Heftige emoties en vól erin

Hij regisseerde talrijke tv-series en won vele prijzen. De Enclave was zijn jongste project. Willem van de Sande Bakhuyzen werkt met veel emotie, en schroomt niet zijn privé-leven in de strijd te gooien....

Maud Effting

OVER het script had hij zo zijn bedenkingen. Het verhaal over de val van Srebrenica was soms te moralistisch en te drammerig, vond hij. Ook de karakters waren af en toe te eenzijdig voor een dramaserie. Dutchbatters? Slecht. Serviërs? Slecht. Moslims? Zielig.

'Dat wilde ik niet', zegt regisseur Willem van de Sande Bakhuyzen (44). 'Ik wilde geen good guys en bad guys. Die Dutchbatters hebben daar ook met goede bedoelingen gezeten. Ik wilde de mensen in hen kunnen herkennen.'

Toch nam hij het script aan. 'Er overkwam me iets wat ik nog nooit had gehad. Bij aflevering 2 barstte ik in tranen uit. Toen dacht ik: jeetje, dit kan heel goed worden.'

In de scène las hij hoe een jongen wiens vader in Srebrenica is vermoord, terugziet hoe hij vroeger altijd naast zijn vader in de vrachtwagen zat. 'Dat hakte er bij mij heel erg in. Dat verlies van onschuld. Een klein jongetje dat ooit vol vertrouwen naar zijn vader kijkt en hem jaren later op zo'n afschuwelijke manier verliest. Verpletterend. Het zal wel met mijn eigen vader te maken hebben, of zoiets.'

Sentimenteel? Nee, zegt Van de Sande Bakhuyzen. 'Ik ben heftig.'

Hij regisseerde de driedelige dramaserie De Enclave (VARA), die vanaf volgende week zondag op tv te zien is. De serie draait om drie mannen die betrokken raakten bij de val van Srebrenica: een Dutchbat-tolk, een Servische oorlogsmisdadiger en de Nederlandse minister Terhoef (lees: Voorhoeve). Het begint met de tolk (Ramsey Nasr) die zijn familie verloor in Srebrenica. Hij raakt geobsedeerd door een verdachte van het Joegoslavië-Tribunaal, omdat hij denkt dat die zijn familie heeft uitgemoord.

De Enclave is drama tegen een historische achtergrond. Geen waargebeurd verhaal, maar de werkelijkheid wordt wel als uitgangspunt genomen. 'Ik heb het verhaal aan een aantal Kroaten laten lezen', zegt Van de Sande Bakhuyzen. 'Om zeker te weten dat ik straks niet hoor: ja, maar zoiets kán helemaal niet.'

Van tevoren verschilde hij soms flink van mening met de schrijvers, Alma Popeyus en Hein Schütz. Over minister Terhoef: 'Ik vond het bijvoorbeeld te makkelijk om hem als een kortzichtige idioot neer te zetten. In de serie heb ik hem wél slim gemaakt. Hij snapt wel degelijk wat er aan de hand is.

'De schrijvers denken af en toe heel essay-achtig. Dan storen ze zich niet zo aan de psychologische lijn van de personages. Ik ben er niet vies van om mensen rare dingen te laten doen, maar een personage moet geen kartonnen figuurtje worden dat een verzameling is van een aantal uitspraken. We hebben elkaar uiteindelijk helemaal gevonden hoor. Maar daar kan ik me dan verschrikkelijk over opwinden.'

Zelf noemt hij dat: 'De emotionaliteit die ik heb, ten aanzien van de dingen.'

Van de Sande Bakhuyzen legt uit: 'Als ik iets maak, moet ik het gevoel hebben dat ik het zelf heb geschreven. Ik graaf me in in een script, ik annexeer het. Ik moet overal achter staan. Als ik het ergens niet mee eens ben, krijg ik het niet in beeld.'

Een imposante lijst met dramaproducties staat op zijn naam. Hij regisseerde Oud Geld, Pleidooi, Bij ons in de Jordaan, Waardenberg & de Jong en de telefilm Familie. Bij veel series werkte hij met scenarioschrijfster Maria Goos.

In zijn carrière régent het prijzen. Bankiersdrama Oud Geld verraste destijds alle critici en kreeg een Nipkow-schijf, een Gouden Kalf en de LIRA-prijs. Voor Familie ontving hij een Gouden Kalf en de Prijs van de Nederlandse Filmkritiek. Ook Bij ons in de Jordaan over Johnny Jordaan werd bekroond met een Gouden Kalf.

Zijn talent? Hij weet van zijn hoofdpersonen complexe, geloofwaardige mensen te maken. De karakters zijn - hoewel soms zwaar aangezet - net echt: ploeterende wezens met intense emoties. Mensen die graag van elkaar zouden willen houden, maar daar telkens net niet in slagen. Aan de buitenkant lijkt het hun best goed te gaan, maar intern worstelen ze. Ze voelen zich mislukt, miskend, kwaad, komen met familie in conflict of praten langs elkaar heen. In de telefilm Familie, over een vader die zijn gezin nog één keer bijeenroept om vakantie te vieren in een Oostenrijkse berghut, komen de karakters nergens tot elkaar.

