Harde wetten

'Laten we zacht zijn voor elkander', schreef Adriaan Roland Holst. Maar in een zakelijke wereld kan compassie je duur komen te staan, want, schreef een andere dichter 'tussen droom en daad staan wetten in de weg'....

Een ouder echtpaar had de hulpbehoevende broer van de man in huis genomen. Enige tijd later overleed de echtgenoot, maar mevrouw bleef haar hulpbehoevende zwager huisvesten. Van een intieme relatie was geen sprake, maar wel verzorgde zij haar zwager, die af en toe financieel bijsprong. De uitkerende instantie beschouwde mevrouw echter niet als weduwe in de zin van de Algemene Nabestaandenwet. Geen uitkering. Toen zij voor AOW in aanmerking kwam werd zij als gehuwd aangemerkt. Dat betekende een lagere AOW-uitkering. De CRvB bevestigde dit oordeel.

Een andere situatie betrof een dame die op 59-jarige leeftijd was getrouwd met een ernstig zieke oude vriend. Beiden bleven zelfstandig wonen, maar mevrouw kookte enkele keren per week voor haar zieke vriend, inmiddels echtgenoot. Ze deed ook wat huishoudelijk werk en verzorgde zijn administratie. Daarna ging ze naar haar eigen huis. Ook zij kreeg, eenmaal 65, een gehuwden-AOW. Dat vond de CRvB niet juist. De Raad achtte doorslaggevend dat in de relatie tussen de betrokkenen door het huwelijk geen wijziging was gekomen.

Hun intentie was niet op samenleving gericht en dus moesten zij worden geacht duurzaam gescheiden te leven. Deze mevrouw zag zich uiteindelijk niet bestraft.

Maar het is oppassen geblazen. Voor het bepalen van de hoogte van de uitkering staat in vele uitkeringsregelingen het begrip 'gezamenlijke huishouding' centraal. Het voeren van een gezamenlijke huishouding wordt vervolgens gelijkgesteld met gehuwd zijn. Van een gezamenlijke huishouding is sprake als twee personen hun hoofdverblijf in dezelfde woning hebben en blijk geven zorg te dragen voor elkaar. Het huisvestingscriterium wordt feitelijk ingevuld: waar zijn tandenborstel en pyjama? Tot meer discussie leidt het zorgcriterium.

In algemene zin wordt aan het zorgcriterium voldaan als de financi verstrengeling verder gaat dan het delen van de woonlasten. Maar ook als dat niet zo is, kunnen andere feiten of omstandigheden voldoende zijn om aan te nemen dat betrokkenen in elkaars verzorging voorzien. En zo werd voor die aardige mevrouw de zorg voor haar zwager een dure missie.

Ook onder Balkenende lijkt de zorgzame samenleving uitsluitend met de mond te worden beleden. Er staan wetten in de weg.

Meer over