Hans Croiset is kwetsbaar in zijn grandeur

Jefta - of Semitische liefdes van Benno Barnard (naar Vondel) door Het Toneel Speelt. Regie Hans Croiset. In Stadsschouwburg Amsterdam; tournee....

HEIN JANSSEN

THEATER

Hoe maak je Vondel dragelijk voor het theaterpubliek anno 19-zoveel? Dat is de vraag die regisseur Hans Croiset zich al meerdere keren heeft gesteld en die hij regelmatig zelf beantwoordt door Vondel simpelweg te spelen. Zijn regies van Adam in Ballingschap en Lucifer zijn in die zin legendarisch.

Zijn eigen gezelschap Het Toneel Speelt heeft nu Jefta of Semitische liefdes op het repertoire genomen, een nieuw stuk van de Vlaamse dichter Benno Barnard, gebaseerd op Vondels treurspel Jephta. Eerder bewerkte Barnard voor De Blauwe Maandag Compagnie John Drydens All for love zo rigoureus dat in wezen een nieuw toneelstuk ontstond.

Dat is ook het geval met Jefta of Semitische liefdes, waarin Barnard Vondel bijna geheel onder tafel heeft gewerkt. Deze Jefta is derhalve een aangename verrassing - hier is een ijzingwekkende familietragedie in heldere woorden samengevat. De regie van Hans Croiset en het spel van de meeste acteurs is bovendien zo licht dat het een intrigerende voorstelling werd, in plaats van het verplichte avondje loodzware Vondel.

Bij Vondel is hoofdpersoon Jephta een oudtestamentische legeraanvoerder die God heeft beloofd het eerst levende wezen dat uit zijn huis komt, te offeren als hij de oorlog wint. Dat eerst levende wezen blijkt zijn dochter Ifis te zijn. Barnard heeft de handelingen verplaatst naar het heden, ergens in een woestijn in het Midden-Oosten.

Jefta is de leider van de denkbeeldige staat Masfa en belooft nu een overwinningspremie aan zijn militair adviseur. Het eerste meisje dat ze tegenkomen is voor de adviseur, en ook dat meisje is Ifis, Jefta's dochter. Niet alleen Jefta raakt dan aan grote twijfels onderhevig, maar ook Isis groeit in de strijd tussen dood (de belofte van haar vader) en leven (haar liefde voor een hofmeester) uit tot een tragische heldin die zich wat leed betreft kan meten met Ifigeneia en Antigone.

Over deze strijd tussen het persoonlijke en het politieke heeft Barnard een zinderend versdrama geschreven, in een taal die zowel modern is als klassiek-dramatisch. Zijn tekst is soms wat al te barok en doorspekt met overdadige beeldspraken, maar origineel en zuiver is het wel, en zoveel interessanter dan Vondel.

Aanvankelijk zou de rol van Jefta gespeeld worden door Hans Hoes, maar omdat Hoes ziek werd, doet Croiset dat nu zelf. Hij is dus hoofdrolspeler en regisseur en het resultaat van die dubbeltaak is zonder meer indrukwekkend. Croiset heeft een grote uitstraling op toneel zonder dat hij de macho mannetjesputter uithangt. Integendeel, in zijn grandeur is hij op sommige momenten zelfs kwetsbaar. Met zijn fenomenale tekstbehandeling maakt hij ieder woord duidelijk, in stem en lichaam laat hij een prachtige mengeling van zekerheid en vertwijfeling zien.

Jefta is in alle opzichten de voorstelling van Hans Croiset geworden. Naast hem staan een perfect driftige Lou Landré als de adviseur en speelt Sieto Hoving de verlichte rabbijn, die zelfs een paar moppen tapt. De oud-cabaretier Hoving doet dat onnavolgbaar droogkomisch. Alice Reys speelt de tragische Ifis beurtelings als een standvastige jonge vrouw en als het meisje dat haar noodlot probeert te bezweren. Haar sterfscène - pistool tegen het hoofd, en vallen - is in al zijn soberheid symbolisch voor deze heldere voorstelling.

Hein Janssen

Meer over