analyse

Heeft Hamas zijn hand overspeeld bij spanningen in Jeruzalem?

Rookwolken stijgen op boven Gaza Stad, nadat Israël luchtaanvallen heeft uitgevoerd als represaille voor Palestijnse raketbeschietingen.  Beeld AFP
Rookwolken stijgen op boven Gaza Stad, nadat Israël luchtaanvallen heeft uitgevoerd als represaille voor Palestijnse raketbeschietingen.Beeld AFP

Als de spanning in Jeruzalem oploopt, ziet Hamas een kans om zich op te werpen als de beschermer van de Al Aqsa-moskee. De beweging ging ervan uit dat Israël, net als de vorige keren, niet al te hard terug zou slaan. De vraag is of Hamas deze keer zijn hand heeft overspeeld.

De pijn is al zo vaak in beeld gebracht: lichtflitsen boven een donkere stad, gezinnen die in blinde paniek door een steeg rennen, een huilend jongetje bij de begrafenis van zijn vader, de martelaar.

Sinds de zon op maandagavond onderging, zijn er bijna constant luchtaanvallen van het Israëlische leger uitgevoerd op Gaza – en raketaanvallen vanuit Gaza op Israël. Hierbij zouden zeker 26 Palestijnen, onder wie negen kinderen, en twee Israëliërs om het leven zijn gekomen, en vele gewonden zijn gevallen.

Normaal gesproken zou het dinsdag druk zijn geweest op straat in Gaza, vertelt Mukhaimar Abu Saad telefonisch vanuit Gaza. Mensen zouden inkopen doen, feestmaaltijden voorbereiden, verwennerijtjes voor de kinderen in huis halen, want woensdag begint het Suikerfeest. ‘Maar het is stil buiten’, zegt hij. ‘Er zijn bijna geen auto’s, en er lopen weinig mensen over straat. Ik blijf zelf ook in mijn appartement, en mijn kinderen moeten binnenblijven.’

Doelwit

En ook thuis voelt Abu Saad, politicoloog aan de Al Azhar Universiteit van Gaza, zich niet veilig. ‘Ik woon zelf in een gebouw met vijftien appartementen, en misschien verblijft er iemand van Hamas of de Islamitische Jihad, in een van die woningen. Je kunt nooit weten of je eigen pand een Israëlisch doelwit is.’

Israël zegt dat het troepenversterkingen naar de grens met Gaza stuurt en vijfduizend reservisten heeft gemobiliseerd, waardoor gevreesd wordt voor een langer conflict. Sinds de Gaza-oorlog in 2014 is dat niet meer gebeurd: er werden van de Gazastrook wel raketten afgevuurd, en daar volgde ook Israëlisch antwoord op, maar geweld duurde nooit langer dan een paar dagen. Daarna wist de internationale gemeenschap, met Egypte, Qatar en de Verenigde Staten voorop, de partijen weer tot een staakt-het-vuren te bewegen.

De oorzaak van al dat geweld is al decennialang hetzelfde: de open wond van het onopgeloste conflict tussen Israël en de Palestijnen. Deze keer was het de spanning in Jeruzalem die tot een crisis leidde. De manier waarop de Israëlische politie Palestijnen tijdens de ramadan telkens weer terugsloeg, en de ophanden zijnde uitzetting van een aantal Palestijnse gezinnen in Oost-Jeruzalem.

‘Rode lijn’

‘Speel niet met vuur’, waarschuwde Hamas vrijdagavond al, toen duizenden Palestijnen op de Tempelberg met stenen en vuurwerk gooiden en de politie antwoordde met flitsgranaten en rubberkogels. In het weekeinde raakten honderden Palestijnen gewond, en nadat agenten maandag de Al Aqsa-moskee binnenvielen (na Mekka en Medina de heiligste plaats van de islam), stuurde Hamas raketten af op Jeruzalem. Daarmee had de beweging ‘een rode lijn overschreden’, zei de Israëlische premier Benjamin Netanyahu. ‘Wij zullen met kracht antwoorden.’

Wat Hamas bezielde om zulk hoog spel te spelen? De organisatie zag hoe haar Palestijnse rivaal Fatah, die de Westelijke Jordaanoever bestuurt, de afgelopen dagen niet verder kwam dan woedende veroordelingen van het geweld in Jeruzalem. Hamas zag een kans zag zichzelf te profileren, en wierp zich op als de beschermer van Jeruzalem en de Al Aqsa-moskee.

Daarbij ging de beweging ervan uit dat het, net als de vorige keren, bij een paar raketten over en weer zou blijven. ‘Natuurlijk speelt Hamas dus zelf net zo goed met vuur’, zegt Abu Saad. ‘De beweging zit helemaal niet te wachten op een oorlog. Israël is in militair opzicht vele malen sterker, daar kan Hamas nooit van winnen.’

Voor de inwoners van Gaza is oorlog helemaal een schrikbeeld. In het kleine gebied (de Gazastrook is ongeveer 40 kilometer lang en op het breedste punt nog geen 13 kilometer breed) zitten twee miljoen mensen opeengepropt, en ze kunnen geen kant op: langs de grenzen met Israël en Egypte staan betonnen muren en hoge hekken.

Toch verwijten zij Hamas volgens Abu Saad niet dat de organisatie met haar raketten geweld van Israël uitlokt. ‘Mensen hebben zo weinig te verliezen’, zegt hij. ‘Het leven is hier ellendig – mensen zijn arm, hebben geen werk, zijn afhankelijk van voedselhulp. We zitten al zo lang klem in deze afschuwelijke cyclus van geweld. Maar natuurlijk is er tegelijkertijd angst. Er is altijd het risico dat zaken verder uit de hand lopen.’

Meer over