen overleden volkomen onverwacht, midden in de nacht. Heimwee, was de diagnose. Bij de geboorte van een Cambodjaan wordt de placenta altijd begraven op een speciale plek. Wie te ver van die plek vandaan gaat, wil de traditie, verliest zijn wortels. Die wordt ziek.

Het zijn niet de mensen die hij het meest mist, zegt Adnan Ghoreifi. Het zijn de plekken. De rivier waar hij vroeger altijd in zwom, de palmgaarden, zijn ouderlijk huis vol boeken en kinderstemmen, de bazaar, het radiogebouw waarin hij werkte. Ach, liep hij daar weer door de gangen, hoorde hij roepen: Hé Adnan, kop houden, we zijn in de lucht! Hij presenteerde een cultureel radioprogramma. Soms las hij zijn eigen gedichten voor. De mensen praten nóg over hem, vertelt zijn broer.

Vijftig ongepubliceerde boeken heeft hij inmiddels liggen. Hij blijft schrijven, ook al is hij zijn lezerspubliek kwijt. In het Farsi. Zijn personages spreken Farsi in zijn hoofd. Hoe kan hij een Iraanse boerenvrouw in godsnaam gebroken Nederlands laten praten?

Hij wil niet overdrijven, is geen depressieveling, echt niet. Nederland is goed voor hem geweest. Eenmaal elders, zou hij ook weer naar hier verlangen. Het is natuurlijk geen mooi land, het is kunstmatig en heeft een rotklimaat, maar je kunt ook bewondering hebben voor het feit dat Nederlanders hun leven zo prettig georganiseerd hebben, ja toch?

Maar bij elke stap die hij zet, voelt hij die vervreemding. Dat gaat nooit over. Als hij eerlijk is, moet hij zeggen dat hij al die jaren in exil nooit meer diep van iets heeft gehouden. Soms denkt hij dat hij nooit had moeten vluchten. Zelfs als de prijs daarvoor hoog was geweest.

Hoe minder controle iemand heeft over zijn vertrek, hoe groter de kans op heimwee, zeggen de onderzoeksters Van Tilburg en haar collega Elisabeth Eurelings van de Universiteit Leiden. Zij zien ernstige heimwee als een ziekte, - alweer een nieuwe ziekte -, spreken over de noodzaak van 'erkenning', een 'heldere diagnose' en 'behandelmethoden'.

Al blijft terug naar huis de enige echte remedie.

Heimweelijders krijgen nu vaak ten onrechte het etiket 'depressief' opgeplakt, zeggen de onderzoeksters. Of, in het geval van vluchtelingen: 'post-traumatische stressstoornis'.

Bij de Stichting Pharos in Utrecht, waar vluchtelingen met psychologische problemen terecht kunnen, wordt inderdaad nooit de diagnose 'heimwee' gesteld. Het komt in het behandelboek niet voor. Vluchtelingen hebben vaak zulke complexe problemen, dat er misschien voor de heimwee te weinig aandacht is, erkent therapeute Mia Groenenberg. Maar wat zouden ze er ook aan kunnen doen?

Praten willen de heimweelijders, zegt Eurelings, eindeloos praten over wat ze missen en hoe mooi het was. Ze dromen over teruggaan - ook al weten ze soms dat dat niet kan. Ze idealiseren. Ze zijn als exen die de foto van hun oude geliefde expres aan de wand laten hangen.

Heimwee is een verdriet, een verdriet om afscheid nemen, zegt Nico Frijda, emeritus bijzonder hoogleraar in de studie van de emoties. Het is een functioneel verdriet, want houdt de verbondenheid in stand. Wie de foto van zijn ex niet van de muur haalt, heeft het gevoel dat iets van de liefde er nog is, dat de weg terug open ligt. Zo ook koestert de heimweelijder zijn droefheid, want wie is hij als hij volledig afscheid neemt van zijn thuis?

Het is onzin te veronderstellen dat de mens in de 'global village' van vandaag overal zou kunnen aarden, vindt Frijda. Natuurlijk is het waar dat we met z'n allen steeds vaker verkassen, flitsende wereldburgers voelen we ons, maar dat maakt de behoefte aan verbondenheid en een vertrouwde omgeving er uiteindelijk niet minder om.

Want hoe oud is de 'global village' nu helemaal? Het gevoel van heimwee is in ieder geval veel ouder en essentiëler, zegt Frijda. Ja, er zijn romantische zielen als de schrijver Bruce Chatwin, die zeggen dat we als nomaden geboren zijn en alleen in het zwerven rust kunnen vinden, maar daar gelooft hij niet zo in. Een mens hecht aan zijn taal, zijn gewoonten, en heeft doorgaans een hekel aan extra inspanningen en stress. Hoeveel moeite kost het al niet aan een nieuwe taalomgeving te wennen, alle vooronderstellingen die in die taal verborgen zitten te begrijpen? Onze hersenen, zegt Frijda, zijn gevormd in de tijd dat we in Oost-Afrika uit een boom vielen. Ze zijn niet ingesteld op de dag dat we geen paspoort meer nodig hebben.

Inmiddels is, volgens de Unhcr, ongeveer één op de 250 wereldburgers vluchteling. Natuurlijk voelen niet al die mensen zich ontheemd. Velen schieten opnieuw wortel. Maar ook al zijn zij succesvol, krijgen zij nieuwe banen, nieuwe huizen, nieuwe liefdes: de heimwee blijft, zegt de Iraanse antropologe Halleh Ghorafhi. Zij sprak voor een promotie-onderzoek met veertig jonge, geslaagde Iraniërs in Nederland en Amerika. Voelden zij zich thuis in hun nieuwe land? Nooit echt, was het antwoord. Niet in het minst omdat de ánder hen altijd als een vreemdeling bleef zien.

Wie zich niet thuis voelt, droomt zich een bestemming elders. Vluchtelingen verlangen vaak terug naar de tijd vóór die staatsgreep, revolutie of oorlog, de tijd dat hun huis nog thuis was. Want hoe, zegt Ghorafhi, kun je ergens aarden als ook je herinneringen thuisloos zijn?

Ooit hoopt hij weer naar Iran te gaan. Al is het maar voor een paar maanden. Terug naar de Fleetstreet. Zijn beeld is verouderd, natuurlijk, maar hij zal alles herkennen, dat weet hij zeker. Landen veranderen niet snel. Straten ook niet. Toch?

Wie vrijwillig zijn land verlaat, zegt Adnan Ghoreifi, zal altijd dat ene lichtpuntje zien waarnaar hij kan terugkeren. Maar wie moet vluchten en geen thuis meer heeft, raakt verdwaald in het oneindige sterrenstelsel. Die heeft heimwee, maar weet op den duur niet meer waarnaar.

Meer over