Misschien lijken de karakters wel een beetje op Van de Sande Bakhuyzen zelf. 'In Oud Geld waren alle personen een soort afsplitsingen van mij', zegt hij. 'Ik identificeerde me heel erg met hen.' Zelf komt hij uit de 'gegoede burgerij': zijn vader was advocaat, en later rechter. Een harmonieus gezin, maar er was wel afstand. 'De contacten zijn wel hartelijk, maar uiteindelijk gaan ze niet zo ver als ik wil gaan in het leven.'

Op zijn zeventiende ging hij rechten studeren , werd lid van het corps, maar na drie jaar vertrok hij naar de toneelschool in Maastricht. Het cultuurtje en het acteren vond hij 'geweldig'. 'Ik had interacties met andere mensen die ik nog nooit zo heftig en hevig had meegemaakt.'

Tot hij na anderhalf jaar van school werd gestuurd. 'Een verbanning uit het paradijs.' Op dat moment bleek hij zélf niet ver genoeg te gaan. 'Ik denk dat ik te rationeel bleef tijdens het acteren. In mijn hoofd bleef ik net iets te veel de spontaniteit controleren.' Hij besloot regisseur te worden. 'Géén gemankeerd acteur.'

In het contact met zijn acteurs gebruikt hij zijn toneelachtergrond en gooit hij 'schaamteloos' zijn privé-leven in de strijd om het maximale uit zijn acteurs te krijgen. Frustraties, relaties, schaamte, onmacht. 'Alles wat ik mee heb gemaakt, gebruik ik. Ik hoop natuurlijk dat acteurs denken: o, dan kan ik óók wel wat laten zien. Als ik met mensen werk, mogen ze vrij veel van me weten. Ik hou niets achter.'

Maar soms communiceert hij bijna niet. Zoals vlak voor de scène in Familie, waar actrice Petra Laseur huilend achter op de scooter in de sneeuw zit. ' We wisten wél dat het extreem zou worden, en dat ze vermoedelijk ongelooflijk hard zou huilen, maar daar ga ik het dan verder niet over hebben. Het werkt niet als ik op zo'n moment tegen haar zeg: luister, het moet wel heel emotioneel worden hoor.' Ook de minutenlange huilscène met Carine Crutzen in Oud Geld repeteerde hij niet. 'We zijn van tevoren schetsend door de scène gelopen.'

Hij eist van acteurs om er 'vol' in te gaan. 'Het is moeilijk werken met acteurs die hun huid willen redden.' Overgave moet. 'Ik ben zelf ook niet bang voor emoties. Het is altijd persoonlijk. Ik zet mezelf nooit buiten schot. Daarom raakt het anderen ook.'

En dat is het probleem van veel Nederlands drama, vindt hij. 'Ik zie veel gemiste kansen. Acteurs die bij dramatische momenten denken: nu ga ik een beetje weglaten, want het is te goedkoop om het vol te doen. En dan zie ik ze weer afstandelijk hun blik op oneindig zetten. Ze houden zich op een slechte manier in. Daar komt het beeld vandaan, dat Nederlandse acteurs knullig spelen. Ze kúnnen het wel, maar dóe het maar eens vol. Speel het maar eens.

'Veel regisseurs zijn bang voor emotie. En voor acteurs. Natuurlijk moet er niet alleen maar larmoyant worden gehuild. En soms is het stilistisch beter om iets weg te laten. Maar er moet balans zijn. Op sommige momenten moet je het drama aangaan.'

Zelf worstelt hij niet zozeer met de begeleiding van acteurs, maar meer met de cameravoering. Hij wil virtuoos zijn. Films maken waarin elk camera standpunt betekenis heeft. 'Ik denk altijd: de shots, de shots.' Daarom probeert hij alles uit. Soms wild, soms statisch, soms dichtbij, soms afstandelijk.

Zijn ambitie is al jarenlang om een grote film te maken. Maar tot nu toe werden zijn projecten steevast afgewezen. Met Familie lukte het hem via de achterdeur. Nu wil hij echt. Maar eerst wil hij erkenning. In de beeldvorming wordt de creativiteit vaak bij de schrijver of de acteurs gelegd, vindt hij. Dan voelt hij zich 'een soort aannemer' die het geheel met redelijk veel smaak in elkaar heeft getimmerd. 'Dat is frustrerend. Mensen denken dat ik simpelweg het script uitvoer en alleen nog maar zeg waar de acteurs moeten staan. Maar ik volg het script helemaal niet. Ik maak het opnieuw.'

Meer over