Heimwee naar lijden en opwinding

Twee jaar geleden zette Frank Heldoorn (34) een punt achter zijn triatlonloopbaan. De viervoudig Nederlands kampioen uit Huizen werd leraar....

Door Rolf Bos

Helikopters boven de stad, dat is wat Frank Heldoorn mist bij triatlonwedstrijden. Niet dat de atleet van luidruchtig luchtverkeer houdt, maar: 'Zo'n ding is nodig voor een live televisie-uitzending, het geluid ervan veroorzaakt spanning in de stad. Zo van: laten we eens kijken wat er aan de hand is.'

Bij huidige triatlonwedstrijden ontbreekt die opwinding, zegt Heldoorn. Géén helikopter, géén televisie-uitzending, en buiten wat fans, géén publiek. 'Je kunt op de wedstrijddag gewoon door Almere lopen zonder dat je weet dat er een wedstrijd wordt gehouden.'

In de jaren negentig vocht Heldoorn in het Nieuwe Land langs de Gooidijk heroïsche duels uit met Jan van der Marel, meer dan een paar minuten televisiezendtijd leverden deze langdurige gevechten doorgaans niet op.

Met weemoed denkt de sportman wel eens terug aan het tijdperk tot 1994, waarin de Avro urenlange uitzendingen verzorgde over de martelend-lange driekamp. Indertijd scholden de triatleten op het karakter van die reportages - te veel aandacht voor het lijden - de triatlon werd er wél door op de kaart gezet. 'Vraag op straat maar eens naar de naamsbekendheid van de winnaars. Axel Koenders zal dik winnen, Frank Heldoorn niet.'

Twee maanden geleden werd Heldoorn zevende bij het WK lange afstand op Ibiza, de door hem getrainde Sione Jongstra behaalde een derde plaats bij de vrouwen. Maar was er iets van op televisie te zien? Niks, zelfs de uitzending op Eurosport ging niet door, de beeldkwaliteit was te slecht. 'Zo houd je je sport wel klein.'

Heldoorn is geen klager, hij constateert slechts. Voor zijn eigen sportbeleving is de aanwezigheid van camera's onbelangrijk, om de sport 'groter te maken, zijn die camera's natuurlijk wel nodig'.

Hij raakte als jochie gefascineerd door de televisiebeelden van de triatlon van Almere, genoot van de prestaties van mannenals Axel Koenders. 'Iedereen associeert de Bolero met iets heel anders, voor mij is het de muziek die bij de beelden van de triatlon van Almere werd afgespeeld. Ik versleet de video. Toen ik 21 was, en mee mocht doen, heb ik me onmiddellijk ingeschreven.'

Elf jaar later, in 2001, sportte hij voor de laatste keer in Almere. Hij werd derde bij het NK en zette een punt achter zijn lange carrière. Nooit meer dertig uur per week trainen, slechts een paar keer per week lopen. Meer aandacht voor het gezin, een loopbaan in het onderwijs, misschien nog een keer de marathon van Rotterdam.

Maar: 'Begin 2002 kwam de triatlonkalender uit en kreeg ik toch de kriebels. Dat viel samen met mijn besluit om het onderwijs weer uit te gaan. Ik ergerde mij aan de slechte organisatie. Ik heb impulsief ontslag genomen.'

Hij kon bij Tri-Run gaan werken, de twee triatlonwinkels in Almere en Hilversum. 'Dat was vanaf 1 februari 2002, op hetzelfde moment heb ik ook het fietsen en zwemmen weer opgepakt. Vanaf Almere 2001 had ik nul kilometer gezwommen en gefietst, alleen maar hardgelopen.'

Een paar maanden later deed hij weer mee aan een triatlon, die van Stein. 'Ik wilde wedstrijden doen die ik nog niet eerder had gedaan, zoals de triatlon van Embrun, in de Alpen. Stein zag ik als voorbereiding op dat evenement.'

De terugkeer in zijn sport, hij had toen al meer dan 25 lange triatlons 'achter zijn kiezen', viel niet tegen. Na zijn comeback trainde hij 'slechts' twaalf uur per week, maar vond zich, tot zijn verbazing, in Stein bij het fietsonderdeel meteen terug in de kopgroep.

Heldoorn start morgen opnieuw in Stein, waar voor het eerst een NK lange afstand wordt gehouden. Voorheen vond dat kampioenschap plaats in Almere, de stad waaraan Heldoorn zulke goede herinneringen bewaart. Ook daar zullen ze de Huizenaar in september weer zien - zijn naam staat er nog steeds op het asfalt van de fietspaden gekalkt.

Hij noemt zichzelf, met zijn twaalf trainingsuren per week, 'de beste recreant van Nederland, althans dat hoop ik te zijn'. Hij heeft een gezin, een fulltime baan en hij doet aan de triatlon - in die volgorde. Twaalf uur trainen per week, dat is 'sociaal nog net belastbaar'.

Het is wonderlijk dat hij als 'recreant' na zijn zevende plaats bij het WK op Ibiza nu recht heeft op de A-status van NOC* NSF. Daar kwam hij voorheen nooit voor in aanmerking, ook niet toen hij als zevende finishte bij de moeder aller triatlons in Hawaii.

Een recreant kan met twaalf uur trainen per week een lange triatlon redelijk volbrengen, zegt Heldoorn, die ook als trainer op internet ('via e-coaching') actief is. Alleen zal die hobby-triatleet geen zevende worden op een WK.

Heldoorn presteert dat wel en dat is geen kwestie van bijzondere aanleg, zegt hij. 'Ik doe al aan triatlon vanaf mijn achtste. Ik zwom vanaf mijn zesde, liep mijn eerste tien kilometer toen ik zeven was.'

Zijn lijf is 'zo doorgetraind', dat hij daar nu de vruchten van plukt. 'En ik heb altijd goed voor mijn lichaam gezorgd.' Hij weet alles van hartslagmeters ('ik geef mijzelf voor de wedstrijd een hartslagopdracht') en mag hij zich voedingsdeskundige noemen.

'Ik maak een voedingsplan vooraf, want je kunt nog zo goed getraind zijn, met de verkeerde verzorging gaat het lichaam toch haperen.' Het verbaast hem hoe weinig mensen drinken en eten onderweg. 'Het wordt vaak aan toeval overgelaten.'

Maar ook met zo'n goede voorbereiding blijft een triatlon altijd 'een ontdekkingsreis'. Want: 'Je kunt zo'n tocht van acht, negen of tien uur nooit in de training nabootsen.'

Heldoorn, die zelf in de jaren negentig uit 'passie' de voorkeur gaf aan de lange triatlon boven de olympische afstand, meent dat het niet de taak is van een bond om triatleten volledig te ondersteunen. Daarom zegt die behaalde Astatus hem niet zoveel.

'Ik geef wel eens lezingen voor junioren. Ik zegt altijd: zorg dat je weinig faciliteiten krijgt. Ga gewoon naar school, eis geen speciale roosters. Als je alles op een presenteerblaadje wordt aangereikt, dan denk je dat je er al bent.'

Een ander advies aan de jeugd: 'Blijf lekker thuis wonen. Het scheelt een hoop boodschappentijd, je eet gezonder, en je kunt lekker vroeg gaan slapen als je vader en moeder naar programma's kijken waar jij niet van houdt.'

Meer over